‘Alles uit, behalve je onderbroek en sokken.’ De verpleegster wees me naar een klein kamertje waar ik mijn kleren uit kon doen, daarna zou ze me via een andere deur toelaten om foto’s te maken.
Ik gehoorzaamde, deed al mijn kleren uit, op mijn slip en sokken na, en liep braaf de donkere ruimte in toen ze de deur opendeed. In mijn blote, niet meer zo pronte borsten volgde ik haar en zag achterin de ruimte een lange collega met bril toekijken. Ik registreerde hem gelaten.
'Dit zijn mannen die zogenaamd redelijk overkomen, maar vrouwen zien als voorwerp waar ze minder zuinig op zijn dan op hun mobiel'
De lulligheid van dat moment. Geen praatjes meer, geen grote mond, alleen maar totale overgave in de hoop op enig moment verlost te worden van pijnen die me al maanden gijzelen. Haar verwaaid, buik een beetje bol – geen zin om die in te houden, waarom zou ik die moeite doen. Het ongemak van de situatie. “Het staat er prachtig op”, hoorde ik even later en ik kon weer weg, me aankleden, verder met de dag. Alsof ik niet zojuist een of ander koud apparaat had omhelsd om foto’s van mijn rug te maken.
Ziekte en pijn maken je ongenadig gedwee en vrij van ijdelheid. Als ze me hadden gevraagd om koprollen en radslagen te maken, had ik het gedaan. Alles om maar verlost te worden. Ik voelde me soms zo overrompeld en afhankelijk dat het pijnlijk werd om te zien hoe je als patiënt soms tot een zak bloed en botten wordt gereduceerd. Niet een mens met een leven, verplichtingen, verwachtingen, angsten.
'Als queer moet je je zo onzichtbaar mogelijk maken: dat is geen acceptatie, maar schijntolerantie'
Vlak voor ik plaats nam bij de radioloog, vroeg ik hoopvol of de pijn verdwijnt na de behandeling die ik zou krijgen. “Het is niet gezegd dat dit wat uithaalt”, antwoordde hij. Precies het antwoord dat ik wilde horen vlak voor het moment dat hij met een naald in mijn lies zou gaan prikken. Maar ik slikte het en ging zonder weerwoord op de behandeltafel liggen. Hoe lang de pijn na de behandeling aan zou houden? “Zeker twee maanden.” En wat als de pijn aanhoudt? “Dat zien we dan wel weer.”
De afgelopen tijd ben ik een draaideurpatiënt geworden. Ik heb het ziekenhuis en de huisarts vaker gezien dan alle voorgaande jaren bij elkaar. Pijn neemt je hele leven over en verlichting ligt in handen van volstrekte vreemden die ervoor gestudeerd hebben en op wie je een bijna kinderlijke hoop vestigt (“ik hoop dat je gouden handen hebt”, zei ik tegen de fysiotherapeut) en dan moet je maar hopen dat ze aardig en kundig zijn.
'Zodra een vrouw met hoofddoek zich profileert, wordt het sommige mensen rood voor de ogen'
Sommigen zijn ontroerend vriendelijk en begripvol; ik heb me de laatste tijd serieus genomen gevoeld. Er werd naar me geluisterd. Maar sommige mensen in het vak zou je wat meer empathie toewensen. Zodat deze ervaringen die al ingrijpend genoeg zijn, minder vernederend worden. Want het ís vernederend om afhankelijk te zijn, en een nummer, dossier of zoveelste routine opdracht van de dag. Het ontneemt je je stem en waardigheid.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Iedere keer als ik dat enorme doek met al die namen zie, moet ik slikken: 21.637 kinderen die geen kind mochten zijn'

















