“Ga even zitten.” Mijn amour du jour, de man met wie ik nu zo’n twee jaar gelukkig ben, kijkt me aan. Zijn irissen zijn groot en donker. Zijn gezicht staat emotieloos. Of zie ik een flard strengheid?
Het liefst loop ik nu de woonkamer uit, weg van de zachte bank en de plek waar ik me altijd zo veilig voel. “Kopje thee erbij?” Ik probeer tijd te rekken, maar hij schudt nee en gaat tegenover me zitten op de salontafel.
Amber: ‘Hij is niet meer de lekkere man waar ik trek in had, maar een vader met een smoes die bijna op is’


















