
In het gezin van journaliste Margot C. Pol is alles bespreekbaar – van geld tot de dood – maar komt het gesprek op voortplanting, dan weet ze pardoes niet meer waar te beginnen. Seksuele voorlichting: hoe doe je dat eigenlijk?
KONIJNEN. IK HÁD HET KUNNEN WETEN. Maar toen we de tuin van de buren in liepen, het hok open deden en ze niet op de wortels, maar op elkaar sprongen, stond ik toch even met mijn mond vol tanden. Mijn zonen (6 en 8) gingen ondertussen stuk. “Wat zijn ze aan het doen?!”
“Eh …” zei ik.
“Sumoworstelen”, riepen ze blij. En ze lachten nog harder, terwijl Vlekje zichzelf op topsnelheid opdrong aan Pluisje, die alles lijdzaam onderging.
Wat is dat toch met seksuele voorlichting? Alles is bespreekbaar bij ons thuis, van geld tot de dood, maar komt het op voortplanting, dan weet ik het ineens niet meer. Ik ben niet de enige: zelfs mijn stoerste vriendinnen rommelen op dit onderwerp maar wat aan. “Hun vader moet dat maar doen”, zegt de een. “Ik heb een boekje neergelegd”, zegt de ander. En ja, we weten heus wel dat het belangrijk is. Expliciete beelden zijn maar twee toevallige muisklikken verwijderd. Ooms, artsen en badmeesters die het ondenkbare doen, bestaan helaas nog steeds. Je kind daar weerbaarder tegen maken gaat niet zonder het bespreekbaar te maken, dat snap ik ook wel. En bovendien: ik gun ze later een leuk seksleven inclusief zelfvertrouwen, consent en kennis van wederzijdse lichamen.
Maar met de nadruk op later. Niet nu.
Dat is precies wat veel ouders er zo lastig aan vinden, zegt specialist in seksuele opvoeding Belle Barbé. “Als ouder bekijk je seksualiteit door je eigen, volwassen bril. Inclusief gevoelens als lust en opwinding. En die rijmen gewoon niet met kinderen. Daarom is het moeilijk om je eigen ervaringen even los te laten.” Toch is dat wel de oplossing. Want kinderen ervaren seksualiteit heel anders, vertelt ze. “Als een vierjarige vraagt waar een baby vandaan komt, dan weten wij dat het met seks te maken heeft, hoe dat eruitziet en hoe dat voelt. Maar een kind heeft die associaties allemaal niet. Dus kun je prima antwoorden: ‘Door te vrijen.’ Is je kind iets ouder, dan is een antwoord als: ‘Dat is iets dat grote mensen doen als ze elkaar heel lief vinden’ prima. Toegelicht met: de piemel kan dan in de vagina gaan, er komen zaadjes uit de piemel bij het eitje van de vrouw. En daaruit groeit een baby.”
HANDJE IN DE BROEK
Ja, piemel en vagina dus. Want wie echte woorden geeft aan lichaamsdelen (en niet: voorbibs, poenie of pielemuis) leert zijn kind dat het normale onderdelen zijn waar je over kunt praten. Oók als er iets vervelends mee gebeurt. Juist verhullende termen en antwoorden doen vaak meer kwaad dan goed, zegt Barbé. “Een kleuter vroeg haar moeder hoe een baby werd gemaakt. Door te knuffelen, had de moeder geantwoord. Het gevolg was dat het meisje wekenlang niet met haar vader durfde te knuffelen, omdat ze bang was voor een baby in haar buik.”
‘PIEMEL,
VAGINA:
VAN ECHTE
WOORDEN
LEREN
KINDEREN
DAT HET
NORMALE
LICHAAMS-
DELEN ZIJN’
Maar kun je ook te ver gaan in je uitleg? Barbé: “In de jaren zeventig waren er ouders die hun kinderen voordeden hoe ze seks hadden. Daar zijn logischerwijs wel trauma’s door ontstaan. Maar ik denk dat je als ouder meestal heel goed aanvoelt waar je kind behoefte aan heeft. Al twijfel ik daar soms zelf ook over. Onze dochter van drie vroeg ooit: ‘Hoe komen die zaadjes dan uit de piemel?’ Ik twijfelde: moet ik dan nu echt al over orgasmes en seksueel plezier gaan vertellen? Maar toen zei mijn man: ‘Vanuit de plasbuis.’ En daarmee was ze tevreden.”
