Na een paar dates in Amsterdam vraagt een aardige Kroaat me voor twee nachten mee naar Parijs.
Voor vertrek droom ik van kokette Françaises in Audrey Hepburn-jurk. Ik kies voor platte ballerina’s: mijn lover for the weekend en ik zijn exact even lang.
In de aalgladde Audi liggen op de passagiersstoel damesglossy’s voor me klaar, en voor ik het weet rijden we schemerend Parijs in. Het hotel blijkt prachtig en wanneer ik hoor dat er avondschoonmaak is, graai ik alle Hermès-zeepjes weg. Niet professioneel, wel heel bevredigend. Het diner is een feestje. Als ik me later in satijnen negligé tegen hem aanschurk, legt hij zijn hand om mijn taille en murmelt over de lange autorit. Maar morgen ben ik de zijne, dan zal hij me uit elkaar scheuren.
Geneurie uit de douche wekt me. Wanneer ik erbij wil stappen draait hij de kraan uit. “Opschieten lekkertje, this is Paris.” Het is heerlijk weer. De portier buigt nederig. Die weet gelukkig niets van de zeepjes in mijn koffer. De eerste rit is naar de Eiffeltoren en ik geniet. We stoppen bij het gedenkteken voor prinses Diana, eten crêpes uit het vuistje, zien de schilders in Montmartre en eten een croque-monsieur in Café de Flore. In Galeries Lafayette koopt hij mijn eerste designertas. ’s Avonds pak ik uit met kousen, kanten lingerie en smokey eyes. Een wolkje parfum maakt het af.
In het restaurant herinner ik me zijn belofte. Ik laat mijn hand onder tafel verdwijnen, waarna ik mijn vochtige vinger in zijn mond duw. Hij knipoogt en bestelt een nieuwe fles Dom Perignon. Zijn ogen staan hongerig en ik fluister zwoel dat ik mijn stringetje uittrek. Hij gelooft me pas wanneer ik zijn hand erop leg in de zak van zijn jasje. Hij kreunt zachtjes.
In de taxi terug kruipt zijn hand onder mijn rokje. “I feel like a hungry lion tonight.” Zijn warme mond zuigt aan mijn oorlel. In de kamer schopt hij zijn schoenen uit en vraagt me mijn opgestoken haar los te schudden en rode lipstick op te doen. Er staan alweer nieuwe zeepjes in de badkamer. Snel poets ik mijn tanden. Dan steek ik mijn benen sexy als een cancan-danseres door de deuropening. Met kleine stapjes, heupwiegend als in de Moulin Rouge, knoop ik met mijn rug naar hem toe mijn wikkelblouse open. Alleen de kanten La Perla-bandjes bedekken nog mijn rug. Met mijn vingers onder de stof kijk ik sensueel over mijn schouder.
Mijn leeuw is in slaap gevallen. Er komen ronkende geluidjes uit zijn mond. Op zijn naam reageert hij niet. Stilletjes kruip ik naast hem, kus hem in zijn nek en leg mijn armen om zijn middel. Zo liggen we nog wanneer de wekker gaat. We moeten inpakken. Paris, je t’aime.
Dit artikel verscheen eerder in LINDA.
'Ik wil graag dat je me vernedert, Amber. Kun je dat, denk je?'

















