
Na jaren van ruzie en gedoe hebben Roxeanne (32) en André Hazes (31) elkaar weer in de armen gesloten. “Van de periode dat wij elkaar niet spraken, heb ik veel verdriet gehad. Jij bent oprecht mijn beste vriend.”
Het is een vrijdagochtend in Vinkeveen. Ze komen samen aanlopen richting het terras waar ze allebei regelmatig te vinden zijn, Roxeanne en André Hazes: lachend, luid pratend, even kort een arm om elkaar heen. Ze gaan naast elkaar aan tafel zitten, zij bestelt een tomatensap met ijs. Hij: ‘O ja, dat vind jij lekker, hè?’
Ik heb jullie allebei apart al meermalen gesproken, maar nog nooit samen. De laatste keer dat ik jou voor LINDA. interviewde, André, antwoordde je op de vraag of het ooit goed zou komen tussen jou en Rox: “Dat vind ik heel moeilijk te zeggen. Ik heb geen hekel aan haar en ik denk omgekeerd ook niet. Dus ja, op een dag zou het goed kunnen komen.”
André: “En inmiddels bellen we weer meerdere keren per dag, ’s avonds via Facetime met z’n vieren, met onze partners erbij. Die gesprekken gaan helemaal nergens over en iedereen praat door elkaar heen, maar het is zo gezellig dat ik ervan baal als het soms een avondje niet lukt.”
Roxeanne: “Jij bent oprecht mijn beste vriend, dat vind ik zo fijn.”
André: “Andersom ook.”
Roxeanne: “De tijd waarin wij elkaar niet spraken, voelde als een relatie die op een heel nare manier is uitgegaan en waar je maar niet overheen komt. Ik heb daar veel verdriet van gehad. En daardoor halen we er nu wel echt alles uit, zonder dat het geforceerd voelt.”
André: “Als mijn zoon bij me is, gaan we vaak ook even bij Rox, Erik en Fender langs.”
Roxeanne: “Fender en Dré zijn bijna een soort broertjes van elkaar. Ze kunnen ook ontzettend met elkaar kibbelen en dan zien wij onze vroegere zelf in ze terug. Eind april zijn we met z’n allen naar Amerika op vakantie gegaan, naar Florida waar André en ik als kind veel zijn geweest. Voor mij was het de eerste keer dat ik er weer kwam en die reis heeft ontzettend veel met me gedaan. Ik heb daar echt zo veel gehuild.”
Wat riep de reis bij je op?
Roxeanne: “Veel herinneringen, maar ook vooral veel liefde. Door alles wat er de afgelopen jaren is gebeurd, voelde het alsof er een soort vloek op de familie Hazes rust. Terwijl wij als gezin natuurlijk ook veel mooie momenten hebben gekend. Omdat ik vier jaar lang intensieve therapie heb gevolgd, merk ik dat mijn boosheid richting onze vader weg is. Ik heb zelf na de geboorte van Fender anderhalf jaar een diepe depressie gehad en daardoor weet ik hoe het voelt als je door je mentale gesteldheid niet zo veel te bieden hebt. Het ging er bij ons thuis regelmatig heel rot en onveilig aan toe, maar ik ben gaan begrijpen dat papa mij alles heeft gegeven wat op dat moment binnen zijn mogelijkheden lag. Natuurlijk had hij in therapie kunnen gaan, of kunnen stoppen met drinken, maar ik heb er vrede mee. En ik gun het mezelf ook dat ik er zo naar mag kijken. Ik merkte op die vakantie, waarbij we op veel plekken kwamen waar wij vroeger met hem zijn geweest, dat dat me goed deed.”

Welke plekken waren dat?
Roxeanne: “Je zou het misschien niet verwachten, maar papa was dol op pretparken. Dat hebben André en ik dus van hem. Toen we in Florida in zo’n Spider-Man-attractie zaten, hoorde ik ineens weer die ultieme lach van mijn vader.”
André: “Dat schateren.”
