Interview

Interieurontwerper Piet Boon: ‘Ik gedroeg me soms als een olifant in de porseleinkast. Veel te direct’

Dat interieurontwerper Piet Boon (67) moeilijk zijn gevoelens uit, vindt zijn vrouw best lastig. Maar dat ze dezelfde smaak hebben, is dan weer een pre.

Liefde “Een jaar of twaalf geleden – ik was al gescheiden – raakte ik met Charlotte in gesprek op een gala. De ­volgende ochtend belde ze me met het voorstel nog eens verder te praten. Vrij snel werden we verliefd. Ze kon meteen met mijn kinderen overweg en hielp ze zelfs met hun ­huiswerk. Van haar leiderschap en omgang met mensen kan ik nog wat leren. Binnenkort verhuizen we naar ­Amsterdam. In veel opzichten hebben we dezelfde smaak. Voor ons nieuwe huis had ik nieuwe deurkrukken besteld, maar was vergeten ze eerst aan Charlotte te laten zien dus ik kneep hem even toen ze ernaar vroeg. Gelukkig vond zij ze ook mooi. Wat zij soms lastig aan me vindt, is dat ik er slecht in ben mijn gevoelens te uiten. Tsja, op dat terrein ben ik absoluut geen prater.”
Woede “Confrontaties ga ik uit de weg. Ik heb liever ruzie met mezelf dan met een ander. Ik kan wel boos zijn, maar woede krop ik op. Waar die woede dan heengaat? Geen idee. Elke dag heb ik hoofdpijn, misschien heeft dat daarmee te maken. In de auto heb ik wel een remedie tegen irritaties. Als ik me erger aan een halvegare op de weg, zet ik de muziek harder en ga ik meezingen. Dat helpt. Wanneer ik een vervelende mail krijg van een onredelijke klant, zegt Charlotte: ‘Wacht nog even met reageren.’ En inderdaad: een paar uur later zie ik vaak al een oplossing.”
Sportief “Met mijn kinderen ging ik veel sporten, zoals mijn vader dat vroeger ook met ons deed. Wij gingen al skiën toen dat nog helemaal niet zo gangbaar was. Mijn moeder huurde skischoenen voor ons en dan liepen we ’s avonds over straat om te oefenen met die dingen aan onze voeten. Welke idioot doet zoiets? ‘Loop ze nou maar even in, anders heb je morgen zere poten’, zei mijn moeder dan. Als snelste op de ski’s suisde ik altijd snoeihard naar beneden. Werd ik dit jaar ineens ingehaald door mijn zoon. Dat was wel even slikken.”