Persoonlijk verhaal

Mila (34): ‘Ik was altijd een vaderskindje, nu vertrouw ik niemand meer, zelfs mijn eigen man niet’

Mila (34) groeide op in een doodnormaal gezin. Althans, dat denkt ze. Tot haar vader wordt veroordeeld voor bezit van kinderporno en het betasten van een elfjarig meisje.

“Ik ben opgegroeid in een Brabants dorpje als jongste van het gezin – mijn broer is acht jaar ouder, mijn zus twee jaar. Mijn vader was leerkracht op een basisschool, mijn moeder zorgde voor ons. Ik had het idee dat we met z’n vijven een gezellig, warm nest vormden. Op mijn negentiende verhuisde ik naar Maastricht. Ook de jaren daarna had ik een goede band met mijn ouders, alles was koek en ei.
In mei 2019 werden mijn zus, broer en ik gebeld door mijn moeder met de vraag of we meteen naar huis konden komen. Thuis kregen we te horen dat er een aanklacht was tegen papa, hij wist niet welke. De politie had eerder die dag onverwachts op de stoep gestaan en de laptop van mijn ouders meegenomen. Hij kreeg alleen medegedeeld dat er sprake was van een aanklacht, dat het om een leerling ging en dat hij op non-actief werd gesteld, zonder verdere context. Althans, dat is wat hij ons vertelde toen we allemaal vragen aan hem stelden.
Pas een halfjaar later werd hij door de politie opgeroepen voor verhoor. Tot die tijd wisten wij niet wat er aan de hand was. Uiteindelijk is hij drie dagen ondervraagd. Samen met mijn moeder haalden we hem op bij het bureau en op de terugweg vuurden we tientallen vragen op hem af. Wat is de precieze aanklacht? Hoezo werd hij zo lang verhoord, wat vroegen ze dan allemaal? Hij vertelde dat een leerling had gezegd dat hij aan haar had gezeten. ‘Aan haar gezeten, hoezo?’ vroegen wij meermaals. We begonnen te huilen. Meer dan dat wist hij niet, zei mijn vader. Hij had het niet gedaan, hij kon niet bedenken waarom iemand zoiets zou verzinnen. Hem werd onrecht aangedaan, hij was het slachtoffer.

LAPTOP
Op dat moment kon ik me niet voorstellen dat hij zoiets zou doen. Ik schoot meteen in de verdediging; waarom zou iemand liegen over mijn lieve vader? Hij zei dat het een valse aangifte was, dat zoiets heel vaak gebeurt. Ik geloofde hem toen, maar inmiddels weet ik dat valse aangiftes amper voorkomen. Meerdere psychologen hebben me later verteld dat het normaal is om je vader te beschermen en geloven, maar ik vind het nog steeds heel vervelend dat ik meteen zijn kant koos.
Een paar weken later hoorden mijn moeder, broer, zus en ik dat we ook moesten worden verhoord. Toen ik mijn vader vroeg waarom – het was immers een aanklacht tegen hem – zei hij dat hij geen idee had. Mijn moeder en zus waren als eersten aan de beurt. Tot mijn verbazing vertelde mijn zus dat er alleen werd gevraagd naar de laptop van mijn ouders en of wij daarbij konden. Toen ik werd verhoord, antwoordde ik dat ik op die laptop weleens mijn Facebook of Hotmail checkte. De politie vertelde dat er kinderporno op was aangetroffen. Mijn eerste reactie was dat mijn vader vast zo dom was geweest om per ongeluk iets raars aan te klikken. Aan het einde van het verhoor zei ik dat ik zeker wist dat hij het niet had gedaan. Blijkbaar hebben we dat alle vier gezegd. Wij dachten: het is onze váder, dit klopt niet. In de ­periode erna hebben we hem natuurlijk heel vaak gevraagd wat er aan de hand was, maar hij kon nergens antwoord op geven. We moesten hem geloven. Tot huilens toe bleef hij volhouden: ‘Ik heb het niet gedaan.’

DAGBOEK
Een jaar later, eind 2020, was de rechtszaak. In de aanloop ernaartoe zei hij ineens: ‘Op aanraden van mijn advocaat ga ik zeggen dat ik ­schuldig ben, want de bewijzen zijn sterker dan mijn verdediging.’ Ik weet niet hoe rechtsspraak werkt, maar wel dat je in principe geen schuld bekent als je onschuldig bent. Toch durfden wij onze twijfels niet uit te spreken. Bij de rechtszaak mochten we volgens hem door corona niet aanwezig zijn. Toen we hem gingen ophalen, was hij helemaal ­ontdaan. Leeggezogen. Hij was echt een hoopje ellende. In de auto naar huis kwam er weer niks uit.
Een paar dagen later vond de man van mijn zus online het verslag van de rechtszaak. Daarin lazen we eindelijk wat er was gebeurd. Het ­elfjarige meisje had in haar dagboek opgeschreven dat mijn vader meermaals aan haar had gezeten. Hoe hij tijdens de les telkens achter haar ging zitten, met zijn handen onder haar shirt ging en over haar borstkas wreef. Dat hij met zijn duim over haar tepel bewoog terwijl hij in haar oor fluisterde: ‘Dit vind je toch niet erg?’ En dat ze het liefst een jurk aantrok, zodat hij er niet bij kon. Dat vond ik zo hartverscheurend.
De moeder van het meisje had het dagboek gelezen, gevraagd of het waar was en is toen met haar dochter naar de politie gegaan.
In het verslag stond ook dat hij kinderporno had opgezocht, inclusief zoektermen met baby’s en dingen als: how to grab a girl from behind.
Dat de politie ons had willen verhoren, kwam doordat mijn vader had gezegd dat wij ook de laptop gebruikten. Alsof wij de viespeuken ­zouden kunnen zijn. Ik ben nog steeds woest dat hij ons niet in bescherming heeft genomen.
De volgende dag hebben mijn broer, zus en ik hem geconfronteerd. ‘Vertel maar, we weten alles’, zeiden we. Nog steeds ontkende hij wat er opgeschreven was, hij zei dat het leugens waren en dat hij niks verkeerd had gedaan. Idioot natuurlijk, want het bewijs was er.