Het Van Abbemuseum in Eindhoven, Museum Arnhem en het Fries Museum hebben een quotum gesteld voor de aankoop en presentatie van vrouwelijke kunstenaars.
Dat blijkt uit een rondgang van de Volkskrant onder 28 musea met kunstcollecties.
Vrouwenkunst
Daarnaast hebben drie andere musea – waaronder het Stedelijk Museum in Amsterdam – een beleid om de historische disbalans tussen mannen en vrouwen in museumcollecties te herstellen. Zeventien andere musea streven wel naar meer evenwicht, maar hebben geen concreet quotum voor vrouwenkunst.
Voor vrouwen was het vroeger moeilijker om kunstenaar te worden, schrijft de krant. Uit onderzoek blijkt dat kunst die door vrouwen gemaakt is, minder gewaardeerd wordt door het publiek en minder opbrengt bij verkoop. Over het algemeen doen musea de laatste jaren steeds meer hun best om vrouwelijke kunstenaars meer aandacht te geven.
Geen quotum
Het Rijksmuseum in Amsterdam, Kunstmuseum Den Haag, Stedelijk Museum Alkmaar, het Groninger Museum en Museum Voorlinden stellen geen quotum. Directeur Suzanne Swarts van Voorlinden in de Volkskrant: “Ons beleid is het verzamelen en tonen van goede kunstwerken van goede kunstenaars, we hebben geen specifieke doelen met betrekking tot vrouwelijke kunstenaars.”
Uit het onderzoek van de Volkskrant blijkt dat in de huidige collecties gemiddeld 17 procent van de kunstwerken door een vrouw zijn gemaakt (de historische objecten zijn niet meegerekend). Tien musea, met vooral oude kunst, konden geen data aanleveren, omdat de collecties nog niet gerangschikt zijn op sekse.