‘Tegenover me staat een kind te oogrollen. Ik probeer niet te schreeuwen, maar doe het denk ik wel’
doorClaudia de Breij

doorClaudia de Breij
Claudia de Breij (51) is cabaretière, zangeres en schrijfster.
“Wie heeft die oplader mee? Jongens, ik blijf geen nieuwe kopen!”
Tegenover me staat een kind te oogrollen. Ik probeer niet te schreeuwen, maar ik doe het denk ik wel. Er zijn ergere dingen en de wereld staat in brand, maar op het moment dat mijn telefoon leeg is en ik ’m nodig heb, word ik er toch gek van. Mijn kinderen eten opladers. “Of verpatsen jullie ze? Loop jij in het park dure opladers te ruilen voor sigaretten? Rook jij? Weet je wel hoe slecht dat is?”
“Mama, nee, doe normaal, ik had deze gewoon even meegenomen naar Emilio en die neemt hem morgen mee naar school. Echt. ECHT.” Dat zei Emilio de vorige keer ook. En daarvoor Donatello en Leonardo en Raffaello of hoe ze allemaal maar heten. Intussen heb ik nog maar 3 procent batterij en de dokter belt zo terug over een nieuw receptje voor de hormoonsupplementen. Alsof ik die nodig heb. ALSOF IK MOODSWINGS HEB.
Omdat wij in ons gezin (twee ouders, twee kinderen) samen minstens acht apparaten hebben waar een USB-C-snoertje in moet, escaleert de zaak hier in huis regelmatig. Het is heel fijn dat de Europese Unie ervoor heeft gezorgd dat big tech universele stekkers moet leveren in plaats van met elke nieuwe iPhone of laptop weer een ander systeem, maar nu houden we dus niks meer voor onszelf over. Eerst hebben we, om te voorkomen dat we nog meer opladers zouden verliezen, onze initialen op de stekkers geschreven. Toen dat niet hielp onze naam, maar mijn zoons vinden het kennelijk niet bezwaarlijk om als ‘Claudia’ op school in te pluggen.
“Ik weet wat”, zei mijn vrouw. Ze pakte uit de keukenla met verweesde kantoorartikelen een vel etiketten.
“Deze snoeren,” wees ze op twee splinternieuwe, lange, stofomwikkelde snelladers, “gaan hier nooit meer weg.”
Ze beschreef de etiketten en plakte ze om het snoer zoals fabrikanten die bang zijn voor een miljoenenclaim zo’n label aan een hotelföhn hangen (vaak staat er dan op dat je je haar beter niet kunt föhnen terwijl je in bad zit).
Dat is nu drie maanden geleden. Zojuist wilde ik mijn iPad opladen. Ik greep achter de bank en vond niet één, maar twee snoeren. Aan het ene zat een label waarop stond ‘Pas op: menopauze-stekker!’ Aan het andere snoer zat er een met ‘Kijk uit, van dit snoer word je lesbisch.’
Ik weet niet helemaal wat we de jongens ermee leren en of het goed is om gebruik te maken van mogelijke gêne rond deze onderwerpen, maar ik zit lekker al wel op 78 procent batterij.•
Dit artikel is afkomstig uit LINDA.266 F*CK DE PRINS OP HET WITTE PAARD lees hier het hele magazine.
‘Wat een topidee: een reisbureau voor de verloren kinderen van de achterbankgeneratie’