Je hebt welbeschouwd twee soorten mensen op deze wereld: zij die te vroeg arriveren op afspraken en zij die standaard later zijn dan de agenda aangeeft. Meer smaken zijn er niet.
De lui die precies op het juiste moment acte de présence geven zijn ofwel laatkomers bij wie alles onverwacht meezat, of vroegvertrekkers bij wie precies gebeurde waarom ze altijd eerder dan nodig vertrekken.
Ik hoor duidelijk bij de panische vroegmenschen. Zo komt het dat ik eerder dan mijn gezelschap – van de school altijd te laat – op het terras plaatsneem en deelgenoot word van het gesprek van mijn buurvrouwen. Twee vrouwen van halverwege de twintig die zulke grote zonnebrillen dragen dat er van hun gezichten weinig te zien is. Denk Geer en Goor in het eerste jaar dat ze samen een programma maakten.
Ze praten hard, en ik ben slechthorend dus dat wil wat zeggen, en met een accent dat het Gooi of Oud-Zuid doet vermoeden. Onderwerp van gesprek is ene Jonas, de scharrel van één van de twee. En Jonas is een man uit de buitencategorie, als ik het zo hoor.
“Kijk”, begint de grootste zonnebril haar verhaal. “Eigenlijk zou ik echt wel met Jo voor een rela* willen gaan. Hij heeft alles: een goede baan, hij is knap, lief, grappig en slim.”
De andere zonnebril kirt een geluidje uit dat het midden houdt tussen bewondering en jaloezie. “Goeie pik?”, vraagt ze.
“Jaaaaa, superchill.” Nooit geweten dat dat termen zijn die je voor het mannelijke geslachtsdeel kunt gebruiken.
“En toch denk ik niet dat het kan werken tussen ons”, vervolgt ze haar verhaal.
“Is-ie te dom?”, vraagt de ander.
“Nee, het zijn zijn ouders”, is haar repliek.
Zo onopvallend mogelijk doe ik mijn best mijn hoofd iets meer hun kant op te draaien terwijl ik baal dat ik fysiek niet in staat ben mijn oren te spitsen. Wat zou er met zijn ouders kunnen zijn? Drugsdealers? Bipolaire maniakken? Bekende Nederlanders?
“Weet je wat ze doen? Zijn vader is buschauffeur en zijn moeder werkt in de Appie. ”
Terwijl ik wacht op een vervolg, valt de mond van haar toehoorder open.
“Gadver”, ontsnapt er uit haar mond.
Hoe het gesprek verdergaat weet ik niet, want mijn verlate gezelschap arriveert. Eén ding weet ik wel. Jonas, als je dit leest: wegwezen. Je hebt schijnbaar alles in je wat een vrouw zich maar kan wensen, en dan bedoel ik ook echt alles, en hebt deze simpele, oordelende en wereldvreemde vrouwen absoluut niet nodig. Met je superchille penis.
*relatie
