Mijn moeder is weer up and running. De zes weken hersteltijd na haar operatie zijn nog niet voorbij, maar zelf ziet ze dat anders. Ze heeft lang genoeg rustig aan gedaan. En ze heeft een plan. Ze zint al weken op een verrassingsfeest voor mijn dochter.
Ze baalde als een stekker dat ze er op die twintigste verjaardag niet bij was. Dat ging nog niet. Maar dat haar kleindochter die dag zonder visite en mét een koelkast vol taart eindigde, daar moet iets aan gebeuren. Als ma iets in d’r kop heeft, is ze niet te stoppen. Nieuwe herinneringen maken, wil ze. En snel.
'Overbodig ben ik niet als vader, alleen veel minder onmisbaar dan ik altijd dacht'
‘Wij komen!’ appt ze in commandostijl, als wij net na middernacht op Schiphol zijn geland. Direct na mijn appje aan haar: ‘We zijn er weer.’ Doe ik altijd. Alsof je op je tweeënvijftigste nog steeds even moet doorgeven dat het vliegtuig niet is neergestort. Mijn moeder begint ondertussen te typen. En te typen. En te typen. In de taxi naar huis staar ik naar drie eindeloos dansende WhatsApp-puntjes. ‘Fijn’, verschijnt er als we Weesp al voorbij zijn.
Even later: ‘We komen morgenvroeg. Verrassing, niks zeggen dus.’ Morgenvroeg? Dat is het al bijna. En daarna: ‘We vieren trouwens twee verjaardagen in één. De dochter van mijn zus is jarig. Nu. Oh ja. Net een paar minuten.’ Ook deze jarige verjaart midden in de zomervakantie. Ook zij heeft regelmatig meer taart dan visite. ‘Leuk’, app ik. ‘In Amsterdam? Bij haar?’ ‘Nee. Bij jullie.’ Bij ons? Lichte paniek. Na twee weken Spanje is er thuis weinig meer te vinden. Een halve zak chips, wat diepvriesgroenten en een paar dingen waarvan je na twee weken afwezigheid niet zeker weet of ze zelfstandig de koelkast uitlopen. Niet bepaald de basis voor een verjaardagsfeest.
Cadeaus hebben we ook niet. Ik zet mijn wekker. Een paar uur later spring ik uit bed. Cadeaus kopen. Voor ze er zijn. Ik weet wat ik nodig heb: meerdere cadeautjes. Mijn vrouw is hier de absolute expert. Van haar leerde ik, dat het niet gaat om wat je koopt, maar dat je het aandacht geeft. Met een persoonlijk briefje. Een grapje. Iets waarvan je denkt: hier is over nagedacht.
'Wat me het meest verontrust is dat ik niet begrijp wat hij wil, deze indringer bij het huis van mijn dochter'
Dus struin ik de Action af. Wat geef je een 21-jarige? Een bellenblaas. Een frisbee. Leuk. Een bloemenketting. Grote gouden opblaasbare letters die haar naam vormen. Ik stoom door. Een waterpistool. Een kaartje met een oma achter een rollator. ‘Oude taart’. Ik ga steeds beter. Bij de kassa kijk ik tevreden naar mijn volle mandje. Het straalt misschien uit dat ik geen idee heb wat ik aan het doen ben, maar ook dat ik mijn best heb gedaan. Daarna loop ik nog snel een echte cadeauwinkel binnen en koop een stoer armbandje. Kijk. Toch nog een beetje volwassen.
Mijn moeder appt: ‘Taart neem ik mee.’ Monchou natuurlijk. Heeft ze gehaald bij de banketbakker. Op de fiets. Stilzitten? Lastig. Mijn vrouw zit ook niet stil. Terwijl ik de Action plunderde, haalde zij boodschappen en toverde en passant de tuin om tot feestlocatie voor een Twenty & Twenty-One Dinner. Slingers. Mooi gedekte tafel. Alles erop en eraan. Moeders.
Dan gaat de bel. Mijn moeder staat voor de deur, met mijn vader, met de taart, met haar missie. Even later arriveren mijn zus, neef en nicht ook. Twee verjaardagen in één. Twee verjaardagen die door de zomervakantie bijna stilletjes voorbij gingen. Bijna. Vandaag niet.
'Mijn plek wordt overgenomen door het sympathieke vriendje van m'n dochter, die knul pikt gewoon m'n hele bestaan in'
De tuin zit vol. Filmpjes van vroeger zijn vandaag niet nodig. Geen herinneringen op een scherm om de lege plekken van een verjaardag op te vullen. Dit keer zijn de mensen er gewoon. Er wordt gelachen. Cadeautjes uitgepakt. Verhalen verteld. Nieuwe herinneringen gemaakt.
Onze dochter kijkt om zich heen. Niet meer als het meisje van twee met haar papieren kroontje op een camping in Frankrijk. Niet als de kleuter op Ibiza die haar verjaardagstaart onder het zand werkte. Maar als twintigjarige. En toch zie ik iets van dat meisje terug. Ze geniet. Precies waar mijn moeder zo op gebrand was. Niet die verjaardag opnieuw vieren. Dat kan niet. Maar wel laten voelen: we zijn je niet vergeten. Deze keer gebeurt precies het tegenovergestelde van vier weken geleden.
Aan het einde van de middag is de taart op. Helemaal. Mijn moeder kijkt tevreden naar de lege schaal. Ik kijk naar mijn moeder. Ze oogt moe. Up? Ja. Running? Nog niet helemaal. Maar ja, als een moeder iets in d’r kop heeft …
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'We kunnen naar Mars, maar vrouwen net zo snel op een wc krijgen als mannen is blijkbaar te ingewikkeld'

















