
Ze ging piepjong uit huis en heeft nu al een dijk van een carrière. Maar die toekomst, die vindt duizendpoot Rhodé Kok (20) retespannend. “Ik lig soms paniekerig wakker.”
‘IK BEN TWINTIG, MAAR WAT AAN MIJN LEVEN ÍS EIGENLIJK TWINTIG?’
Achtbanen, Rhodé Kok houdt ervan. Als kind ging ze wel vaker naar pretparken, soms droomt ze er nog over.
“Laatst was ik op stap met mijn zus en haar kinderen; dan zit je ineens in van die draaiende kinderattracties. Daar word je serieus het meest misselijk van.” Toch is ze altijd in voor een dagje attractiepark. “Juist omdat je dan zo lekker kan rondlopen en denken: zijn we hier eigenlijk niet te oud voor? Haha, nee dus.”
Het is maar goed dat ze van adrenalinekicks houdt, want haar leven voelt inmiddels als één lange looping. In 2020 begon ze met het plaatsen van humoristische, persoonlijke video’s op TikTok – waar ze inmiddels 1.3 miljoen volgers heeft binnengeharkt – en op YouTube brak ze door met haar serie Rhodé Loopt Stage. Ze mocht onder meer meekijken bij Gooische Vrouwen en Monica Geuze, en dat leverde haar meteen een Televizier-nominatie op.
Sindsdien dendert ze door: van een behoorlijk moppie zingen met Jesse Hoefnagels (voor het in 2024 uitgebrachte nummer Ongezien) tot een podcast met Russo over het creatieve bestaan. Best indrukwekkend, zeker als je bedenkt dat ze opgroeide in een gezin waar tv en pop-muziek niet vanzelfsprekend waren. “Als mensen het hebben over programma’s van vroeger, haak ik af. Dan heb ik geen idee waar ze het over hebben.”
‘IK DENK NIET DAT IK OOIT ÉCHT VERLIEFD BEN GEWEEST’
Als mensen jou nu zien kunnen ze zich misschien moeilijk voorstellen waar je vandaan komt.
“Van mijn tweede jaar tot mijn zevende jaar woonden we op de Veluwe. Dat herinner ik me als een periode waarin het veel draaide om de toch wel wat strenge kerk.
Ik ben een nakomertje – mijn broer is zeven jaar ouder, mijn twee zussen zijn al begin dertig. Dus ik woonde al rond mijn veertiende alleen met mijn ouders. Op mijn achtste zijn we verhuisd naar een dorp in de buurt van Rotterdam. Alles werd daar wat losser. Ik weet nog dat ik voor het eerst naar een andere basisschool ging en ineens allemaal meisjes zag met broeken aan. Dat was op mijn vorige school wel anders, daar was dat niet toegestaan. Als ik daar naar school ging was dat altijd met een rok aan. Wel een hele leuke natuurlijk; toen durfde ik al mijn eigen stijl te laten zien door er een leuk hoedje bij op te zetten. Het was wel genieten dat ik op de nieuwe school ook in een broek naar school kon gaan.”
Was je al vroeg bezig met creativiteit?
“Ik hield als kind al van optreden. Ik lijk daarin op een van m’n zussen, we stonden vroeger standaard samen stukjes op te voeren voor de familie. Dansles mocht niet, maar mijn ouders hebben me wel op musical gezet. Fantastisch vond ik dat. En ik was ook best jong al met filmpjes maken bezig. Ik had een tablet en dan ging ik mezelf filmen. Sketches maken, scènes in bad met schuim en knuffels. Helaas deed ik alles in m’n ondergoed – niet onlineproof. Maar mijn ouders zagen meteen: dit hoort bij haar.”
‘IK VOEL ME EEN BEETJE EEN BUITENBEENTJE’
Je was nog maar zeventien toen je voor de studie Fashion Business naar Amsterdam verhuisde. Wat voor tijd was dat?
“Ik dacht altijd al: als ik klaar ben met de middelbare school, dan ga ik uit huis. Ik ging samenwonen met twee meiden die ik een beetje kende via de Veluwe. Ik was zeventien, zij waren iets van 25 en 28 ofzo. Achteraf denk ik: dat jullie een zeventienjarige in huis hebben genomen, haha. Dat eerste jaar voelde nog wel een beetje als studententijd, ik at vooral stoommaaltijden en afhaalburrito’s. Het filmen thuis vond ik vreselijk gênant. Als ik wist dat een van die twee in haar slaapkamer zat, dan kon ik al niks opnemen. Dus ik ging het timen: als zij boodschappen deden, ging ik snel filmen. Of ik praatte gewoon heel zachtjes en zette het volume op TikTok harder zodat het niet opviel.”

‘IK BEN IN IT FOR LOVE. ALS IK HET NIET VOEL, STOP IK ERMEE’
Na één jaar ben je niet alleen gestopt met je studie, maar ook op jezelf gaan wonen.
“Ja, dat viel eigenlijk een beetje samen. Die studie was niks voor mij. Fashion vond ik leuk om te dragen, niet om te studeren. Ik begon te denken: misschien wil ik toch iets met media proberen. Dat aan mijn ouders vertellen vond ik het vreselijkste ever, doodeng. Ik dacht echt: die worden helemaal boos. Maar ze reageerden juist superchill. Ze zeiden: volg je hart – zo’n opluchting. Daarna besloot ik alleen te gaan wonen, omdat ik wist dat ik dan meer thuis zou zijn. Ik vind dat heerlijk, hoef met niemand rekening te houden. Soms film ik dingen die ik zelf niet eens durf terug te kijken, laat staan dat ik wil dat iemand anders het hoort.”
