Achtergrond

‘Smeren, prikken en sculpten. De grens tussen wat we normaal en extreem vinden, wordt steeds vager’

We doen er alles aan om er zo glad en jong mogelijk uit te zien. Worden we daar nou blij van? En wat is er eigenlijk mis met ons authentieke gezicht, vraagt journaliste Floor Bakhuys Roozeboom zich af.

In een video op TikTok kijkt een jonge vrouw uitgeslapen in de camera terwijl ze zich stap voor stap ontdoet van alle beautyproducten en hulpmiddelen waarmee ze zich de avond ervoor heeft opgetuigd. Een hallucinant ritueel dat ook wel the morning shed wordt genoemd. Eerst trekt ze een doorzichtig masker van haar gezicht dat eruitziet als een laagje cellofaan. Dan haalt ze mouth tape van haar mond. Dan haalt ze wrinkle patches weg onder haar ogen. Een chin strap van haar kin. Tot slot verwijdert ze de satijnen slaapmuts en de foam curlers die haar haren terwijl ze sliep in model hebben gebracht. En dan moet haar skin care routine en haar make-upsessie voor die dag nog beginnen.
Wie zo’n video voor het eerst ziet, zal denken: wat ís dit? Ik kijk er inmiddels al lang niet meer van op. Welkom in de high maintenance beautycultuur. Op TikTok worden feministische tirades en aanklachten tegen het patriarchaat vlot ­afgewisseld met de hierboven beschreven shedding reels. In mijn Instagram-feed vieren bekende veertigplus vrouwen het behoud van hun jeugdige schoonheid door peperdure skin-care regimes als een vorm van zelfzorg en empowerment. Hoe kan het toch dat we in een tijd leven waarin feminisme opleeft en knellende normen overal ter discussie staan, terwijl het steeds verder uitdijende schoonheidsregime onder­tussen alleen maar extremer lijkt te worden?
Misschien is het goed om hier toe te voegen dat ik deze vraag niet stel als een veroordelende buitenstaander, maar als een beautyverslaafde in herstel die zelf nog midden in een afkickproces zit, waarvan het maar de vraag is hoe lang ik het ga volhouden. Let wel: zo bont als in de shedding reels heb ik het nog nooit gemaakt. Lange tijd zag ik mezelf niet eens als iemand die buitensporig veel met haar uiterlijk bezig was. Twee keer per jaar naar een echt goede kapper, dat was lang de grootste beautyluxe die ik mezelf gunde. Maar in de jaren dat ik veranderde van een dertiger in een veertiger en de tekenen van veroudering zich steeds onmiskenbaarder hadden aangediend, waren daar gaandeweg toch echt steeds meer dingen bijgekomen.