Kleine kinderen zijn dus over het algemeen vooral op zoek naar technische verduidelijking: hoe zit dat nou, biologisch? Wat je daarbij kunt voelen, zoals lust en opwinding, ervaren ze nog niet. Die gevoelens komen pas vanaf de puberteit, als de hormonen gaan werken. Maar dat je piemel of vulva aanraken anders voelt dan je knie of je arm, dat weten kinderen natuurlijk best. Zo wil de achtjarige zoon van Marieke sinds een paar weken zonder pyjama slapen. “De lakens voelen lekker tegen zijn piemel, zegt-ie. Als hij vervolgens ’s ochtends in zijn blootje bij ons in bed kruipt, heeft hij soms een stijve piemel. Ik maak er dan meestal een grapje van, zo van: ‘Hee, kijk nou.’ Het is totaal onschuldig. Mijn vriend voelt zich op die momenten wel wat ongemakkelijk. Seksuele dingen zijn privé, vindt hij.”
Ze zijn niet de enige ouders die worstelen met kinderen die hun eigen lijf ontdekken. Peuters die hun knuffel berijden of tv kijken met hun hand in hun broek: het zijn niet de momentjes waar je als zwangere van droomde. Barbé: “Vaak reageren ouders dan met: ‘Niet doen!’ of: ‘Dat is vies.’ Maar daarmee creëer je indirect een gevoel van schaamte. In plaats daarvan zou je kunnen zeggen: ‘Ik begrijp dat het fijn is, maar dit is niet de plek of het moment. Dat mag je doen als je alleen bent.’”
GIFTIGE MIX
‘Kinderen van acht leren dat het normaal is om te spelen met jezelf? Sorry, maar dat is geen informatie, dat is indoctrinatie’, zegt Jay Francis, alias @tisjeboyjay in een reel met zeventigduizend likes. Hij is een van de extreem conservatieve stemmen in de discussie over seksueel opvoeden, samen met onder meer presentatrice Raisa Blommestijn en actiegroepen als Gezin in Gevaar. Praten over seks met kinderen? Alsjeblieft niet, vindt deze groep. Straks gaan ze alles nog normaal vinden, zelfs als de buurman zijn piemel tevoorschijn haalt. Die sluimerende gevoelens escaleerden twee jaar geleden, tijdens de Week van de Lentekriebels. Tijdens deze jaarlijkse projectweek, georganiseerd door de GGD en kennis- en expertisecentrum seksuele gezondheid Rutgers, besteden ruim drieduizend basisscholen in Nederland aandacht aan de thema’s liefde, relaties, wensen, grenzen en seksualiteit. Dat gebeurde achttien jaar zonder problemen, tot 2023. Een giftige mix van ophitsing en desinformatie leidde tot online en offline woede en angst. ‘Kinderen worden aangespoord om na te denken over geslachtsverandering, anale seks, trio’s en dragqueens’, fantaseerde FvD-leider Thierry Baudet hardop in de Tweede Kamer. Medewerkers van Rutgers werden bedreigd, ouders eisten gesprekken op school of hielden hun kind thuis. Een basisschool waar Belle Barbé op een ouderavond zou spreken, had zelfs preventief de wijkagent erbij gehaald. Hoe kan het dat een onschuldige themaweek zo ontspoorde?