Roxeanne: “Precies, hij schaterde echt als hij in zo’n attractie zat. Bijna een kinderlijke vorm van plezier maken. Ik moest zo huilen toen ik daaraan dacht: het was zo’n prachtig gevoel, maar ook weemoedig. Ik heb laatst een spin op mijn hand laten tatoeëren, als eerbetoon aan dat moment. Die reis heeft veel voor mijn verwerking gedaan. En ik ben heel dankbaar dat ik dat samen met mijn broertje mocht doen.”
Was het voor jou ook zo’n emotionele reis?
André: “Ik ga eigenlijk elk jaar naar Florida, misschien omdat daar de geluksmomentjes liggen als ik terugdenk aan onze jeugd. Omdat wij daar vroeger als gezin gelukkig waren, wil ik dat ook doorgeven aan mijn eigen zoon. En zelfs in de periodes dat ik niet goed in mijn vel zat, ervaarde ik daar wél rust. Als we ergens anders naartoe gingen, liep het altijd fout; ik verpestte steeds weer de vakantie. Behalve dus in Florida.
Afgelopen april is wel echt de leukste keer geweest, al was het tegelijkertijd heel dubbel, omdat Monique en ik er aan Dré zouden vertellen dat zijn ouders uit elkaar gingen. Maar gek genoeg heeft die boodschap de vakantie geen seconde verpest.”
Roxeanne: “Zijn leven ging ook meteen door; Fender stond al klaar om met hem te gaan zwemmen. En Dré zag dat papa en mama lief voor elkaar bleven.”
André: “De sfeer was nog steeds supergoed, ja. Mijn zus en ik samen: dat is echt altijd feest. Maar als je dat dan combineert met onze kinderen, heb je de jackpot gewonnen, hoor. En tussendoor kwam Dré soms naar mij of zijn moeder toe, om vragen te stellen.”
Roxeanne: “Jij woonde natuurlijk al op jezelf, dus voor hem is er toen jullie eenmaal thuis waren ook niet zo heel veel veranderd.”
André: “Monique en ik proberen het zo makkelijk mogelijk voor hem te maken. En hij weet inmiddels dat er een nieuwe vrouw in mijn leven is, al ga ik die niet door zijn strot duwen. Eerst stap voor stap verwerken dat zijn ouders niet meer samen zijn.”
‘HET IS ALSOF
ER EEN VLOEK
OP ONZE FAMILIE
RUST, TERWIJL
WIJ OOK VEEL
MOOIS HEBBEN
MEEGEMAAKT’
Heeft Monique een rol gespeeld in jullie verzoening?
Roxeanne: “Dat niet, maar ik ben wel altijd met haar blijven omgaan. Zodat onze zonen in elkaars leven bleven, maar zij en ik hadden ook steun aan elkaar in tijden dat we allebei hartenpijn van André hadden.”
Kunnen jullie uitleggen waarom jullie jarenlang gebrouilleerd waren?
André: “De laatste keer is het mijn schuld geweest.”
Roxeanne: “Ik vind ‘schuld’ een lastig woord, als iemand verslaafd is.”
André: “Het was na mijn opname in de kliniek, dus ik was al nuchter. Ik heb toen dingen gezegd over wat jij in Beste Zangers over jouw jeugd vertelde, zonder eerst aan jou te vragen wat nou precies jouw gevoel daarbij was. En ik ben daarmee voor de verkeerde mensen opgekomen. Heel stom van mezelf, zeker als ik nu weer zie hoe belangrijk wij voor elkaar zijn. Er is niemand op aarde die ik zo graag bel als mijn zus.”
Roxeanne: “Ik heb in het verleden ook dingen verkeerd aangepakt en jij hebt uiteindelijk echt je best gedaan om het contact te herstellen. In het begin heb ik gezegd: ‘Geef me heel even.’ Niet om je pijn te doen of hard to get te spelen, maar omdat ik mijn hart nog moest laten herstellen. En dat begreep jij.”
