Ik swipe verveeld door Tinder. Niks, niks, niks. Ik vind niemand leuk. Niemand die mij Deniz zou kunnen doen laten vergeten.
Ik hoef gelukkig niet alleen te lijden. ’s Avonds komen geregeld hulptroepen langs, die mijn verhaal willen aanhoren. Iedereen troost op haar eigen manier, variërend van: “Typisch gevalletje van een fuckboy” tot “Maar dat wist je toch van tevoren met zo’n type?”
Tevoren had ik alle waarschuwingen in de wind geslagen en met veel bravoure geroepen: “It has a tattoo and a dick and that’s all that matters“, en zelf het hardst gelachen om mijn stoerdoenerij. Wist ik veel dat ik verliefd zou worden. En nu zit ik op de blaren. Ik huil, ik loop hard (hartzeer is altijd goed voor de lijn) en luister eindeloos naar Sleeping Sun van Nightwish.

















