Op het werk komt het gesprek op daten en ik houd me bewust stil. Ook al ben ik een van de weinigen die vrijgezel is. Het is jaren geleden dat ik voor het laatst datete en het toeval wil dat ik afgelopen weekend een hele leuke, gezellige en geweldige dag heb gehad met een man, overigens een oude bekende.
Daar deel ik op m’n werk niks over, want dan krijg je vaak andermans oordeel of verwachtingen er óók nog bij. Bovendien, werk is werk en hoewel ik fijne, sympathieke collega’s heb vind ik dat je privézaken niet per se hoeft te bespreken op de werkvloer. Daar schrijf ik liever columns over.
Mijn team, dat voor het grootste gedeelte uit mannen bestaat, is niet zo praterig als het op privésituaties aankomt. Vandaag is het anders, want Sjors heeft tijdens de lunch, zoals hij dat zelf stelt: ‘een goed verhaal over daten en dumpen’. Hij is overigens al jaren gelukkig getrouwd en in het bezit van twee tieners, dus het verbaast me.

Glimlachend start hij z’n verhaal zodra het publiek aan z’n lippen hangt. “Ach, het is allemaal inmiddels, denk ik, zo’n twintig jaar geleden. Ik was toen als cameraman ingehuurd voor een documentaire over missverkiezingen, een achter-de-schermenverhaal. Met een van de meisjes, Laura, klikte het meteen en we kregen al vrij snel een relatie. We hadden het leuk samen en ik kwam geregeld bij haar ouders over de vloer. Ze kwam uit een totaal ander nest dan ik, maar dat maakte niks uit.”
Ze waren al een tijdje samen toen Sjors op een avond thuis, al zappend, een bekend gezicht zag. Het programma heette De Perfecte Partner en werd door Martijn Krabbé gepresenteerd. Sjors zag hoe zijn eigen vriendin, Laura, uit drie geselecteerde kandidaten kon kiezen.
“Wow! Wat een manier om het uit te maken!”, roep ik verbaasd. “Het erge is nog”, vervolgt Sjors, “wat ze zei toen ik haar er later mee confronteerde. Zij antwoordde dat haar moeder haar had opgegeven. Die vond mij een ongeschikte levenspartner. Niet de persoon om mee te trouwen of kinderen te krijgen. Ze dacht haar moeder een lol te doen en vond kandidaat twee, Tom, uiteindelijk toch ook een goede match.” De opnames waren al weken eerder geweest, maar Laura had niet het lef gehad Sjors daarvan op de hoogte te brengen.
Exit Sjors, enter Tom. “Maar het verhaal is nog niet afgelopen”, zei Sjors. “Ik moest twee maanden later voor opnames van de documentaire wat materiaal schieten bij Laura thuis. Toen ik aanbelde deed niet Laura, of Tom, maar Edwin open. Hij was een naaste collega, tevens een cameraman. “Huh Edwin, wat doe jij nu hier, vroeg ik verbaasd. Moet jij ook werken?” “Nee joh”, antwoordde Edwin. “Ik woon hier nu. Ik woon samen met Laura.”
“Pfff….” zegt een andere collega. “Wat een meid zeg.” “Nou, die Laura kan vast niet zo goed alleen zijn”, concludeer ik voorzichtig. Trots denk ik: ik gelukkig wel. Maar ja, ik heb dan ook nooit meegedaan aan een missverkiezing.
