Eetleven

Natasja Gibbs: ‘Het lijkt me verschrikkelijk als alle pannen leeg zijn en mijn gasten nog trek hebben’

Radio- en tv-presentatrice Natasja Gibbs is als de dood voor lege pannen. Dus maakt ze, als ze visite krijgt, standaard veel te veel. “Ik kook voor een weeshuis, maar het komt altijd op.”

Wanneer at je voor het laatst ongelofelijk lekker? “Gisteren nog. Ik kreeg bezoek en heb flink uitgepakt met gamba’s en venusschelpen. Daarnaast serveerde ik pasta met pesto van zonnebloempitten. Die maak ik altijd zelf, want ik ben allergisch voor noten. Ook bakte ik een appeltaart voor toe. Ik kook altijd voor een weeshuis, dus ik had heel veel gamba’s over. Die blijken koud, met een beetje citroenmayonaise, ook heel heerlijk.”
Ben je bang voor lege borden? “Ja, dat zullen mijn Caraïbische roots wel zijn, het lijkt me verschrikkelijk als alle pannen leeg zijn en mijn gasten nog trek hebben. Maar ik ben dol op restjes, dus het komt altijd wel op.”
Hoe bepaal je wat je gaat maken? “Ik volg zelden een recept en kook meer vanuit een ingrediënt. Eerst vraag ik me af: waar heb ik echt zin in? Dat is heel vaak vis of kip. Daarna associeer ik verder tot ik een lekker menu heb samengesteld. Ik denk dus niet in gerechten maar in smaken en in mijn hoofd proef ik het al voor. Zurig, vettig, zoutig en zoet – veel schalen op tafel, hapje hier, hapje daar en een lekker glas wijn erbij.”
Ben je een wijnkenner? “Ik bel altijd even met mijn goede vriend Milton Verseput. Hij is sommelier en werkt bij een wijnkoperij. Ik vertel hem wat ik ga koken en hij adviseert me er een goede wijn bij. Miltons keuzes stellen nooit teleur.”

Eet je vooral Caraïbische gerechten? “Nee hoor, mijn ouders vonden het enorm belangrijk om ook de Hollandse keuken te ontdekken toen ze hier kwamen, dus ik heb alles leren eten. Ik geloof er ook heilig in dat het allemaal naast elkaar kan bestaan: funchi, een Curaçaose variant van de Zuid-Afrikaanse mieliepap met plantain, gebakken banaan, naast spinaziestamppot met mosterd en zilveruitjes. En couscous naast kibbeling.”
Waar doe je het liefst boodschappen? “Vaak op de Dappermarkt in Amsterdam, daar hebben ze echt alles en het is er lekker voordelig. Ik koop er mijn bakbananen, die ik serveer als bijgerecht. Ik wil ze graag met zwarte schil, want die zijn oranje en lekker zoet vanbinnen. Je haalt de schil ervan af, snijdt ze in plakjes van ongeveer twee centimeter dik en bakt ze in een klein laagje zonnebloemolie – aan elke kant twee minuten. Beetje rum erover sprenkelen of wat suiker en dan uit laten lekken op keukenpapier.”
Je sport heel veel, houd je daar qua eten rekening mee? “Ik boks zeker vijf keer in de week, daarvoor heb ik veel brandstof nodig. Vooraf eet ik niet veel, maar erna wel. Ik geloof totaal niet in al die drankjes waar extra eiwitten en andere poeders aan zijn toegevoegd, maar ik verorber wel het liefst een stevige, warme maaltijd tussen de middag. Van een boterham met kaas word ik altijd een beetje verdrietig, bovendien krijg ik een plofbuik van tarwe. Warm eten tussen de middag is als een troostend dekentje om je heen. Vooral in de winter.”