Verlaten vrouw

Ronja (39): ‘Ik bleef bij hem omdat ik anders niet op tijd een nieuwe man vond om kinderen mee te krijgen’

Een mooi huis, genoeg geld en de zekerheid een gezin te kunnen stichten: het was voor Ronja (39) lang reden om te blijven. “Eigenlijk zat het al scheef vanaf het begin.”

“We woonden nog maar net samen, toen ik kon kiezen uit verschillende banen. Het liefst had ik een onderzoeksfunctie geaccepteerd aan de universiteit, maar mijn vriend zei: ‘Voor dat hongerloontje ga je toch niet werken?’ Ik sputterde wat tegen, opperde er een baan naast te nemen. Onzin, vond hij: ik moest voor een behoorlijk salaris gaan. En zo geschiedde.
Ik keek tegen hem op. We hadden allebei een masterdiploma, maar hij werkte op de Zuidas, hij was de hyperintelligente van ons beiden en geld was zijn werk. Dus koos ik voor een baan bij de overheid, waar ik goedverdiende maar niet uitgedaagd werd. Moet je je voorstellen, toen al zat het scheef tussen ons. We waren nog geen dertig, ik had makkelijk zonder al te grote consequenties kunnen opstappen, maar ik weet precies waarom ik dat niet heb gedaan: ik wilde een gezin. En als ik het toen had uitgemaakt, was het nog maar de vraag of ik op tijd weer een nieuwe man vond om kinderen mee te krijgen. Dit alles was natuurlijk geen bewuste gedachtegang, maar achteraf gezien wel een belangrijk motief. Ik was verblind, en zolang ik binnen die dwingende relatie toch nog mijn eigen leven kon leiden, was het allemaal goed te doen. Een avond in de week roeien, een avond tennissen, een avond overwerken, een avond feesten en dan was de week alweer voorbij. Hij deed buiten zijn hockeytraining niks, zat ’s avonds het liefst op de bank. In het begin vond ik dat heerlijk, hij was de kalme man waar ik naar verlangd had tijdens mijn vorige relatie met een overspelige vriend. Toen ik hoogzwanger was van ons eerste kind, wilde hij ineens een grotere auto. Of we geen geld konden lenen van mijn ouders? En ja hoor, nog diezelfde avond werd er zevenduizend euro overgemaakt. Tot ik me de volgende ochtend realiseerde dat hij kort daarvoor een deel van zijn ­aandelen had verkocht. Ik vroeg hem hoeveel hem dat eigenlijk opgeleverd had.
‘Dertigduizend euro’, antwoordde hij. ‘Waarom dan mijn ouders lastigvallen, als je ook wat extra aandelen had kunnen verkopen?’ vroeg ik. ‘Anders loop ik dividend mis’, zei hij.
Toen dacht ik wel even: hier moet ik wegwezen. Ik weet nog dat ook een vriendin toen zei: ‘Ron, dit is niet normaal hè, hoe hij zich gedraagt.’ Maar waar moest ik naartoe? We hadden net een leuk huisje in de binnenstad gekocht, ik was zeven maanden zwanger. Moest ik met mijn baby naar een huurflat? Als ik mezelf nu hoor praten, denk ik: inderdaad ja, dat was precies wat je had moeten doen. Want hoe banaal is het om de keuzes in je leven te laten afhangen van materieel welzijn? Maar ik suste mezelf en dacht: als de baby er straks is, verandert hij vast.
Onze dochter kwam. Wanneer ze wakker gemaakt moest worden, pakte hij haar niet voorzichtig op, maar liep hij haar kamer in en klapte hard in zijn handen zodat ze begon te huilen. Ik wist niet wat ik zag – deze man was nog vreemder dan ik dacht. En er kwam een probleem bij. Als ik zou vertrekken, zou hij de helft van de tijd de zorg voor ons kind hebben. Daarin vertrouwde ik hem eigenlijk niet meer. Intussen was hij steeds minder vooruit te branden, ik moest hem bijna dwingen mee te gaan naar verjaardagen. Eén keer keerde hij halverwege de rit ineens om, omdat hij geen zin meer had om verder te rijden. Toen heb ik me voor het eerst verzet: als jij niet mee wil, prima, maar wij gaan wel want ik heb zin in een avondje met vrienden. Vanaf dat moment ging ik overal alleen naartoe. Voor de vorm vroeg ik of hij mee wilde, maar het antwoord was bijna altijd ‘nee’.

