Het is een ongeschreven regel dat je als Almeerder op eigen initiatief zo snel mogelijk uitlegt waarom je dat in godsnaam vrijwillig bent gaan doen. Ik woon in Almere en ik schaam me. En terecht.
Of toch niet?

Het is een ongeschreven regel dat je als Almeerder op eigen initiatief zo snel mogelijk uitlegt waarom je dat in godsnaam vrijwillig bent gaan doen. Ik woon in Almere en ik schaam me. En terecht.
Of toch niet?
Zodra de woonplaatsvraag wordt gesteld, verander ik automatisch in twee persoonlijkheden. Als intro houd ik ongevraagd een autobiografisch verhaal op. Over dat ik in Amersfoort ben geboren en wel tien jaar in Amsterdam heb gewoond. Zowel kinderloos met partner als rasechte huiseigenaar met twee kinderen. Alsof ik wil benadrukken dat ik wel degelijk toerekeningsvatbare jaren heb gekend. Dat ik mijn strepen heus heb verdiend. Een strategie die de belachelijke Almere-keuze wellicht ietwat verzacht.
Na deze langdradige introductie ga ik er met gestrekt been in. Ik haal Almere volledig door het slijk. Oprakelen dat je er niet dood gevonden wil worden, dat ik het niemand aanraad, dat Almere het hart is van tuig, treurige outlets, lege panden, slaapwijken, all you can eat-sushi en opgevoerde fatbikes.
Mijn andere persoonlijkheid geef ik vervolgens ook spreektijd. Ik houd een betoog waarom het zo fijn is om hier te wonen. Plotseling pochen over mijn weelderige grote mensen-woning. Over mijn fantastische buren en onze spraakmakende straatborrels en de hechte barbecueband die we inmiddels hebben opgebouwd. Dat de kinderen zóóó gelukkig zijn hier, nu ze vrij buiten kunnen spelen zonder trams die ze het zebrapad afblazen.
Dan volgt een heel pr-verhaal over de “hippe” Amsterdamwaardige tentjes die “wij” (Almeerders) hebben. “We hebben hier ook matcha.” Ik top deze ongevraagde lofzang af met hoe dichtbij ik bij Amsterdam woon. Ik hoor het mezelf zeggen: “We wonen aan de goede kant hoor. De Amsterdam-kant. Binnen twintig minuten ben je in Oost.” Oost ook echt, om te demonstreren dat ik best “oost” mag zeggen als ex-Amsterdammer.
Jamie Li over monteurs in huis: 'Je bent tóch alleen thuis met een onbekende vent'Lees ook
Wanneer ik merk dat de gesprekspartner openstaat voor meer gezwets, ga ik voor de extra’s. Zie het als extra toppings op een poké bowl. Voeg ik nonchalant toe dat ik in Almere ben opgegroeid. Dat die keuze Almere dus ongelogen een weloverwogen, verantwoorde, rechtmatige beslissing is geweest. Mocht ik nog steeds ruimte voelen, houd ik een optioneel betoogje over dat je anno 2026 flink wat moet neertellen om huiseigenaar in Almere te worden. Zo van: kunnen jullie allemaal Almere de grond in boren, maar probeer hier maar eens een grondje te bemachtigen. Onbetaalbaar.
Samenvattend: begint iemand over Almere, verander ik in een onuitstaanbare, tegenstrijdige, kapsonestrut, die eigenlijk hartstikke zoekende is en Amsterdam ongelooflijk mist. En zich hoogstwaarschijnlijk nogal schaamt dat ze in het karakterloze putje van het land is beland.
Al die rommelige argumenten bij elkaar kun je prima paniekvoetbal noemen. Waarom gedraag ik me toch zo raar als het om mijn woonplaats gaat? Ik ben ook niet de enige, merk ik vaker op. Ik zie andere Almeerders hetzelfde doen: immer op eigen houtje verdedigen waarom je er woont plus lukraak je Amsterdam-verleden oprakelen.
Hoe dan ook, ik blijf hier voorlopig wel even zitten. Al is het alleen maar omdat ik inmiddels te diep in mijn eigen verdedigingsverhaal zit om nog terug te kunnen.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
Jamie Li heeft sportvrees: 'Zelfs bij bejaardenzumba voor niet-gevorderden val ik door de mand'Lees ook
Jamie Li is schrijver, presentatrice en influencer en schrijft maandelijks voor LINDA.nl. Van modetrends tot ouderschapsperikelen. Jarenlang maakte ze vlogs en interviewprogramma’s op haar eigen YouTube-kanaal, en werkte ze vijf jaar als lifestyle journalist voor glossy tijdschriften Grazia en Beau Monde. Ze schreef bestseller Sexy, but tired. But sexy en tweede boek No Filter.