André: “Na die tijd in de kliniek was ik wel afgekickt, maar ik leefde nog met veel verdriet. Iemand die mij soms adviezen geeft, zei alleen maar: ‘je zus’. Eerst dacht ik nog: nee, dat is het niet. Tot ik op een gegeven moment door had: ja, dat is het wél. Vervolgens heb ik Rox een aantal onhandige appjes gestuurd en één keer zag ik haar lopen terwijl ze een Hema-worst at. Daar heb ik toen een filmpje van gemaakt, helemaal ingezoomd terwijl zij die worst in haar mond stak, en dat naar haar gestuurd. Daar zit niemand op te wachten natuurlijk.”
Roxeanne: “Heb je elkaar zo lang niet gesproken, krijg je zo’n filmpje toegestuurd … Maar goed, toen we elkaar weer zagen, wist ik meteen weer waarom ik zo veel van hem houd.”
André: “Ik voelde ook meteen: tering, dít is wat ik zo heb gemist. Zij is echt mijn hart.”
Roxeanne: “We schelen maar een jaar en drie dagen, dus vroeger riep ik al dat we een soort tweeling zijn. Ons contact is bijna telepathisch; als hij vertelt dat hij maagpijn heeft, had ik het die ochtend ook al. Als kind was dat precies zo, óók omdat we vaak alleen elkaar hadden. Bij ons thuis werden de pijnlijke dingen meestal niet besproken, dus dat hebben wij juist wél gedaan toen het contact herstelde.”
André: “Heel intensief, ja. Ik denk dat we in periodes allebei beïnvloed zijn door bepaalde mensen.”
Roxeanne: “Je gewoon gek laten maken door anderen, wat eigenlijk heel verdrietig is.”
André: “Dat die mensen daar ook toe in staat zijn … Maar goed, die tijd is gelukkig voorbij.”

‘DE NARIGHEID
BEGON VROEGER
ZODRA HET
DONKER WERD,
IK SLAAP NOG
STEEDS MET EEN
LAMPJE AAN’
Met ‘bepaalde mensen’ bedoel je waarschijnlijk jullie moeder?
André: “Nou, we proberen die naam zo min mogelijk te noemen. Niemand gelooft het, maar wij praten gewoon niet meer over haar.”
Roxeanne: “Het heeft al genoeg aandacht gekregen bij ons, snap je? Hoe je het ook wendt of keert: die situatie heeft intern voor zo veel onrust bij mij gezorgd, dat ik dat soort negatieve invloeden nu niet meer wil toelaten. Dus hebben we het er gewoon niet meer over.”
Ook niet toen André en jij elkaar weer gingen zien?
Roxeanne: “Jawel; je moet toch weten waar bepaald gedrag vandaan komt. Wij liepen als kind vaak op onze tenen en er werd thuis zelden gehuild. Terwijl verdriet gewoon een emotie is die bij het leven hoort. Dat probeer ik Fender ook mee te geven, juist omdat ik wil dat hij emotioneel onderlegd is. Tegelijk hoop ik dat hij zo lang mogelijk kind kan zijn. En ik merk dat als ik met André ben, wij onszelf dat kind-zijn ook heel erg gunnen. Gewoon klootviolen en het gezellig maken met elkaar.”
André: “Die spielerei maakt het leven zoveel leuker. En het houdt je jong, denk ik.”
Jullie vader overleed toen jullie pas elf en tien jaar waren. Vanaf dat moment kende heel Nederland jullie. Waardoor je niet meer echt kind kon zijn, misschien?
Roxeanne: “Ik werd heel rebels, vond zowel jongens als meisjes interessant. Ik was nog hartstikke jong, maar voelde me een volwassen vrouw.”
André: “Je had op een gegeven moment een vriendje dat heel erg op papa leek.”
Roxeanne: “Ik ben binnenkort in De Grote Sinterklaasfilm te zien, als moeder. Er werd me gevraagd of ik het leuk zou vinden om dat samen met Fender te doen. Maar omdat ik zelf een kindster ben geweest en al vanaf mijn dertiende werk, vond ik het gewoon geen fijne gedachte om die keuze nu ook voor hem te maken. Achteraf gezien ben ik veel te jong aan de grotemensenwereld blootgesteld. En als ik nu zie hoe vrij Fender nog kind is, heelt dat iets in mij. Ik zag hem laatst in de auto allerlei handgebaartjes van Spider-Man doen, om te kijken of hij zelf al Spider-Man aan het worden was. Dan denk ik: o heerlijk, blíjf alsjeblieft zo. Hij is gewoon het kind dat wij hadden moeten kunnen zijn.”
