Mijn oudste kind is acht jaar. Dat betekent dat ik al vier jaar verplicht vanwege de basisschool ‘herfstvakantie’ vier. En na al die jaren kan ik maar tot één conclusie komen.
De herfstvakantie is bedacht door heel kwaadaardige types die de ouders van jonge kinderen haten en zelf de rest van het jaar ‘kindvrij’ vakantie willen vieren. Dat kan niet anders. En ik snap het ook nog, ik deed zelf ooit ook niet anders.
Maar een vakantie aan het begin van het schooljaar. Terwijl het geld nog verdiend moet worden en het weer op zijn Hollands permanent kut is, dat is geen vakantie. Dat is vragen om ellende. En ellendig, dat is het. Thuis vliegen de kinderen na dag een in de gordijnen. Dus moet je op pad. De afgelopen dagen ging ik achtereenvolgens naar het Spoorwegmuseum in Utrecht, Artis in Amsterdam en de Beekse Bergen in Hilvarenbeek.
Tijdens alle drie de uitjes regende het. Natuurlijk. Ik trok alle drie de dagen een regenjas en sneakers aan, nam drinken mee in een rugtas en kocht van tevoren kaartjes. Ik zag mijn man soms naar mij kijken, zo van: hoe zijn we hier toch beland? Maar ik negeerde die blikken. We hadden ook wel eens een vakantiepark geprobeerd. Met slechte bedden en veel jengelende kinderen bij elkaar. In de regen. Korte versie: hel op aarde. En dus gingen we dit jaar losse dagen weg. Slapen in je eigen bed, maar overdag wel naar buiten. Dat was vast beter voor de sfeer. Dachten we.
In het Spoorwegmuseum trok mijn man wit weg bij het zien van zoveel mensen (lees gillende kinderen). Mijn zoon van drie rende ondertussen langs alle treinstellen en uitlegborden om zich vervolgens twee uur lang in de speeltuin uit te leven. Buiten in de regen. Wij stonden erbij en keken ernaar. “We hebben thuis in de buurt toch ook een speeltuin”, opperde ik nog. Maar hij was niet van het klimrek af te krijgen. Uiteindelijk aten we patat en gingen we naar huis.
In Artis waren zelfs de gorilla’s obstinaat van ellende. Ze krijsten in het rond en ik had zin om mee te doen. Ik eindigde opnieuw een lange tijd in de regen in de speeltuin. En daarna aten we maar weer patat. Waarom ook niet?
Bij de Beekse Bergen kwamen we na anderhalf uur rijden al met ruzie aan. Het was inmiddels in de auto meer een safari dan daarbuiten. Mijn zoon had dochterlief in het gezicht gekrabd en overal lagen kruidnoten. Vervolgens maakten we, nog altijd in onze eigen auto, een tour langs de dieren. Er waren giraffen die uit verveling aan de auto’s likten, iets waar ik op een of andere manier nogal somber van werd. De leeuwen lagen moedeloos in de regen te dromen van het verre warme Afrika. Ondertussen vertelde de stem van Winston Gerschtanowitz ons ditjes en datjes over de dieren die we zagen via de audiotour. We zullen nooit echt weten hoe en wat omdat mijn zoon die informatie steeds bruut verstoorde door de dieren na te doen.
In het restaurant was vooral weer veel patat. De tragiek van de herfstvakantie lees je trouwens nog het beste af uit de ogen van de studenten en tieners die al die bleke patat in bakjes staan te scheppen. Je ziet ze denken: wanneer begint de pauze en mag ik weer op Snapchat? Net toen ik mijn kinderen bij wijze van variatie aan een ‘smoothie’ probeerde te krijgen begon mijn zoon zo driftig heen en weer te zwaaien dat mijn lens uit mijn oog viel. En nee, ik had geen reserve bij me. En ja, ik heb min tien, dus de giraffen waren de rest van de dag met dat ene oog wat vaag.
Op de terugweg vielen de kinderen in slaap. “Hoelang duurt het nog?”, vroeg ik mijn man. “Twee dagen”, zei hij. Twee lange dagen en dan is die fucking herfstvakantie weer voorbij.
Roos Moggré (43) is presentator en journalist, getrouwd en heeft twee kinderen. Voor LINDA. schrijft ze over dingen die haar opvallen, verbazen, blij maken, of juist boos.
Regen op komst? Dit zijn tijdens de herfstvakantie de leukste binnenactiviteiten met kinderen

















