Kinderen grootbrengen is één ding. Ze loslaten? Een heel ander verhaal. Jurgen (51) – filmmaker, vader en LINDA.-columnist – neemt je mee in het avontuur van het uitvliegen. Met humor, verwondering en een tikje weemoed.
Iedereen is wel ergens bang voor. Voor spinnen bijvoorbeeld. Voor muizen, hoogtes of erger nog: een bekende tegenkomen in de sauna. Mijn angst heeft deuren. Automatische deuren. Die dichtschuiven. En daarna niet meer open lijken te gaan. “Pap, stap nou gewoon in.” Zoon sprak me moed in, vorig jaar tijdens ons tripje naar Madrid.
'We weten alleen dat ze ergens rondzwerft tussen studentenhuizen, opdrachten en groepsdruk'
We verbleven in een prachtig hotel. Tenminste, dat vermoedde ik. Mijn hoofd was vooral bezig met iets anders: de lift. Op de foto’s op de website oogde dit als een hotel met hooguit vier verdiepingen. Perfect. Bij aankomst telde ik er achttien. Shit. Binnen meldde de receptionist dat we een upgrade kregen. Hij straalde. “One of our best rooms!” Iedereen blij. Behalve ik. Ik voelde nattigheid en probeerde enthousiasme te veinzen. “Oh joh, dat hoeft helemaal niet”, stamelde ik. Wat ik bedoelde was: hebben jullie ook een bezemkast op de begane grond? Mijn zoon keek me aan. “Ja hoor”, zei hij. “We take the room.”
De kamer bleek op de veertiende verdieping te liggen. Voor de meeste mensen betekent zoiets een room with a view. Voor mij veertien verdiepingen lift. Veertien. Mijn liftfobie ontstond ooit op vakantie in Zuid-Frankrijk. Ik was een jaar of vier en rende zomaar een lift in. Hop, en daar ging ik. Omhoog, alleen, mijn ouders verbouwereerd achterlatend. De lift steeg, rammelde even en stopte abrupt. Hoelang ik vastzat, weet ik niet meer. Waarschijnlijk kort. In mijn hoofd duurde het jaren.
Gek hoe zoiets werkt. Je kunt honderden keren probleemloos in zo’n ding staan, maar dat ene moment blijft hangen. Alsof je brein besluit: dit slaan we op, hier gaan we nog vaak op terugkomen. Jarenlang bedacht ik er creatieve oplossingen voor. Zoals mensen met angst doen. Door eromheen te werken. De trap nemen. Een lagere verdieping boeken. Doen alsof ik beweging belangrijk vind. Alles beter dan die lift. En er niet over praten. “Je bent bang voor die lift hé?” Zoon prikte feilloos door mijn gehannes heen. “Klopt.”
'Oplossingen aandragen. Als vader was dit tot voor kort mijn favoriete bezigheid'
Angst verstoppen is zinloos. Ik weet het. Alsof je het kleiner maakt door het niet te benoemen. Dat werkt ongeveer net zo goed als een strandbal onder water duwen. Op een gegeven moment schiet hij toch omhoog. “Hoe krijg ik je wel die lift in?” Goede vraag. Na wat onderhandelen kwamen we tot een compromis. Als er onderweg andere mensen zouden instappen, mocht ik eruit.
En naar beneden mocht ik met de trap. Geen discussie. Deal. Ik stapte in. Met spanning. Veel spanning. De deuren sloten. En er gebeurde waar ik bang voor was. Niks. De lift bewoog niet. Mijn hartslag wel. Tot zoon naast me droog opmerkte: “Volgens mij moet je eerst je kamersleutel tegen dat scherm houden.” Piep. De lift kwam tot leven. Zoefde pijlsnel veertien verdiepingen omhoog. Gelukt. Niet dat mijn angst nu weg was. Want dat was-ie niet. Maar het bespreekbaar maken was krachtiger dan wegdrukken.
Zoon reist momenteel door Indonesië. Duikt in de oceaan. Snorkelt langs riffen. Zwemt met mantaroggen. Vaart op bootjes waarvan ik de veiligheidsvoorschriften liever niet lees. Gek genoeg ben ik daar nauwelijks bang voor. Of nou ja, minder dan je zou verwachten. Dat komt door hem. Door ons gesprek in Spanje. Hij leerde me dat je paniek niet moet wegdrukken. Niet bevechten. Niet doen alsof het er niet is. Paniek komt in golven, zei hij. Je kunt proberen zo’n golf tegen te houden, maar dan wordt-ie vaak alleen maar groter. Beter is het om ‘m te laten komen. En weer te laten wegrollen.
Ik denk daar nog vaak aan. Bij een lift. Voor een lift. In een lift. Of als ik toch de trap pak. Of thuis, als mijn vrouw in paniek is. Omdat er een joekel van een spin op de bank zit. Sommige lessen leer je van je kinderen. Dat blijft misschien wel het vreemdste onderdeel van ouder worden.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Als onze kinderen thuis slapen wil ik dat ze zich melden, ik slaap pas als ik weet dat iedereen binnen is'


