Kwamen er in de gesprekken tussen jullie ook herinneringen naar boven die jullie verschillend hadden beleefd?
Roxeanne: “Zeker. Ik had vroeger een televisie op mijn kamer, waar ik vaak films keek als ik weer niet kon slapen. André kwam dan regelmatig met zijn beer naar mijn kamer toe en vroeg of hij mocht meekijken. Maar ik was op zulke momenten vaak een boze puber en stuurde hem weg. Nu ik een volwassen vrouw ben, doet het me echt verdriet dat ik destijds zo met hem ben omgegaan. Maar toen ik hem dat vertelde, begreep hij niet waar ik het over had.”
André: “Ik herinner me juist dat ik het altijd zo fijn vond om lekker bij mijn zus in bed films te mogen kijken.”
Jij was als kind bang in het donker. Vanwege een inbraak, toch?
André: “Nou, vooral omdat de narigheid bij ons thuis altijd kwam zodra het donker werd. Daardoor slaap ik nog steeds met een lampje aan.”
Roxeanne: “Het was vaak één grote teringbende. Met heel veel ruzie.”
André: “Of mijn vader kwam uit de studio en ging dan thuis keihard zijn eigen muziek luisteren. Dat was niet zozeer naar, maar wel heel irritant. En mijn moeder had smetvrees, dus die wilde altijd dat de vloerbedekking op een bepaalde manier was gezogen. Uiteindelijk kon ik pas slapen als ze dat ’s avonds ook voor mijn kamer had gedaan.”

Wat doet het op de lange termijn met je als je in je jeugd zo vaak op je tenen hebt moeten lopen?
André: “Wij zijn allebei pleasers geworden, denk ik, waardoor je voorbijgaat aan wat je echt zélf wilt. Als je op een gegeven moment kinderen krijgt, zijn er twee opties: het patroon doorzetten óf het doorbreken. Dat laatste is gelukkig iets wat onze generatie vaker doet.”
Roxeanne: “Er zijn ook genoeg dingen die wij wél meenemen in de manier waarop wij nu zelf opvoeden. Zoals dat wij echt hebben geleerd wat discipline, respect en beleefd is. Iedereen die ouder is met ‘u’ aanspreken. Laatst schaamde ik me even voor Fender toen hij ergens een snoepje pakte zonder ‘dank u wel’ te zeggen. Dat hadden wij vroeger echt niet hoeven doen.”
André: “We hebben geleerd om dankbaar te zijn, ja.”
Roxeanne: “De vakanties waren vaak heel luxe, maar dan hamerde papa op die dankbaarheid. En als we bij het buffet te veel opschepten, moesten we gewoon alles opeten. ‘Want we gaan geen eten verspillen.’ Dat is iets wat wij meenemen. Net als de creativiteit die er thuis was. En jij kijkt er misschien anders naar, maar ik vond papa in zijn goede tijden ook echt een heel lieve vader. Zeker die laatste vakantie in Amerika, waar hij ons ineens meenam naar Madame Tussauds in Las Vegas en met ons ging zwemmen.”
André: “Die laatste vakantie was leuk, natuurlijk, dat wel. Maar verder zie ik dat niet zo. Ik vond hem gewoon geen leuke man. En ik heb eigenlijk geen goede herinneringen aan hem. Er is een tijd geweest dat ik me dat heel erg aantrok, maar inmiddels heb ik het een plek gegeven. Met wrok leven is niet goed voor een mens. Ik was dan hartstikke boos op hem, maar stond wel ’s avonds zijn liedjes te zingen. Dat klopte niet meer, snap je? Dus moest ik kiezen: of stoppen met zijn repertoire zingen, of hem echt leren vergeven. Doordat je gaat inzien dat hij gewoon niet beter kon, zoals mijn zus al zei.”