Elsbeth Reitzema, expert relationele en seksuele vorming bij Rutgers, is sinds het begin betrokken bij de Week van de Lentekriebels. Hoe verklaart zij de maatschappelijke ophef? “Sinds 2023 gaat er over relationele en seksuele vorming veel desinformatie rond, dat roept logischerwijs zorgen op bij ouders. Je ziet dat er een kleine groep mensen is die een extreem conservatief geluid laat horen dat breder wordt gedeeld. Daarnaast zijn er meer maatschappelijke veranderingen: vrouwen zonnen niet meer topless, jongens houden hun onderbroek aan bij het douchen na gym of op de sportclub.” Bloot wordt, kortom, meer geseksualiseerd. Reitzema: “Maar dat heeft denk ik meer met de opkomst van mobiele telefoons te maken, dan met preutsheid. Daarnaast is de aandacht voor LHBTIQ+ toegenomen en ligt de nadruk op consent.” Er is een tweedeling in Nederland die steeds groter lijkt te worden, ook als het om seksualiteit gaat, ziet ze. Met de nadruk op lijkt. “Want uit onderzoek weten we dat 88 procent van de ouders juist voorstander is van verplichte seksuele voorlichting op school. Slechts twee procent is echt tegen, dus het is een kleine groep ouders die je hoort. Helaas is dat tegengeluid altijd luider.”
‘KINDEREN
DIE GOEDE
SEKSUELE
VOORLICHTING
KRIJGEN,
BEGINNEN
NIET EERDER,
MAAR LATER
AAN SEKS’
ELKE VRAAG EEN HAAKJE
Ik moet denken aan mijn eigen seksuele vorming. De Week van de Lentekriebels bestond nog niet, het loeitrage internet betaalden we per minuut en de Hitkrant was onze belangrijkste bron van informatie, afgezien van biologie waar we een condoom om een banaan moesten doen. Die antilentekriebelouders hadden het een gewéldige tijd gevonden. Niet zwanger worden was de belangrijkste boodschap. En doe het alleen met iemand als je diegene echt leuk vindt, voegde mijn moeder daar nog aan toe, toen ik op mijn zestiende aan de pil mocht.
Fast forward naar 2023. Sekszusjes TV is een YouTube-hit. In een zelfgeknutseld decor van borsten en piemels van purschuim bespreken Krista en Marcelle Arriëns onderwerpen als rommelige vulvalippen, feedback geven en sperma slikken, kortom: alles wat ze vroeger zelf graag hadden geweten. Hun eerlijke serie is een succes – en niet alleen bij tieners. Ook volwassenen mailen: nooit geweten dat wat ik voel, normaal is. En: had iemand me maar eerder verteld dat je gewoon kunt zeggen dat iets pijn doet. Wat mij vooral is bijgebleven, is iets wat de Sekszusjes in een interview zeiden: ‘Veel volwassenen lijken bang dat als ze met kinderen over seks praten, hun kinderen eerder aan seks gaan beginnen. Alsof ze daarmee iets bij hen wakker maken. Maar uit onderzoek blijkt dat het tegenovergestelde juist waar is: kinderen die goede seksuele voorlichting krijgen, beginnen later aan seks. Bovendien krijgen ze later minder vaak te maken met problemen als seksuele grensoverschrijding, misbruik, soa’s of ongeplande zwangerschap.’
Met andere woorden: als je de onschuld van je kinderen wil bewaken, praat dan júíst met ze over seksualiteit. Vertel hoe hun lijf werkt. Dat de buurman er niet aan mag zitten. Dat ze goed zijn zoals ze zijn. Wat er gaat veranderen in de puberteit. Vraag wie er al verliefd is in de klas. Zie elke vraag als een haakje. Voer vaak kleine gesprekjes, zodat duidelijk is: dit onderwerp is bespreekbaar en je kunt bij mij terecht. Oók over de Satisfyer. En óók als je denkt: mijn kind is hier nog niet aan toe. Uit onderzoek blijkt dat ouders gemiddeld twee jaar achterlopen bij de seksuele ontwikkeling van hun kinderen. En ja, óók over porno.