SERIEUS GELD
Een serum. Nog een serum. Een guasha-steen hier. Een gezichts­behandeling daar. Af en toe een ‘preventief’ prikje botox in de fronsrimpel, waar ik als overtuigd feministe alleen mijn intimi over durfde te vertellen. Oh, en misschien toch maar eens dat collageenpoeder proberen waar ze op Instagram maar over door emmeren. Ik bedoel: een beetje leuk ouder worden – dat wil iedereen. En baat het niet, dan schaadt het niet. Toch? Het voelde nooit als extreem, meer als leuke extraatjes om mezelf een beetje glans te geven. Tot ik door een dip in mijn inkomsten ineens moest besparen en me een hoedje schrok. Niet alleen van het geld dat ik er gaandeweg aan was gaan uitgeven, maar ook van hoe ongemerkt het zich allemaal had opgestapeld.
Voor Marloes (35) is dat herkenbaar. Ook bij haar breidde haar beauty­repertoire zich geleidelijk uit naarmate ze meer ging verdienen. “Crèmes en serums, dure make-up, mooie producten, een kostbare laserbehandeling voor mijn bikinilijn. Ik vond het nooit buitengewoon, maar er kwam wel steeds iets bij.” Ze werkte destijds als communicatie- en pr-stratege bij een omroep, een wereld waarin uiterlijk en er ­representatief uitzien belangrijk zijn. Het voelde niet alleen als een luxe die ze zich kon permitteren, maar ook als een investering in zichzelf. Tot ze erachter kwam dat ze in een jaar tijd meer dan drieduizend euro aan haar uiterlijk had besteed. “Ik schrok ervan. Alleen al door het idee dat ik dat geld ook aan zo veel andere waardevolle dingen had kunnen uitgeven, besefte ik dat het zo niet verder kon.”
Ook voor Lisette (45) vormde inzicht in haar uitgavenpatroon een ­keerpunt. Rond haar 36ste begon ze serieus geld uit te geven aan haar uiterlijk. “Ik werd ouder, was nieuwsgierig en probeerde het een en ander. Wat botox, een beetje filler hier en daar. Nooit veel, altijd subtiel. Ik was heel blij met het resultaat. Het jammere is alleen: het kost honderden euro’s en je moet het om de paar maanden herhalen, dus je blijft bezig.” Toen haar financiële situatie veranderde, kon ze het zich niet meer veroorloven. Sindsdien gaat ze alleen nog af en toe naar de kliniek om het een beetje bij te houden. Toch kriebelt het soms nog om meer te doen, vertelt ze. “Zeker als ik op sociale media weer allemaal nieuwe soorten anti-aging behandelingen voorbij zie komen.”

VERSCHUIVENDE STANDAARD
En ja, er komt nogal eens wat nieuws voorbij. Misschien ligt het aan mijn algoritme en het feit dat ik in de wereld van media en magazines werk, maar terwijl ook ik uit financieel oogpunt mijn beautyrepertoire terugschroefde, bleef mijn feed me dagelijks het ene na het andere filmpje voorschotelen waarin een vrouw stralend vertelt over de nieuwe behandeling die voor haar zo’n gamechanger is. Of de Korean skincare-routine van tien stappen ‘that made them age backwards’. Van ledmaskers voor een eeuwige jeugd tot het injecteren van zalmsperma in je wallen: elke maand kwam er wel weer een nieuwe must-have of must-do bij. En met ieder nieuw wondermiddel groeide het dubbele gevoel dat ik kreeg: weerzin tegen wat ons vrouwen toch allemaal wordt aangesmeerd aan de ene kant, en een knagend gevoel van fomo aan de andere. Want die boot van aging like fine wine wilde ik ook weer niet missen.
Die fomo komt niet zomaar uit de lucht vallen. Volgens ‘schoonheidsprofessor’ Giselinde Kuipers, verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven, bevinden we ons momenteel in een ratrace die maakt dat de standaard voor wat een normaal en gewenst uiterlijk is, steeds verder opschuift. Kuipers doet al vijftien jaar onderzoek naar schoonheid en ziet dat de focus op het uiterlijk de afgelopen decennia enorm is ­toe­genomen. Ook het aanbod aan mogelijkheden om ons lijf en ons voorkomen te verbeteren, groeit elke dag. Daarmee neemt ook de druk toe om daadwerkelijk iets met die mogelijkheden te doen. En wat ook groeit: de kloof met mensen die hier geen geld voor hebben.
Niet voor niets noemt Kuipers de toenemende focus op schoonheid ‘de grote ongelijkmaker’. Als voorbeeld geeft ze de verschuivende norm rondom ons gebit. “Vroeger was het al heel wat als je op een bepaalde leeftijd al je tanden nog had. Toen kwam de beugel: eerst iets uitzonderlijks, maar algauw de norm. Inmiddels val je op als je geen kaarsrechte tanden hebt. Daar hebben vooral de mensen die zich geen beugel kunnen veroorloven last van.” Met de enorme opmars aan beautyproducten, cosmetische ingrepen en anti-aging behandelingen zitten we momenteel in eenzelfde soort proces. Als het wegwerken van imperfecties en rimpel­loos oud worden gaandeweg de norm worden, blijven degenen die dat allemaal niet kunnen betalen, achter.