En heb je dat gedaan?
André: “Jawel, alleen: ik zie hem gewoon niet als mijn vader.”
Roxeanne: “Jij kunt ook niet zoals ik liefdevol over hem praten. Maar dat is niet erg. Wij hebben er een heel mooi gesprek over gevoerd. Eerst wilde ik steeds voor papa opkomen door te zeggen: ‘Maar probeer het nou zo of zo te zien.’ Totdat André zei: ‘Ik moet ook gewoon af en toe boos kunnen zijn, Rox, ik zit niet op hetzelfde level als jij.’ En daar had hij helemaal gelijk in. Iedereen verwerkt dingen op z’n eigen manier.”
André: “Anders ga je tegen je ziel liegen. Dat moet je niet te lang doen.”
‘ONS CONTACT
IS BIJNA
TELEPATHISCH:
ALS JIJ MAAG-
PIJN HEBT, HAD
IK HET DIE
OCHTEND OOK’
Jullie kunnen eigenlijk alleen nog met elkaar praten over hoe het vroeger thuis was.
Roxeanne: “Dat is zo, maar we zijn die fase wel een beetje voorbij. Mijn twintiger jaren stonden in het teken van verdriet, zorgen en boosheid, ik wil dat het de komende twintig jaar heel anders gaat. Ik zit de laatste tijd heel goed in mijn vel, leef gezond, sport veel. Ik ben een gezellig mens geworden. En ik gun mezelf vooral veel plezier, liefde en selfcare. Dan heb ik het niet alleen over sporten, gezond eten, de kapper, mooie kleding en ook weleens botox of fillers, maar zeker ook therapie. Het is een dure hobby, maar ik ben zo blij dat ik dat heb gedaan.
Voor de relatie met André geldt eigenlijk hetzelfde: nu is het moment dat we mogen genieten en het over de leuke dingen moeten hebben – niet meer over wat ons pijn doet of boos maakt. Inmiddels kunnen we met een helikopterview op dat deel van ons leven terugblikken en denken: oh, gelukkig zijn we daar niet meer. Wij kijken alleen nog vooruit.”
André: “We hebben afgesproken dat we samen nog een tattoo gaan nemen, met het woord ‘bon vivant’. Dat zeggen we heel vaak tegen elkaar als we iets leuks aan het doen zijn, zelfs bij het samen boodschappen doen: ‘Bon vivant, hè?’”
Roxeanne: “We zijn er.”
André: “Zo voelt het, ja: we hebben het gehaald, we zijn er, het is ons gelukt. Bon vivant.”
Kun jij het ook goed vinden met Andrés nieuwe vriendin Noa?
Roxeanne: “Absoluut. Ze is echt een schat, een heel leuke meid. Ik vind het heel fijn om mijn broertje zo happy te zien.”
André: “Ze is echt een cadeautje. Maar ik wil er niet te veel over zeggen, omdat ik dan snel weer iets verkeerd doe. Bij Shownieuws noemde ik haar ‘een verademing’ en dat werd meteen negatief uitgelegd richting Monique. Terwijl ik bedoelde: ik ben vaker weggeweest bij Monique en toen zijn er mensen op mijn pad gekomen die niet zo’n goede invloed op me hadden. Of die niet met mij wilden zijn om de juiste reden. Snap je? Ik zal nooit iets slechts zeggen over Moon; we gaan nu misschien wel beter met elkaar om dan ooit.”

‘WE HEBBEN
HET GEHAALD
ROX, WE ZIJN
ER, HET IS ONS
GELUKT – JA,
ZO VOELT HET’
Toch blijft er altijd iets aan de hand bij jou. Onlangs ging het over je neef Djarno, met wie je close was maar die je nu niet meer ziet.
