Vrouw verlaat

Michèle (43): ‘Telkens dwong hij me mijn excuses aan te bieden voor situaties die hij zelf had veroorzaakt’

Eerst ging alles in haar relatie als vanzelf, maar toen begon de manipulatie. Michèle (43): “Had ik maar eerder ingezien dat híj de stakker was die hulp nodig had.”

“We leerden elkaar kennen in 2008. Ik werkte in de gehandicaptenzorg en hij was chauffeur van het busje. Hij was vriendelijk en droeg een tuinbroek; één slordig loshangend hengsel met daaronder een T-shirt. Zijn haar was aan de zijkanten opgeschoren. Kortom, een lekker ding. Een collega had hem mijn nummer gegeven en zo ontstond het plan om samen wat te gaan drinken. Ik was nog jong, had nooit een vaste relatie gehad en dus ook geen idee hoe je dat doet, verkering. Hij had ook heel weinig ervaring en toch woonden we binnen een paar maanden samen. Het begon met dat drankje, gevolgd door een bos bloemen de volgende dag. Wat fijn, dacht ik, zo is het dus als iemand echt voor je gaat. Hij zou met een vriend een appartement huren, maar die haakte af. Dus zonder er veel woorden aan vuil te maken, sprong ik in dat gat. Duizelingwekkend veel te snel natuurlijk, maar ik stond er niet bij stil. Ik was bovendien enorm zelfstandig, draaide drie ­nachtdiensten in de week. Nu, achteraf, probeer ik me te herinneren wat ik destijds precies voor hem voelde. Was het de blijheid iemands uitverkorene te zijn? Was ik verliefd? Vond ik hem gewoon knap? Het was prima gezellig met hem, dat is het simpele antwoord. Hij gaf me een goed gevoel over mezelf. Hij wilde zo veel mogelijk tijd met me doorbrengen en ik verwarde zijn persistentie met intense geborgenheid. Toen hij erop aandrong dat ik naast alle ­weekenden ook alle vrije avonden met hem zou doorbrengen, waardoor ik mijn vriendinnen nauwelijks nog kon zien, dacht ik: ja logisch. Ik ben al veel weg door mijn onregelmatige werktijden, dit is natuurlijk wat bij samenwonen en een verbintenis hoort. Maar vriendinnen zijn er behalve voor de gezelligheid ook om je te helpen je relatie zo nu en dan tegen het licht te houden, ze helpen je te reflecteren op jezelf en je keuzes. Nu was ik op mezelf en mijn eigen hopeloze beoordelingsvermogen aangewezen.
Meestal gingen hij en ik samen naar de stad of naar de bioscoop. Veel geld hadden we niet, dus we deden ook wel spelletjes thuis. Samen uitslapen in het weekend, samen koken. Ik had het naar mijn zin. Toch voelde ik dat er iets niet klopte. Mijn moeder zei eens tegen me: ‘Mich, je lijkt wel minder vrolijk dan vroeger.’ En al had ik zelf niet in de gaten dat het zo zichtbaar was, ik begreep wel dat ze gelijk had. Maar wat kon ik doen? Het losweken van mijn intimi had zich intussen ook ­uitgebreid naar haar, mijn vader en mijn zussen. Hij en hij alleen werd mijn complete wereld. Ik volgde hem inmiddels in alles, de zelfstandigheid die me altijd zo veel zelfvertrouwen had gegeven, kalfde steeds meer af. Als hij over een gele theepot had gezegd dat-ie paars was, had ik hem niet tegengesproken.
Dit alles werd alleen nog maar sterker toen de kinderen kwamen. Eén keer vond ik dat onze oudste dochter zich zo misdragen had, dat het goed voor haar was om even op de trap af te koelen. Maar hij ondermijnde mijn gezag, liep op haar af en oordeelde: kom er maar weer van af hoor, je weet toch hoe je moeder is. Dan maakte hij ganzen­geluiden aan tafel. ‘Je moeder is een domme gans.’ Als we ruzie hadden, liet hij zich expres op de grond vallen. ‘Kijk eens, je moeder heeft me op de grond geduwd.’ Daar begon de manipulatie pas echt en het hield niet op. Ik onderging alles. Ik had medelijden met hem, want hij had een nare jeugd gehad, zoals hij zo vaak verteld had. Zijn moeder was niet goed voor hem en een eerder vriendinnetje had hem mishandeld. Maar was dat eigenlijk wel zo? Of hoorde dit verhaal bij zijn strategie om mij onder de duim te houden? Binnen vier jaar kregen we drie kinderen. Want dat was dan weer míjn droom. En voor een groot gezin heb je een man nodig. Zo speelde er ook eigen belang mee in deze giftige relatie. Drie kinderen in een ongebroken gezin; dat was mijn grote ideaal. Maar er gebeurden rare dingen. Zo was hij niet bij de geboorte van onze tweede dochter, omdat hij te laat terugkwam van zijn werk.

