
NEE, MOOI IS TOKIO NIET.
Maar wel indrukwekkend. Alleen al door de cijfers: 14 miljoen inwoners, 23 wijken en met een oppervlakte van 2194 km² de grootste stad ter wereld. Het is dus onmogelijk om alles te zien – en ook niet nodig. Sowieso is het verstandig om na de dertien uur durende vlucht (er wordt voorlopig gelukkig om Rusland heen gevlogen) je meteen voor te nemen ooit terug te gaan, anders ga je de hele reis last hebben vanverschrikkelijke fomo.
Net als in veel andere grote steden is een flink stuk van Tokio niet interessant voor toeristen. Bovendien verandert de stad ook constant: een relatief saaie buurt kan hier binnen een paar maanden hartstikke hip worden. Gelukkig zijn er altijd klassiekers: de wijken die je simpelweg gezien moethebben, vanwege de drukte (Shibuya), de hysterie (Harajuku), de schoonheid (Ueno), het nachtleven (Shinjuku) of het shoppen (Ginza). Daarnaast spelen de seizoenen mee; in het voorjaar, wanneer de bloesems uitkomen, wil je absoluut de Meguro-rivier bezoeken (check voor je je reis plant online wanneer de bloeiperiode is en houd er rekening mee dat in deze weken zowel de ticket- als hotelprijzen flink wat hoger zijn).
In het najaar is Ueno met z’n geweldige park vol tempels en musea een prima plek om tijd door te brengen. Voor de lunch koop je in de kelder van een warenhuis een bentobox, daarna zoek je een bankje in het park omte eten, koekeloeren en genieten.
Een buurt die je zeker niet mag overslaan is Yanesen, ten noorden van Ueno. De naam is een samenvoeging van de eerste letters van de buurten Yanaka, Nezu en Sendagi en hier vind je de ene tempel na de andere, plus kersenbomen, galeries, winkels, restaurants en een wirwar aan gezellige straatjes.
THEETIJD
Vanuit Tokio reis je per Shinkansen (bullet train) in tweeënhalf uur tijd naar Kanazawa, een stad aan de Japanse Zee. Bekend om zijn negentiende-eeuwse chayawijken – chayabetekent letterlijk theehuis, maar het is ook de plek waar geisha’s op speciaal verzoek hun zang- en danskunsten vertonen.
Kanazawa heeft drie van dit soort wijken, waarvan het Higashi Chaya District de grootste en meest interessante is; zowel Shima Teahouse als Kaikaro Teahouse zijn namelijk geopend voor publiek. Kanazawaheeft verder een Japanse tuin (een van de drie Great Gardens van Japan – in de bloesemperiode een bezoek waard) en een indrukwekkend kasteel. Maar de Japanners zelf staan toch vooral in de rij voor in bladgoud gewikkeld matcha (groene thee) softijs. Zes euro kost dit geintje, maar dan heb je wel een prima plaatje voor Insta.
JA, OOK SNEEUW
Vanaf de kust is het met de bus een uur rijden naar Shirakawa-go en het nabijgelegen Gokayama. Beide staan op de Unesco Werelderfgoedlijst vanwege de traditionele gassho-zukuri boerderijen met hun hoge, driehoekige daken. De dorpjes liggen in de Japanse Alpen, die vooral in de winter een hoop wintersport minnende Japanners trekken. Japan is sowieso een goede skibestemming met een lang sneeuwseizoen en perfecte, droge poedersneeuwpistes op slechts enkele uurtjes met de trein vanuit Tokio. Maar een hele dag vliegen voor een week skiën: je moet er wel zin in hebben.
Waarom dan wel Japan bezoeken? Omdat het op geen enkel ander land lijkt; Japan is uniek in zijn combinatie van prachtige natuur, bijzondere cultuur, verfijndheid, verbazingwekkende technische snufjes, geweldige service en diversiteit qua steden. Neem Osaka. Bekend als zakenstad, maar wel een waar je extreem goed kunt winkelen én met een jaloersmakende eetcultuur. Van streetfood tot Michelinsterrenen ook nog eens enorm betaalbaar. Sowieso is Japan niet duur; je kunt er met gemak voor vijftien euro avondeten, en goede hotelkamers zijn er al vanaf zo’n zeventig euro per nacht. Reizen met de trein en metro is prima te doen: op alle grote stations staat alles in het Engels aangegeven en Japanners zijn ook nog eens enorm behulpzaam.
Vanuit Osaka is het een kwartier per Shinkansen naar Kyoto, de stad van de tempels. De 1600 boeddhistische tempels, 400 Shinto-heiligdommen, paleizen en tuinen bleven tijdens de Tweede Wereldoorlog gespaard en daardoor voelt het er alsof je teruggaat in de tijd. Je kunt met gemak een week in deze stad verblijven zonder je te vervelen. Wie haast heeft, beperkt zich tot de Kiyomizu-dera-tempel die op grote, houten pilaren tegen een berg is gebouwd, het gouden paviljoen Kinkaku-ji, Shinto-heiligdom Heian Jingu en Ryoan-ji, beroemdvanwege de zen-tuin. Na al deze schoonheid plof je ergens neer voor een lunch of diner. Wordt het ramen met tempura on the side? Of toch nog liever een hartige Japansepannenkoek (okonomiyaki)? Wie de tijd heeft, kiest voor amiyaki – wat zich laat vertalen als grillen op een netje. Op een minihoutskoolbarbecue bak je zelf je vlees, groenten of vis. Vaak maakt zo’n barbecue onderdeel uit van het Japanse eetprincipe kaiseki-ryori: rijst, misosoep, een hoofdgerecht, enkele bijgerechten en ingelegde groenten, en dat voor maar twintig euro.
Laatste tip: vlieg erheen met een zo leeg mogelijke koffer, want zelfs de meest notoire non-shopper gaat voor de bijl bij het zien van alle prachtig verpakte koekjes, souvenirsen etalages vol sake.•
Dit artikel stond eerder in LINDA.LOVES
























