“Djarno en ik belden de hele dag door met elkaar, sportten samen en hij was mijn chauffeur. Maar op een dag zei hij: ‘Dré, ik heb jarenlang jouw droom geleefd, ik heb inmiddels drie kinderen en ik wil iets voor mezelf gaan doen.’ Dat viel rauw op mijn dak en ik ben er heel verdrietig om geweest. Hij maakte elke situatie dragelijk. Ik vind dingen snel saai, maar met hem erbij trok ik alles. Tegelijkertijd begreep ik ook dat hij op zijn leeftijd zelf iets wilde bereiken. Daarna zijn er dingen fout gegaan, wat heel jammer is, maar ik gun hem zijn eigen pad.”
Zou je eigenlijk nog een keer vader willen worden?
André: “Heel graag, ja. Het liefst van een voetbalelftal. Met een jongere vriendin kun je ervan uitgaan dat er nog kinderen komen.”
Roxeanne: “Best grappig: ik heb juist het idee dat het gezin van Erik en mij met één kind compleet is.”
André: “Kan het ook zijn dat de postnatale depressie die je hebt meegemaakt je tegenhoudt?”
Roxeanne: “Nee. Omdat ik toen letterlijk op de grond heb gelegen van ellende, heb ik juist lang gedacht dat ik nog een kind wilde, om alsnog die roze wolk te ervaren. Maar inmiddels vind ik dat een egoïstische gedachte. En voelt het goed zoals het nu is.”
Maart 2026 doen jullie allebei mee met Holland Zingt Hazes. Roxeanne, jij bent er drie jaar niet bij geweest.
Roxeanne: “Ik was al eerder gestopt met het zingen van mijn vaders muziek, omdat ik een eigen repertoire en een eigen carrière wilde. Toen dat was gelukt, zag ik Holland Zingt Hazes als een gezellig jaarlijks uitstapje. Totdat het níét meer leuk was – iedereen heeft wel gelezen wat er allemaal speelde. Het voelde niet meer als mijn feestje.”
André: “De afgelopen keer was gelukkig zo fijn; we hebben er echt heel mooie avonden van gemaakt met elkaar.”
Gaan jullie ook samen zingen?
André: “Ja, tuurlijk. Ik denk dat dat de opening wordt. Ik weet nog dat er van ons werd gevraagd om de opening van Holland Zingt Hazes te doen in een jaar dat wij niet met elkaar spraken. Of we dan hand in hand konden opkomen? Ik was toen nog een snotaap, maar zei dat ik dat écht niet ging doen. Toen kwamen er allemaal mensen, onder wie Joop van den Ende, die vonden dat dat mooi was voor het beeld. Maar ik hield voet bij stuk. Ik was tenslotte zanger geworden, geen acteur.”
Roxeanne: “Mentaal vond ik het verschrikkelijk om daar rond te lopen. Er waren allemaal kampen, iedereen was gebrouilleerd met elkaar. Ik heb er dus wel even over na moeten denken of ik écht weer wilde. Maar Fender luistert inmiddels vaak naar de muziek van zijn ‘liedjesopa’, zoals wij mijn vader thuis noemen. En daardoor ben ik eigenlijk trotser dan ooit dat ik zijn muziek mag zingen. Zeker met mijn broertje naast me.”
André: “Bon vivant, zus.”•
cv
Roxeanne Hazes GEBOREN 18 januari 1993 in Woerden WON in 2018 een Edison in de categorie Nederlandstalig WAS OOK huisband van De Wereld Draait Door LAATSTE ALBUM De Tijd Gaat Mooie Dingen Doen RELATIE met Erik, samen hebben ze zoon Fender (7) INSTAGRAM @roxeannehazes
cv
André Hazes GEBOREN 21 januari 1994 in Woerden WON in 2017 en 2019 een Edison in de categorie Volksmuziek en Hollands LAATSTE ALBUM Op Mijn Lijf Geschreven DOCUMENTAIRE Crossroads (Videoland) RELATIE met Noa VADER van André junior (9) INSTAGRAM @andrehazes
Dit artikel is afkomstig uit LINDA.257 Schotland lees hier het hele magazine.
Diana Matroos: ‘Dat confronterende gesprek met de arts had ik nodig: ik was heel erg ziek’














































