Onnodig wachten is vreselijk. Zeker op een heet Barcelona Airport. Mijn oog valt op iets waar niemand zich druk over lijkt te maken: de lange rij voor het vrouwentoilet.
Hoezo kan dat nog? Het is 2026. Kom op, zeg. Bij de mannen kan ik in één ruk doorlopen om te plassen. Mijn vrouw en dochter sluiten noodgedwongen aan in een rij met dertig vrouwen. Dertig.
Ze wachten geduldig. Best knap. Want als je nodig moet, is wachten verdomd lastig. Een aantal wiebelt wat heen en weer, hopt van het ene been op het andere. We kunnen naar Mars. AI neemt razendsnel onze wereld over. Zelfsturende auto’s zijn niet ver meer. Maar vrouwen net zo snel op een wc krijgen als mannen is blijkbaar te ingewikkeld.
'Mijn plek wordt overgenomen door het sympathieke vriendje van m'n dochter, die knul pikt gewoon m'n hele bestaan in'
Zet dertig mannen met hoge nood eens zolang in de wacht. Dan heb je de poppen aan het dansen. Als mijn vrouwen eindelijk terugkomen, lopen we richting security. Na een labyrint van gele linten sluiten we aan in, jawel, een nieuwe rij. De security jaagt ons erdoor alsof er ergens een verborgen timer loopt. Leuk is het niet, wel snel.
“Go, go, go.” Bakje pakken. Riem af. Alles uit je zakken. Van keurig op je beurt wachten is hier geen sprake. De man achter mij grijpt zijn kans als ik een klein gaatje laat vallen en schuift zijn bakje tussen dat van mijn dochter en mij. “Voorkruiper”, briest dochter. “Doorlopen”, commandeert de security. Even vraag ik me af of dit bij de toiletten zou werken. Niet dat voordringen, maar zo’n Spaans commando-type bij de ingang. “Plassen. Nu. Venga, venga.”
Na de securitychaos komen we even bij met koffie en water. Niet veel later moet er opnieuw geplast worden. Mijn pitstop duurt twintig seconden. Vrouw en dochter zijn dik tien minuten kwijt. Met wachten. Bij de gate vormt zich de volgende file. Het boarden begint bijna. Per zone.
‘Blijf rustig zitten tot jouw zone aan de beurt is’, wordt omgeroepen. Binnen twintig seconden staat bijna iedereen. “Moeten wij ook?” vraagt dochter.
“Nee”, zegt mijn vrouw. “Wij staan al genoeg. En ons vliegtuig is er nog niet eens.”
'Die puffende docenten krijgen het allemaal op hun bord. En toch staan ze er, weer of geen weer'
Mijn toiletideeën vliegen inmiddels alle kanten op. De toiletten per zone indelen? Zone 1 voor plassen. Zone 2 voor als je meer tijd nodig hebt? Mijn vrouw en dochter maken van de drukte bij de gate gebruik voor een laatste toiletbezoek. Slim. Nu iedereen hier staat, is het daar rustig.
Na meer dan een kwartier komen ze terug. Niet dus. Aan boord vormt zich al snel een nieuwe opstopping. In het gangpad voor de wc. “Zie je”, knikt mijn vrouw. “Nu moeten mannen ook eens wachten voor de plee.” Dochter lacht. Gedeelde smart, dat klopt. Maar het toilet gemengd maken blijkt niet de oplossing. De rij is er niet minder om.
In de aankomsthal stap ik een verlaten mannentoilet in. Je raadt het al: als ik terugkom, staan vrouw en dochter … te wachten. Niet op mij.
Op een vrij toilet. Ik voel met ze mee. En ik begin patronen te zien. Bij de mannen: drie afgesloten wc’s en daarnaast een stuk of twintig urinoirs. Bij de vrouwen: zes wc’s. Allemaal met een deur. Haal de helft van die wc’s weg. Zet er een stuk of twintig vrouwvriendelijke urinoirs voor terug. Niet zo’n mannenbak natuurlijk. Iets lager. Een wc-bril erop. Tussenschotje voor de privacy. Door een vrouw ontworpen.
Je loopt naar binnen, doet wat je moet doen, je loopt weer naar buiten. Geen rij van dertig, geen tien minuten wachten, geen heen-en-weer gewiebel. Goed idee? Ik weet het niet. Misschien leest iemand die bij de TU Delft werkt dit. Of desnoods Elon Musk. Die stuurt ons tenslotte naar Mars.
Weg met de rij voor het vrouwentoilet, en snel een beetje! Dat scheelt mij ook wachten.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Nee zeggen lukt mij niet. Ik zeg ja. Ook tegen een onbekende op het strand'















