Op dit moment slik ik een zwaar hormoon tegen mijn heftige bloedingen.
De arts had al gewaarschuwd: ‘Dit medicijn is tijdelijk, want het kan nogal nadelige effecten hebben op je humeur.’
Nogal, ja. Ik ben van mezelf al vrij hoog sensitief, maar dit pilletje doet iets met me waardoor ik mezelf soms nauwelijks trek. En niet alleen mezelf. Ook veel andere dingen vind ik ineens vaak heel … stom.
Jammer genoeg werd ik niet gevraagd voor mijn favoriete LINDA.-rubriek Stom!, dus neem ik ’m nu gewoon zelf over. Even ventileren.
Stom vind ik bijvoorbeeld nog steeds dat ik ooit afwasmiddel in het drankje van de vriend van mijn moeder deed. Ik was vijftien, dronk muntlimonade en hij vroeg – op zo’n toon waarvan je denkt: doe het lekker zelf – of ik dat ook voor hem wilde inschenken. In de keuken vond mijn puberbrein het een grappig idee om water met groen afwasmiddel in zijn glas te doen. Hij nam een slok, spuugde het uit en dacht dat ik hem wilde vergiftigen. Stom. Ik had beter moeten nadenken.
'Maandenlang leefde ik op een knalroze wolk, tot ik me afvroeg of we nog wel dezelfde kant opgingen'
Stom is ook dat ik op mijn achttiende al mijn dagboeken heb weggegooid. Dagboeken waarin ik álles had opgeschreven: de eerste keer tongen, de ontmaagding tot in de details. Ik gooide ze weg omdat ik serieus dacht: stel, ik word later beroemd en mijn dagboeken worden na mijn dood uitgegeven, net als bij Anne Frank? Dan kan heel Nederland lezen hoe uitvoerig ik mijn ontmaagding heb beschreven, dat is toch sneu? Maar vooral dacht ik: zulke belangrijke gebeurtenissen vergeet ik nooit.
Ook stom: dat moment dat je al uren zin hebt in een gekookt eitje, je tikt het open, en het wit snotterig is. Als ik eraan denk, word ik al misselijk. Héél stom vind ik hondenpoep in de groeven van je schoenen. Op straat een takje zoeken, het eruit wroeten, half kotsend. Maar het nooit helemaal weg krijgen, dus thuis nog een ronde doen, boven de plee, met de achterkant van een koffielepeltje de laatste stukjes eruit schrapen. Dat lepeltje gaat daarna rechtstreeks de prullenbak in, maar dat is minder erg dan je nieuwe sneakers weg moeten gooien.
'Ik leef van de uren waarop ik even geen pijn heb. Er ligt een injectie voor me klaar die me per direct in de overgang brengt'
Een pleerol waarvan het begin maar niet loskomt. Vooral die horeca-rollen in die plastic houders. Je draait en draait en er komt niks. Ik kan dan echt alles bij elkaar vloeken. Stom.
Oh, ook heel stom: kleding die in winkels van die gladde haakjes glijdt. Je wil gewoon even iets bekijken en het ligt meteen op de grond. Daarna sta je langer te prutsen met terughangen dan dat je aan winkelen toekomt.
En het stomste van alles: dat ik al maanden liefdesverdriet heb en me soms afvraag of ik per ongeluk niet de liefde van mijn leven heb weggestuurd. Maar dan het aller, allerstomst: dat ik me druk maak om zulke stompzinnige dingen. Dierbaren gaan dood of zijn ernstig ziek, de ellende in de wereld is niet te overzien.
Wat maakt het uit dat ik niet meer weet hoe oud ik was toen ik ontmaagd werd, dat mijn puberhumor achteraf bijna terroristisch bleek, een snotterig eitje mijn dag kan verpesten, ik poep schrapen het goorste vind wat er bestaat, geen koffielepeltjes meer in huis heb, ruzie krijg met een pleerol en gladde kledinghaakjes, en rouw om iets wat achteraf gezien vooral in mijn hoofd bestond.
Dat was het. Mijn eigen Stom!-lijst. Stom. Zo werkt mijn hoofd momenteel blijkbaar. Volgende keer hopelijk iets minder hormonaal.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Ik zit met hartzeer en wist niet dat je hier als volwassen vrouw nog zóveel last van kunt hebben'
