‘VOER
VAAK KLEINE
GESPREKJES,
ZODAT
DUIDELIJK
IS: DIT
ONDERWERP IS
BESPREEKBAAR’
BOEKEN EN BETROUWBARE SITES
Uit onderzoek van Het Jeugdjournaal blijkt namelijk dat maar liefst zeventig procent van de 9- tot 12-jarigen weleens seksuele beelden ziet op internet. Barbé: “Ik zou het niet verbieden en ik zou ook geen filters instellen. Als kinderen er echt naar op zoek zijn, weten ze vaak veel beter dan jij hoe ze die beperkingen moeten omzeilen.” Porno is op zich niet slecht voor jongeren en volwassenen, denkt Barbé, als je het gebruikt zoals het bedoeld is: namelijk om opgewonden van te raken. “Het is alleen niet echt, zoals in een actiefilm de stunts ook niet echt zijn. Dat is belangrijk om te vertellen. Bovendien kom je al snel bij vrij extreme of illegale beelden. Wat als je iets ziet wat je niet wil zien? Hoe klik je dat weg? Wie haal je erbij?”
Wat Barbé betreft is er geen onderwerp waar je niet over kunt praten. Zelfs als je tiener vraagt hoe vaak júllie eigenlijk seks hebben. Maar je hoeft niet over je eigen seksleven te vertellen als je dat ongemakkelijk vindt, denkt ze.
“Wat vaak goed werkt, is veralgemeniseren: dat is voor iedereen anders. Of vertellen over je jongere zelf: toen ik zo oud was als jij, was ik daar ook nieuwsgierig naar. Maar je kunt er ook voor kiezen om uit te leggen dat je dit privé vindt en niet wilt vertellen over je eigen seksuele ervaringen. Een mooie les in grenzen aangeven.”
Praten dus. Vóór het ongemak niet alleen bij jou, maar ook bij je kind toeslaat. Ik moet denken aan de puber die ooit zijn vermijdingstechniek bij seksuele voorlichting uitlegde. Eerst deed hij simpelweg of-ie zijn ouders niet hoorde. Daarna keek hij ze aan alsof hij écht niet wist waar ze het over hadden. En als dat niet werkte, ging hij in de tegenaanval: “Wat, willen jullie echt met mij over dit onderwerp praten? Gatver!”
Vooruit, misschien is dit een van de weinige situaties waarin je niet moet praten, denkt Barbé. In ieder geval niet meteen. Wat je wel kunt doen, is goede boeken neerleggen op een plek waar je puber rustig kan lezen, betrouwbare sites en apps doorsturen en natuurlijk laten merken dat je openstaat voor vragen. Want te laat is het nooit. Zelfs niet als je dit hele onderwerp hebt overgeslagen en je kinderen al lang en breed bij hun verkering blijven slapen. En heb je pubers in huis die verveeld roepen dat ze alles al weten, want YouTube en Tiktok? “Dat klopt nooit helemaal”, zegt Elsbeth Reitzema. “Online wordt er veel misinformatie verspreid. Het is belangrijk om daar tegenwicht aan te bieden.” En dat kan ook leuk zijn. “Veel puberouders denken: ik hoef er niet meer over te praten, ze weten toch al meer dan ik. Nou, misschien kan jij dan nog wel iets van je kind leren. Je hoeft niet de alwetende ouder te zijn.”
Duidelijk. Die rampetampende konijnen moet ik gewoon omdenken. Ze zijn niet gênant, ze zijn een haakje. Volgende keer vertel ik mijn kinderen wat er echt gebeurt. Gewoon, dat de piemel van Vlekje in de vagina van Pluisje … Nee, ik kijk er niet naar uit. Maar we moeten er even doorheen. En ja, dat is ongemakkelijk voor mij. Net zoals het ongemakkelijk was voor mijn eigen ouders. Maar die keten van ongemak stopt hier, vanaf nu is ook seks bij ons thuis bespreekbaar. En wordt het me echt te veel? Dan doe ik wat Belle Barbé adviseert aan ouders die het ongemakkelijk vinden als hun kleine kinderen doktertje spelen: “Je mag ook gewoon de deur dichtdoen.”•
Dit artikel is afkomstig uit LINDA.253 – Zomer vol liefde, lees hier het hele magazine.
‘Kinderen krijgen ongelooflijk veel zooi toegestopt op een dag: snoep, chips en frisdranken’














































