Mijn oudste dochter sliep na wat opstartproblemen redelijk vlot de nachten door. Haar zusje leek nog sneller te begrijpen wat het verschil tussen dag en nacht was. Maar net op het moment dat ik begon te denken dat dat met mijn geweldige opvoedkunsten te maken had, kwam zusje nummer drie.
En die deed het allemaal anders.
'Mijn dochter van 19 gaat backpacken in Thailand. Zij heeft daar heel veel zin in, ik niet'
Ze hield ons hele gezin nachtenlang wakker. Ze zal nog geen twee zijn geweest toen ik er op een avond helemaal klaar mee was. “Okee”, zei ik tegen mijn hummeltje, “dit gaan we niet meer doen zo. Ik heb ook een leven, ik wil eindelijk ook weer eens gewoon slapen ’s nachts. Dus, hier is een extra speen, daar ligt er nog één. In deze hoek staat een flesje met water, aan je voeteneind staat er nog één. Je bent in bad geweest, je hebt een schone luier, we hebben een boekje gelezen, we hebben geknuffeld en gezongen, het is klaar nu. Mocht je vannacht wakker worden, dan draai je je om en dan slaap je door. Tenzij je moet spugen of wakker wordt in een bloedbad wil ik je vannacht niet meer horen en niet meer zien.”
Ik heb dit allemaal onthouden omdat ik nog altijd de paniek kan terughalen die ik de volgende ochtend voelde toen ik, uit mezelf, wakker werd. Ik dacht echt dat haar die nacht iets vreselijks was overkomen en durfde amper haar kamer in. Mevrouw lag nog heerlijk te tukken en heeft dat vanaf die nacht gelukkig volgehouden.
Nu staat datzelfde hummeltje in een prachtig zwart mini-jurkje, een kanten panty, hakken en een jasje van mij in de keuken. Ze heeft vanavond een ‘casinofeestje’. Ik kijk vol bewondering naar mijn steeds iets minder jonge dochter. Man, wat vliegt de tijd. Of ze zo op de fiets kan, vraagt ze. “Mmm, misschien toch maar even een joggingbroek eroverheen lieverd”, hoor ik mezelf zeggen.
Ik haat dat ik het zeg. Haat het gevoel dat ik het moet zeggen. Maar ik haat mezelf nog meer als haar vannacht op weg naar huis iets zou gebeuren. Het is een dilemma waar ik enorm mee worstel. Hoezo zou mijn dochter niet in een mini-jurkje op de fiets kunnen? Omdat er gasten bestaan die niet van die mooie benen af kunnen blijven – dan moeten we díe toch opvoeden?!
Welke boodschap geef ik mijn dochter in godsnaam mee als ik haar vertel dat ze zich toch maar moet verstoppen in een joggingbroek? Hoe fucked up is dat? En toch doe ik het. Omdat ik boven alles wil dat ze veilig thuis komt. “Ik weet het, mam, het is oké”, zegt ze. Zoals altijd schrik ik me rot wanneer ze me later die nacht zachtjes toefluistert dat ze weer veilig thuis is.
De volgende ochtend heb ik na het lezen van de zaterdagkrant nog steeds geen teken van leven van haar vernomen. Met een kopje thee klop ik op haar deur en stap ik haar kamer binnen, waar ze net een beetje wakker begint te worden. “Lief, heb je enig idee hoe laat het is? Het is kwart voor twaalf”, zeg ik. “Tja, mam”, zegt ze met een heerlijk puberale grijns, “dat heb ik van jou geleerd; omdraaien en doorslapen”. Ik ga over op de kieteldood. Van liefde en opluchting. Weer een weekend overleefd.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
Tooske Ragas genoot volop van vakantie met samengesteld gezin: 'Alleen met Bastiaan de hort op? Daar hadden we geen zin in'
