Al veel eerder, nog voor de geboorte van onze dochter, reageerde hij heel bijzonder op het overlijden van mijn opa. Hij had ineens een rouwende vrouw, dat was wel het laatste waar hij op zat te wachten. Ik hoor het hem nog zeggen, na de begrafenisplechtigheid: ‘Zo, nu ben ik er wel klaar mee.’ Ongelooflijk. Onder welke steen zat ik? Ik was die kikker in een pan steeds heter wordend water op het vuur, zo totaal verstard dat-ie niet eens meer op het idee komt om eruit te springen. Ik negeerde alle rode vlaggen. Sterker: ik wilde nóg een kind, want een gezin met één kind vond ik niet compleet.
Het was 2021, we sliepen al niet meer samen. Het waren tropenjaren, met apart slapen kon hij nog wat rust pakken. Dat was althans de officiële lezing, in feite waren we natuurlijk allang uit elkaar gegroeid. Toch vroeg ik wat hij vond van een tweede kind. ‘Dat is goed’, antwoordde hij, ‘maar dat moet dan in de vakantie worden verwekt, als we weer in één bed liggen.’ En dat lukte ook nog: tijdens ons volgende tripje van vijf dagen is onze tweede verwekt. Om de band tussen ons weer wat aan te trekken, organiseerde ik date nights. En ik regelde wel meer. Want hij was misschien slim, maar ook een chaoot. Eigenlijk was ik gewoon zijn moeder. ‘Zou je je niet vanavond al scheren?’, vroeg ik als hij er de volgende dag vroeg uit moest. Of: ‘Moet er nog iets gestreken worden? En heb je je laptop alvast ingepakt?’ In het weekend gingen we samen zitten om zijn hele week te plannen. Ik wist precies op welke dagen hij waar werkte en wat er moest worden voorbereid.
Bij mij viel het kwartje toen onze tweede dochter werd geboren. Ze was een grote baby, dus na de geboorte was er extra onderzoek nodig. Ik herinner me hoe ik in dat ziekenhuisbed lag en hij op zo’n opklapbed ernaast. De verpleegkundige kwam binnen met de uitslagen, maar hij kwam niet ­overeind, te moe van de doorwaakte nacht. De verpleegkundige en ik wisselden een blik, toen richtte ze het woord tot mij: alles was goed. ‘Wat fijn’, antwoordde ik opgelucht. En toen, tegen hem: ‘Haal jij de oudste even op.’ Daar had hij geen zin in. Ik schaamde me voor hem als vader.
Uiteindelijk heb ik hem verlaten, maar in feite verliet hij mij al veel eerder. Welbeschouwd deed ik vanaf het begin alles in mijn eentje. Naast mijn werk zorgde ik voor de kinderen en het huishouden. Ging hij er wél een keer op uit met de meisjes, dan vulde ik de luiertas. Door al die ballen in de lucht werd ik ziek: ik kreeg een ontsteking aan mijn evenwichtsorgaan en was de hele dag duizelig. Daarbovenop kwamen een maagzweer en een maagbloeding. Artsen informeerden naar de situatie thuis. Vooral de neuroloog toonde zich bezorgd, want dit soort duizeligheid heeft vaak te maken met stress. Hun vragen zetten me aan het denken. Natuurlijk had ik er wel over gesproken met vriendinnen, maar nooit zo uitgebreid. Tijdens de relatietherapie die op mijn initiatief volgde, hakten we de knoop door onder ­leiding van de psycholoog. Voor mij een opluchting, voor hem tóch een verrassing. Nog steeds is hij boos dat ik ‘het ideale plaatje’ heb verwoest. Een vrouw die weggaat om wie hij is, dat is voor hem moeilijk te verkroppen. Over twee dagen verhuis ik eindelijk naar mijn nieuwe appartement. Ik hoop op een rustige, veilige plek voor mezelf en onze dochters, die ik leer te geloven in zichzelf en in hun zelfstandigheid. Hun vader blijft onverbeterlijk. Wie kan geloven dat hij zelfs de Quooker uit ons oude huis heeft meegenomen, terwijl het ding al verkocht was aan de nieuwe eigenaren?”

Dit artikel is afkomstig uit LINDA.260 EIGEN HUIS EN PUIN lees hier het hele magazine.

Thumbnail voor Katinka (33): ‘Zijn minnares was aanwezig op ons huwelijk en zelfs de bruidsfotograaf bleek een ex’Katinka (33): ‘Zijn minnares was aanwezig op ons huwelijk en zelfs de bruidsfotograaf bleek een ex’Lees ook