Bijna één op de zes kinderen woont in Nederland met maar één van zijn of haar ouders in huis. In totaal is dat zestien procent van alle kinderen in Nederland.
Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Eenouderhuishouden
Begin 2019 telde Nederland zo’n 3,4 miljoen kinderen. 538.000 van hen woonden het afgelopen jaar in een eenouderhuishouden. Dat betekent dat deze kinderen bij slechts één van de twee ouders in huis wonen, bijvoorbeeld omdat de ouders gescheiden zijn, een ouder overleden is of de ouders in de eerste plaats nooit hebben samengewoond.

















