Van de zorg over haar kind tot klussen in huis: elke week schrijft Carolien Spaans voor LINDA. over alles waar je als alleenstaande moeder tegenaan loopt.
Ik heb weinig moeite met wat ouder worden, omdat het doorgaans vooral uiterlijk verval betreft en de oplossing daarvoor is simpel: minder ijdel zijn. Mentaal kan ik nog weleens schrikken, zo van: jezus, de vijftig nadert, maar dat pareer ik met iets dankbaarachtigs, bovendien voel ik me helemaal geen 47, niemand voelt zich z’n echte leeftijd.
Het enige waarmee ik moeite heb, is als ik word aangesproken met ‘u’ – en dat gebeurt steeds vaker. Dat maakt iets opstandigs in me los. Ik zég er ook altijd meteen wat van, “Geen u zeggen hoor, haha!”, wat nul effect heeft, want als je eenmaal iemand ziet als een u, dan is er geen jij meer van te maken.
'Ik heb nooit verkering gehad met iemand die mijn hobby's deelt, Jean was een fanatiek wielrenner en ik lachte hem uit om zijn pakjes'
Vandaag is er voetbal, PSV kan kampioen worden en Luuk en ik zijn voor PSV, want Jean was dat ook, zo gaat dat. Omdat we te weinig belangstelling hebben voor voetbal om een abonnement af te sluiten, strijken we neer in een café, zijn beste vriendje en diens moeder schuiven aan. We worden omgeven door uitsluitend jonge Ajax-fans, ondanks de beperkte ruimte zijn ze zo ver mogelijk bij ons vandaan gaan zitten.
Kleine kinderen en moeders zijn niet cool, dat merken we aan alles, ook aan onszelf. Terwijl zij hardop vloeken en brak zijn en hamburgers eten, hoor ik aan ons tafeltje de volgende teksten passeren: “Ik loop wel even mee om de wc te zoeken, schatje.”
“Als-ie te heet is, neem je een hapje en leg je de rest van de bitterbal op een servetje om af te koelen.”
Ik hóór ons tutten en moederen, we zeggen sorry als we een foto proberen te maken en als de zon te veel naar binnen schijnt, draaien we – nogmaals bijna klaar! – de luxaflex omlaag. We voelen de ‘o my Gods’ in hun jeugdige breinen gonzen, maar dat maakt niks uit, richting de vijftig interesseert andermans mening me niks meer.
“Hé,” stoot ik mijn medemoeder aan, “ik keek vroeger altijd alleen naar voetbal om te zien wie de knapste was. Nu kunnen we van de helft hun moeder zijn.”
Ze knikt terwijl ik Wout Weghorst bestudeer, in een eerder leven zou ik hem hebben uitgekozen als fantasieverkering. Onder tafel googel ik zijn geboortejaar.
Luuk en zijn vriend zakken met rode oren steeds dieper in de bank, ze mochten gisteravond ook nog het Songfestival helemaal kijken en zijn op. Ik ook, maar bij mij heeft het vandaag helaas een averechts effect. Ik word jolig. En als er iets helemaal niet cool is, dan is het een jolige moeder van 47 die besluit een spreekkoor in haar eentje te doen. “Het is stiiil, aan de overkant”, zing ik naar de andere tafels. Beschaamd kijken ze de andere kant op, Luuk sist dat ik normaal moet doen. Wij, de moeders, grijnzen.
Nou ja, totdat ik even later naar de bar loop om iets te bestellen. Een van de aanwezige jongens zegt: “U durft wel, als PSV-fan tussen de Ajacieden zitten.”
“Hé, geen u tegen me zeggen”, snauw ik. “Wout Weghorst zou in z’n handen mogen knijpen.” Verbijsterd staart hij me aan, ik loop terug naar mijn tafel. Hoofdschuddend wacht de moeder me op. Híj begon toch, denk ik, want kinderachtig zijn is van alle leeftijden.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Soms staat Jean ineens in het perfecte aantal pixels op mijn netvlies, alsof hij gisteren nog naast me zat'

















