Ik heb met een andere man gezoend. Hartstochtelijk. Het was tijdens een intiem concert op een romantisch plein in de zwoele middagzon van Malta.
Eenentwintig jaar, twee maanden en vijftien dagen na mijn jawoord raakten mijn lippen voor het eerst die van een andere man dan van mijn echtgenoot. De echtgenoot die ik trouwens voor het eerst zoende op een toneel. Hij was d’Artagnan, ik Constance.
'Ik heb ooit iets te lang naar filmpjes over tradwives gekeken en nu zit ik er middenin'
Daar op dat plein, tijdens die kus, realiseerde ik me hoe lang ik dat al niet meer gedaan had, zoenen met een ander. En hoe verrassend makkelijk het me afging. Ik voelde niets van schuld of aarzeling, alleen maar puberaal enthousiasme. En ook trots op hoe goed ik dat eigenlijk wel niet kan. Zoenen. Volgens mij vond hij dat ook.
Ik moet hier wel vermelden dat ik tijdens dat zoenen wederom een ander speelde.
Dit passievolle moment is volledig vastgelegd op camera voor de eerste bioscoopfilm van John en Kees de Bever. Ik speel daarin de rol van Kyra: en stoere moeder die naar Malta vlucht om aan haar achtervolgers te ontkomen. Het is dus Kyra die daar met volle overtuiging staat te bekken, niet ik. Daarom kon ik me er ook zo in storten. Als ik morgen op datzelfde pleintje zonder camera’s diezelfde acteur zou zoenen zou ik me daar allesbehalve lekker bij voelen. Nu voelde ik me meer dan prima. Fascinerend. Die kus zou feitelijk precies hetzelfde zijn en toch helemaal anders.
Het idee van fictie en werkelijkheid is niet alleen bij mij, maar bij deze hele film een interessant gegeven. John en Kees spelen John en Kees, een half blik BN’ers speelt zichzelf, de andere helft een ander. Er zijn acteurs die Bever-fan spelen, maar ook échte Bever-fans die datzelfde doen. Wie er in het shot dan het dichtst bij John en Kees mag staan bleek nog best een lastige.
'We staan aan de vooravond van een leger huis dan ooit en Bas en ik dagdromen nu al over spontane trips naar Parijs'
Ook voor mijn tegenspeler waren de lijnen tussen ‘echt’ en ‘doen alsof’ soms ietwat verwarrend. Tijdens het concert op dat zonnige pleintje zongen John en Kees hun liedjes, die mijn filmman als rechtgeaarde Bever-fan natuurlijk uit zijn hoofd zou moeten kennen. Dat bleek niet het geval, maar daar had hij wel een creatieve oplossing voor: “Toos, zullen we zoenen? Ik ken dit liedje niet.”
Of dat nou helemaal werkelijkheid was of fictie … ik weet het niet. Maar in dit geval hoef ik dat ook niet te weten.
De première is in februari. Ik heb nu al zin om daar met mijn echtgenoot naartoe te gaan. Ik weet ook al wat ik ga doen als deze scène voorbijkomt: hem zoenen. Heel hartstochtelijk.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Mijn 16-jarige dochter hoorde vrouwen zeggen dat ze het in een relatie vooral belangrijk vinden dat mannen hun rekeningen betalen'















