Interview

Susan Visser: ‘Als je kinderen ongelukkig zijn, wil je het voor ze oplossen, lichtheid brengen in dat waarmee ze worstelen’

Susan Visser (60) is actrice en dochter van Ellie Hoogendijk (83). Ellie heeft nog een dochter (Lisa, 61) en een relatie met Hans (73). Susan is moeder van Saïda (28) en Aaron (25). Haar man Roef Ragas overleed in 2007.

Susan, wat is de scherpste jeugdherinnering aan jouw moeder?
“Eigenlijk iets heel simpels: dat zij er tussen de middag áltijd was als mijn zus en ik uit school een boterham kwamen eten. Ze werkte, maar had het zo georganiseerd dat ze er thuis toch voor ons kon zijn. Dat tekent haar: ze is zorgzaam en lief. Op een gegeven moment werd ze macrobiotisch en bakte ze haar eigen brood en muesli, wat nu hartstikke hip is. Ik wist niet wat ik meemaakte toen ik een vriendinnetje thuis witbrood met mayonaise zag eten.”
Ellie, bent u de moeder geworden die u hoopte te zijn?
“Goh, ik geloof niet dat ik daar ooit over heb nagedacht. Je dééd het gewoon. Ik was de oudste uit een gezin van veertien kinderen en dacht: ik neem er zelf wat minder, een stuk of zes, dat kan ik wel aan. Maar dat liep anders.”
Was u als oudste ook verantwoordelijk voor uw zussen en broers?
“Natuurlijk. De allerjongsten zeiden ‘mama’ tegen mij. Ik ben midden in de oorlog geboren, kort daarna werd mijn vader thuis weggehaald omdat hij dwangarbeid moest verrichten in Duitsland. Voordat ik naar bed ging, moest ik een kusje op zijn foto geven, al zei die man mij niks natuurlijk. Toen ik drie jaar was, kwam hij weer terug. Tien jaar later werd ik van school gehaald om thuis mee te helpen.”

Susan: “Dertien jaar was je pas. Ik ben een boze puber geweest, maar dat was jóúw puberteit: kinderen moeten opvoeden terwijl je zelf nog een kind bent.”
Ellie: “Mijn moeder had om huishoudelijke hulp gevraagd maar die kreeg ze niet, want er werd gezegd: je hebt toch zo’n grote, flinke dochter? Dat die grote, flinke dochter het helemaal niet in zich had, maakte niet uit.”
Susan: “Jij kon goed dansen, je bent zelfs nog gescout door het Scapino Ballet.”
Ellie: “Daar was ik hartstochtelijk mee bezig, ja. Dat het geen optie was om er verder iets mee te doen, vond ik wel erg.”
Susan: “Dat maakt het extra mooi dat je ons aanmoedigde om onze dromen na te jagen. Jij hebt ons elke stap die wij zetten altijd heel erg gegund.”
Susan was twaalf toen u haar en haar zus bij de hand nam en vertrok bij hun vader, die kampte met verslavingsproblemen.
“Eerst hebben we bij een broer van me gewoond, maar op een gegeven moment kreeg ik een flatje in Vlaardingen-Holy. Ik weet nog hoe ik daar in mijn eentje met mijn rug tegen de voordeur stond en dacht: zó, hier komt niemand binnen die ik hier niet binnen wil. Dit is óns huis. Toen voelde ik me heel sterk.”