
Wat een droomreis met haar familie in Sri Lanka moet worden, verandert voor Loïs van den Bosch (30) in een nachtmerrie als ze bij een ernstig ongeluk haar broertje Timo verliest. “Minutenlang zat ik gehurkt op de grond te gillen.”
“Laatst hoorde ik een jonge meid uit ons dorp zeggen dat ze ging backpacken in Sri Lanka. Je weet niet wat je jezelf aandoet, dacht ik. De wereld is geen grote speeltuin. Nog vaak denk ik terug aan onze noodlottige reis. Waren we maar nooit op dat vliegtuig gestapt. En: waarom wij? Mij zie je nooit meer op Sri Lanka, of in een ander land waar het verkeer zo hectisch is en de ziekenhuizen zo onder de maat. Rationeel weet ik dat overal wel iets gebeurt. Maar ik zoek het gevaar niet meer op.”
VOLLE KLAP
“Zeven jaar geleden waren onze ouders dertig jaar getrouwd. Om dat te vieren gingen we met ons gezin een rondreis maken op Sri Lanka. De planning was om tempels en steden te bezoeken, de bergen in te gaan, een treinreis te maken en te eindigen op de Malediven. Ik keek er enorm naar uit en had zin om veel tijd met mijn familie door te brengen. Mijn band met mijn broertje Timo, die nog thuis woonde, was erg goed. Hij was heel lief, druk en aanwezig, met een harde lach. Iedereen was altijd blij hem te zien. We scheelden slechts anderhalf jaar en hadden veel gezamenlijke vrienden.
Al meteen bij aankomst in Colombo vond ik het verkeer erg heftig en chaotisch. Iedereen haalde elkaar lukraak in, tegenliggers moesten maar aan de kant. Maar ik vond de mensen lief, het eten heerlijk en het land prachtig. Die eerste dagen gingen we op safari, naar een markt en tempel en voeren met een bootje naar een bekend apeneiland. We werden vervoerd in een busje met privéchauffeur. Op de vierde dag hadden we een specerijenmarkt bezocht en waren net onderweg naar een restaurant voor de lunch. In een bocht in de bergen haalde een tegemoetkomende vrachtwagen een motorrijder in. Ons busje werd door de vrachtwagen geramd aan de rechterkant. Mijn vader en Timo zaten achter elkaar aan de rechterkant en werden dus vol geraakt. De vrachtwagen heb ik nooit zien aankomen, ik zat op mijn telefoon de foto’s van de specerijenmarkt te bekijken. Ik schrok op van de harde klap, we werden heen en weer geschud. Toen ik opzij keek, zag ik Timo bewusteloos vooroverhangen. Er kwam bloed uit zijn neus en oren. Ik draaide me om en ook mijn vader hing met zijn hoofd naar voren. Dit was helemaal mis, besefte ik. Ik gooide de schuifdeur open en kroop naar buiten. Minutenlang zat ik gehurkt op de grond te gillen. Omstanders trokken Timo snel uit het busje. Onze stoelen waren verwrongen. Mijn vader zat klem, ze kregen hem er met veel moeite uit. Ik zag dat zijn rechterarm helemaal ontveld was en los bungelde. Hij zou doodbloeden als ik niets deed. Snel haalde ik een doek uit de auto en bond zijn arm af. De eerste ambulance kwam snel en nam Timo, mijn moeder en de gewonde motorrijder mee. Mijn vader en ik gingen met de tweede ambulance mee. Zelf had ik geen schrammetje, net als mijn moeder.”
GEEN HOOP
“Het ziekenhuis in Matale was rampzalig. Niemand sprak er Engels. Mijn moeder en ik moesten zelf voor beddengoed zorgen, terwijl we niets hadden. Op de wc stond het blank met vies water en ik zag bloedspetters op de muren. Ik moest ervan kokhalzen. De artsen gaven ons de keuze: mijn vaders arm amputeren of hem laten doodbloeden. Natuurlijk kozen we voor het eerste. Timo had veel bloed verloren en kreeg een transfusie. De scans van zijn hersenen zagen er slecht uit, maar er was geen neuroloog aanwezig. Omdat mijn vader in coma lag, was ik mijn moeders klankbord. We waren op elkaar aangewezen. Het was duidelijk dat Timo en pap in dit ziekenhuis niet verder werden geholpen. Verplaatsen was riskant, maar we besloten ze toch naar de hoofdstad Colombo over te brengen.
Daar werd uit extra onderzoek duidelijk dat het met Timo echt foute boel was: hij was vol op zijn hersenstam geraakt. We vroegen artsen in Nederland om een second opinion, maar ook zij gaven aan dat er geen enkele hoop was. Timo zou een kasplantje worden. Ik wist dat hij dit nooit zou willen. Het besef dat ik mijn broertje ging verliezen, was afschuwelijk. Ik vroeg zijn vrienden appjes voor Timo te sturen, die ik bij zijn bed aan hem voorlas. De hoeveelheid berichten was overweldigend. Er werd zo ontzettend veel van hem gehouden.
VERDER LEZEN?
- Krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen
- Lees LINDA.magazine online
- Geniet van te gekke winacties en lekkere puzzels
- Maandelijks eenvoudig opzegbaar







































