Ik zit in een herfstdip. Eigenlijk kan dat niet; de herfst is nog niet officieel begonnen. Toch voelt het zo.
Gammel. Weinig energie. Lichte hoofdpijn. Is dit de beruchte midlifecrisis? Nee. Ik mis iets. Iemand, beter gezegd.
Het begon met een telefoongesprek tussen mijn vrouw en onze dochter. “Nee joh”, hoorde ik mijn vrouw zeggen, “dan blijf je dit weekend toch lekker op je kamer. Is helemaal oké.” Ik stond in de keuken en voor ik iets kon zeggen, hingen de dames op. “Wat zei je nou?”, stamelde ik.
Dochter bleek niet fit. Hoesten, proesten, chronisch slaaptekort. In haar studentenstad waren deze week ‘nachtrituelen’ waar ze niet onderuit kon. En, alsof dat nog niet genoeg was, begonnen haar colleges iedere ochtend om half negen. “Knap dat ze gewoon naar die lessen gaat”, zei mijn vrouw. Ja. Zeker knap. Maar daar ging het niet om. “Hoezo komt ze niet naar huis?”
'Dochter belt: 'Pap, er is iets ergs gebeurd'. Als ik hoor waar het over gaat ontspan ik'
Het antwoord had te maken met die haperende gezondheid en de lange treinreis. Te veel uren heen en weer. Ze moest nu even aan zichzelf denken.
Wat? En ik dan?
Die trein was juist mijn geluksmomentje. Elke vrijdag reed ik naar het station. Bewust te vroeg. Dan wachtte ik op het perron, drentelde heen en weer en tuurde naar iedere trein die binnenkwam.
Wagon één. Nee.
Twee. Nee.
Drie. Ja.
Daar stond ze. Ze lachte als ze mij zag. We omhelsden elkaar en dan begon ze te vertellen. En vertellen. Op het perron, op weg naar de auto, in de auto tot ver na het eten. De hele week kwam in geuren en kleuren voorbij.
Saaie hoorcolleges, sushi van de Jumbo, maffe avonturen met huisgenootjes. En hoe lekker het was om weer even thuis te zijn. Bijslapen. Rust nemen. Gewoon, bij ons zijn.
Nu kwam ze niet.
'We zetten een kast in elkaar, zonder gemopper, volgens het boekje en bij twijfel doen we gewoon'
Mijn vrouw was er zelf ook niet. Ging met vriendinnen op pad. Hartstikke leuk. Mijn zoon was er ook niet. Werkt bij een hippe evenementen- en festivalorganisator. Iets met beroemde dj’s op unieke locaties. Zijn ritme: werken, werken, werken.
Hartstikke mooi. Hartstikke knap. Maar ook hartstikke veel niet thuis. Om half negen vloog-ie weg om na middernacht weer op te duiken.
Van ellende opende ik de koelkast. Geen idee wat ik zocht. Ik schrok van wat ik aantrof. Alles was er. De koelkast puilde uit. Kwark? Ja hoor. Yoghurt? Ook. Eieren? Uiteraard. Verdorie, zelfs de kaas was er nog. Ik deed de deur snel dicht. “Wat zit dat ding vol”, mopperde ik.
Daar stond ik.
Vrouw weg.
Zoon op een festival.
Dochter op kamers.
En ik? Alleen thuis.
Ook mijn wandelmaatje had me verlaten. De liefde kruiste een paar maanden geleden haar pad. Iets met een prins en een wit paard. Ze wandelde nu met hem.
Ik wist heus wel dat dat juist goed was. Ik gunde het ze allemaal. Maar het hielp me niet. Ik wilde gewoon even kletsen. Lachen. Een arm om iemand heen slaan. Naar verhalen luisteren. Die van mezelf kende ik al.
En toen stopte ook B&B Vol Liefde.
Weg huisvriend Arie. Weg mannen zonder vragen. Weg Timothy. Mijn favoriet. De enige man in de show die wel doorvroeg. Wel luisterde. Wél thuis was.
Zelfmedelijden dreigde me op te slurpen. Dit was het moment waarop ik me moest herpakken. Dus fietste ik naar de sportschool.
'Een kamer vinden dáár is net zo waarschijnlijk als de hoofdprijs winnen in de Postcodeloterij'
Ik trok aan touwen, sleepte met schijven en duwde gewichten weg in een poging ook mijn gevoelens weg te drukken.
Uit de speakers klonk: ‘Keep your head down.’ Daarna: ‘This is your life.’ Ik keek om me heen. Was dit het? Was dit mijn leven? What the fuck. Eenzaam op de bank wachten tot iemand thuiskomt?
Ik pakte mijn telefoon. Opende de Transavia-app en zocht tickets naar Ibiza. Even mijn verhaal doen bij Timothy. Kaviaar op een ei had ik nog nooit geprobeerd. Samen op de bank naar die enorme televisie kijken. Michaël mocht er gerust bij blijven.
Er waren nog geen vluchten te reserveren. Na 20 september pas. Shit.
Op de fiets naar huis zakte de paniek gelukkig een beetje. Mijn telefoon trilde. Zoon appte. Hij had iets leuks. Hij mocht iemand op de gastenlijst zetten bij een concert dit weekend. Een VIP. Ik durfde bijna niet verder te lezen. Het stond er echt. ‘Wil jij?’
Ik kon een lach niet onderdrukken. Zette Spotify aan. En zong, nee, schreeuwde de laatste resten van die herfstdip uit mijn longen. Er was toch niemand die me kon horen. ‘I’m bulletproof, nothing to lose.’
Ik moest gewoon wennen. Aan een volle koelkast. Aan een wandelmaatje met een nieuwe liefde. Aan kinderen die steeds meer hun eigen leven leiden. Ze gaan. Hebben andere plannen. Maar blijkbaar mag ik soms nog mee. VIP zelfs. En anders is Timothy er vanaf 20 september weer.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Twee dekbedden: volgens mij is dit het begin van het einde'
















