Dubbelinterview

Roeland & Loes: ‘Relatietherapie is echt een aanrader, het maakt je als koppel sterker’

Ook toevallig: acteurs Roeland Fernhout (54) en Loes Haverkort (45) hebben allebei hun leven lang al het gevoel dat ze nergens bij horen. “Zijn wie je wil zijn en dat dat genoeg is: daar heb ik behoefte aan.”

Roeland: “Loes, eerst even zakelijk: wat heb jij te verkopen?”
Loes: “Oh nou, ik ben dit najaar via Netflix te zien in serie De Eetclub, in september gaat Acht Dagen in première, de korte film die ik regisseerde. En ik maakte een fotografieboekje, Troost.”
Roeland: “Dat laatste wist ik: mijn lief zei al dat jij zo goed kunt fotograferen. Waarom is de titel Troost?”
Loes: “Ik was twintig toen mijn vader overleed en pas rond mijn veertigste stond ik écht stil bij zijn dood. Ik was toen twintig jaar zonder hem geweest en twintig jaar mét. En realiseerde me dat ik niet alle stadia van rouw had doorlopen. Ik was bijvoorbeeld nooit boos geweest.”
Roeland: “Het zijn vijf stadia, toch?”
Loes: “Ja, en ik geloof niet dat je ze lineair afwerkt, je vliegt eerder heen en weer tussen ontkenning, boosheid, depressie, onderhandelen en acceptatie. Toen het gebeurde, schoot ik al snel in de fase van: tsja, je hebt het niet voor het zeggen in het leven, dingen gebeuren, dat moet je maar accepteren.”
Roeland: “Waaraan is je vader overleden?”
Loes: “Aan zijn hart. Hij had al eerder een soort hartaanval gehad, een paar jaar later een hartinfarct en een bypassoperatie. Maar wij dachten dat hij de vijftig wel zou halen. Nee dus, hij was 49 toen mijn moeder me ’s nachts belde en zei: ‘Het is zover.’
Pas toen ik zelf veertig werd, bedacht ik dat hij op die leeftijd al wist dat hij hartproblemen had. En er dus als vader van twee jonge dochters óók voor had kunnen kiezen om zijn bourgondische leven wat aan te passen. Eíkel, dacht ik toen, waarom heb je dat niet gedaan? Maar ja, hij hield zo van lekker eten, wijn drinken en altijd reuring om zich heen. Waarschijnlijk heeft hij zelf gedacht: als ik toch vroeg ga, wil ik er wél van hebben genoten.”
Roeland: “Mijn vader overleed onlangs, hij werd 88. Hij leefde heel gezond en toen kreeg hij leukemie. Dat je dood moet, is ontzettend akelig. Aan de andere kant zou het leven niets waard zijn als we niet doodgingen. En mijn vader heeft een vijfsterrendood gehad: hij overleed thuis, in zijn eigen bed, met zijn vrouw naast zich.”