Van de zorg over haar kind tot klussen in huis: elke week schrijft Carolien Spaans voor LINDA. over alles waar je als alleenstaande moeder tegenaan loopt. Zoals haar afkeer van vakantieparken.
“Ik vraag me af of we hier ook gezeten zouden hebben als papa nog had geleefd”, zeg ik opeens hardop. “Ik hoop het wel”, antwoordt Luuk, want hij vindt vakantieparken de beste plekken op aarde.
'Als er iets niet cool is, dan is het een jolige moeder van 47 die besluit een spreekkoor in haar eentje te doen'
Ik niet, ze halen het allerslechtste in me naar boven omdat je zo nadrukkelijk met je neus in andermans privéleven wordt geduwd. De huisjes staan altijd net te dicht op elkaar. In het tropisch zwemparadijs zie ik meermaals andermans schaamhaar als hij/zij het zwemtenue rechttrekt na de wildwaterbaan. En op dit moment, aan deze tafel in het all-you-can-eatrestaurant, kan ik niet stoppen met staren naar een man met grote klodders mayo in zijn baard en zijn vrouw die daar niks van zegt.
Deze parken zijn me altijd te veel, te goor en te druk. Ik kan alleen sporadisch genieten via Luuk, die álles fantastisch vindt, zelfs mijn onaardige commentaar op andere mensen – en die maak ik de hele dag. “De vrouw van baardmans eet nu haar zevende pannenkoek met appelmoes”, meld ik terwijl ik over de schouder van mijn zoon gebiologeerd toekijk. Vol ongeloof kijkt hij me aan. “Zéven?” Ik knik. “Als toetje, hè.” Daar moet hij om schateren, “gadverdamme!”, terwijl ik alweer loer naar mijn volgende prooi des ergernis.
Naast ons zit een Duits gezin, de vader moedigt zijn nu al veel te dikke dochter aan om de hele stapel mini-frikandelletjes op te eten. Ik denk slechte gedachten en daarna weer aan Jean, die zoiets – als we hem al zover hadden kunnen krijgen mee te gaan – schouderophalend en slechts ter kennisgeving had aangenomen.
Weer terug uit Drenthe bel ik Jeans beste vriend Steef, omdat ik denk dat ik het antwoord weet maar toch zijn bevestiging wil. Hij kende Jean het allerbeste, ik bel wel vaker met een vraag. “Wat denk je?” vraag ik. “Dat had-ie de hel gevonden, toch?” Steef grinnikt een beetje, oppert dat het misschien met Luukie erbij toch anders was geweest, “maar ik denk dat hij liever was gaan kamperen of skiën, in ieder geval iets avontuurlijkers.”
Ik hang weer op en denk aan alle vaders die ik heb zien overgooien met hun zoon en hoe ik dat ook heb gedaan, dat stukje had Jean nog wel leuk gevonden. Maar een escaperoom? Op de grens met Duitsland staan omdat Luuk daar nog nooit was geweest? Woest enthousiast worden omdat er wel vier ganzenfamilies kwamen buurten op ons terrasje, of de babygeitjes op de kinderboerderij? Ik weet het niet, ik weet het niet.
Hij zou in ieder geval wel milder zijn geweest over de andere gasten. Niet gek zijn geworden van alle lichamen die tegen hem aan knalden in het zwembad. Mijn intolerantie hebben gladgestreken, want dat kon hij.
Vanmiddag, als Luuk uit school komt, zal ik tegen hem zeggen dat papa vast wel mee zou zijn gegaan naar Centerparcs, “speciaal voor jou”. Geen idee of ik gelijk heb, maar soms moet je voor een ander invullen wat hij denkt of doet, omdat diegene er zelf niet meer is. Ik kies ervoor om de glans van vakantieparken intact te laten door zijn vader in het fantasieplaatje te tekenen. Speciaal voor Luuk.
Het beste van LINDA. direct in je mail? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.
'Het praten, troosten en kalmeren, elke avond weer: dit maximale moederen is mentaal een uitputtingsslag'

