Was er toen al sprake van vreemdgaan? Ik heb geen bewijzen, alleen sterke vermoedens. En als je kijkt naar wat er nog allemaal zou volgen, vrees ik dat ze waar zijn. Maar op dat moment zat ik met een kind van twee en een pasgeboren baby, niet bepaald een goede timing voor een scheiding. Nee, dan maar beter wegkijken. Intussen werd ik steeds vaker en gemener gekleineerd. Ik was niet alleen te streng voor de kinderen, het huis was ook nooit goed genoeg opgeruimd. Het eten dat ik maakte was niet lekker, als ik de was aan het opvouwen was, kreeg ik klachten dat ik zo lang boven bleef. Hij wilde de helft van de kinderbijslag om in zijn eentje iets met de kinderen te kunnen doen. In de ruzies die ontstonden, schreeuwden we naar elkaar. Ik riep: ‘Dit is het me niet waard, laat me met rust.’ En ik liep weg. Hij achter me aan, om me nog meer te vernederen. Als ik op de bank in slaap viel, gooide hij een kussen op mijn hoofd. En als hij niets meer wist te verzinnen, zei hij gewoon iets over mijn werk als verpleegkundige, dat hij een flutbaantje vond. Mijn ouders vroegen of ik wel zeker wist dat ik bij deze man wilde blijven, maar zolang niemand er een echt etiket aan hing, zoals geestelijke intimidatie of dwingende controle, kon ik het nog enigszins negeren. Dus ik bleef. Voor de kinderen. ‘Als je bij me weggaat, is er geen een man die je wil hebben, kijk hoe je eruitziet.’ Daar had hij me. Daar was ik bang voor: alleen overblijven. Bang dat niemand me wilde. Ik was altijd maar bezig om het anderen naar de zin te maken, eigenlijk wist ik al sinds mijn jeugd niet beter. Ik had mezelf toch? Had ik dat toen maar ingezien, had ik toen maar begrepen dat hij de stakker was die hulp nodig had. Maar telkens dwong hij me mijn excuses aan te bieden voor een situatie die hij zelf veroorzaakt had. En telkens zwichtte ik.
Op een maandagochtend, ik kwam net terug uit mijn nachtdienst, zouden we samen de kinderen naar school brengen. Hij was al weken veel weg, van ’s ochtends vroeg tot middernacht. ‘Wat doe je toch de hele dag,’ vroeg ik, ‘ga je vreemd?’ Toen werd hij boos. We stonden samen in de schuur, hij gooide de deur heel hard open, de onderkant schaafde mijn voet open, overal bloed. ‘Lekker voor je’, riep hij. ‘Dat is wat je verdient.’ En plots begreep ik: dit moet stoppen. Juist voor de kinderen kondigde ik de scheiding aan. Van het ene op het andere moment leek hij geen grip meer op me te hebben en hervond ik mijn zelfstandigheid. Ja, hij ging vreemd, mijn vermoeden klopte. En nee, ik pikte het niet meer. Maar de vrijheid die ik herwon bleek schijn, want een week later stond Veilig Thuis op de stoep: ik zou mijn elfjarige hebben mishandeld. En de nachtmerrie die toen pas echt begon, houdt tot de dag van vandaag aan. Mijn twee oudste kinderen zijn bij hem geplaatst en heb ik al jaren niet gezien. Ze zijn inmiddels 22 en 20, en net zo ­geïndoctrineerd en bang voor hun vader als ik was. Alleen de jongste woont bij mij. Ik heb tal van therapieën gevolgd. Met als doel: het terugvinden van mijn gevoel van eigenwaarde. Het gebrek daaraan is de rode draad in mijn leven. Met alle desastreuze gevolgen van dien.”

Herken je meerdere rode vlaggen? Voelt iets niet goed, ook al kun je het niet uitleggen? Neem dat gevoel serieus. Praat erover, zoek hulp. Ben je in acuut gevaar? Bel dan altijd 112. Voor advies en hulp kun je ook terecht bij Blijf Groep (088 234 24 50) en Veilig Thuis (0800-2000). 

Thumbnail voor 'Een soort relatie-APK': Yesim Candan schreef '11 Red Flags' om risicofactoren femicide te leren herkennen'Een soort relatie-APK': Yesim Candan schreef '11 Red Flags' om risicofactoren femicide te leren herkennenLees ook

Dit artikel is afkomstig uit LINDA.263 SINGLE LADIES lees hier het hele magazine.