Heb je het idee dat je iets hebt gemist, nu je al zo serieus aan het werk bent?
“Als ik één ding zou mogen veranderen, dan had ik gewild dat het wat later was begonnen. Dan had ik eerst een eigen kring kunnen opbouwen, een iets normaler studentenleven gehad. Ik ben twintig, maar wat aan mijn leven ís nou eigenlijk twintig? Ik denk wel dat ik altijd iets ouder ben geweest voor m’n leeftijd – ik ben jong uit huis gegaan, heb oudere zussen, ben vrij snel zelfstandig geworden. Maar als ik nu iemand ontmoet, is er al een soort blokkade. Die ander herkent mij vaak al, dan leer je elkaar niet meer echt kennen. Soms heb ik een leuk gesprek met iemand – en dan wil diegene ineens op de foto. Leuk, maar ook jammer. Er is dan een soort afstand, terwijl ik denk: jouw leven is net zo vet als dat van mij.”
‘MET M’N FAMILIE MOET IK ZO LACHEN, PLAS STANDAARD IN M’N BROEK’
Voel je je thuis in Amsterdam?
“Niet echt. Ik heb het daar best vaak over met mijn ouders, dat ik me eigenlijk nergens helemaal op m’n plek voel. Als ik in Rotterdam ben, dan denk ik: zou ik mezelf hier zien wonen? Nee. Maar ook als ik door Amsterdam loop, denk ik niet: dit is het. Ik voel me gewoon een beetje een buitenbeentje. Ik ben geen student meer, kom niet uit de buurt van Amsterdam – het is het allemaal net niet. Soms denk ik: ik eindig later op een plek waar ik nog nooit ben geweest. Gewoon ergens rustiger, maar wel in de buurt van een stad. De omgeving van Utrecht lijkt me wel wat.”
Als je je nergens echt thuis voelt, waar laad je dan op?
“Bij mijn familie, honderd procent. Ik kan met niemand zo hard lachen als met hen. Onze humor is sarcastisch, vol typetjes. Vroeger moest ik serieus altijd een extra legging meenemen naar verjaardagen, omdat ik standaard in m’n broek plaste van het lachen. En nu hoor ik mezelf soms iets zeggen en denk ik: dit heb ik gewoon van m’n broer gejat. Hij zegt ook weleens: als ik jouw video’s kijk, zie ik gewoon mezelf.”

‘SOMS SCHRIK IK VAN MEZELF: IK KAN ZÓ CHAGRIJNIG WORDEN’
Je omschrijft best wat pieken en dalen – herken je dat ook fysiek, bijvoorbeeld door hormonen?
“Nou, ik kan zó chagrijnig worden dat ik soms echt schrik van mezelf. Of ik ben juist mega emotioneel. Soms hoor ik iemand ademen en denk ik: ik kan echt je nek omdraaien nu. En dan later huil ik weer om een vogel ofzo. Ik weet ongeveer wanneer ik ongesteld moet worden, maar verder track ik de boel niet. Ik heb ook nooit anticonceptie gebruikt. Zolang mijn lichaam het zelf goed doet, laat ik het liever zo. Als het echt niet gaat, sluit ik me op. Tv aan, sportles afgezegd, chocola erbij. Ik heb alles: paashazen, Lindt, Mars-ijs. En als ik kramp heb, neem ik een pijnstiller. Ik ben niet zo’n type dat denkt: ik wil kijken hoever ik het kan trekken. Hup, gewoon een pil erin.”
‘IK BETRAP MEZELF EROP DAT IK IRRITANT VEEL MET JONGENS BEZIG BEN’
Op zulke dagen met chocola en dekens – verlang je dan ook meer naar iemand om je heen?
“Meer dan ik zou willen. Dan zie ik video’s voorbijkomen over hoe lekker het is om single te zijn, dat je er als meid niet continu mee bezig moet zijn … en tóch betrap ik mezelf erop dat ik irritant veel met jongens bezig ben. Ik denk niet dat ik ooit echt verliefd ben geweest. Wat ik wel een tijdje intensief heb gedaan, is daten. Ik heb elke app gehad – Bumble, Raya, ga maar door. Sommige mensen vinden het spannend, maar ik dacht altijd: wat kan er gebeuren? Als het vreselijk is, verzin ik een smoesje en ben ik weg. En ergens vond ik het ook gewoon grappig om te denken: stel dat het ineens de liefde van m’n leven is? In de praktijk kapte ik het vaak na twee dates af. Als ik het niet voel, stop ik ermee. Ik ben wel echt in it for love, zeg maar. Ik zou het leuk vinden om ooit een jongen te ontmoeten die allemaal feitjes kan vertellen; een beetje een geschiedenisnerd, die op vakantie langs ruïnes rijdt en er dan alles over weet. Ik zoek jongens nu minder op dan voorheen, ook niet met uitgaan; zoenen in de club doe ik niet meer. Die relatie komt wel als-ie komt. M’n beste vriendin vindt dat ik eerst wild moet gaan, haha – maar ik leef helemaal niet zo’n wild leven.”
‘MIJN ONRUST SPREEK IK NIET ALTIJD UIT, BANG ONDANKBAAR TE KLINKEN’
Nee, hang je nooit meer in de lampen?
“Ik drink nog wel alcohol, vooral wijn. Het lijkt me leuk er ooit een cursus in te doen – zo interessant vind ik het. Uit eten gaan met een bijpassend glas wijn: heerlijk. Liefst wel halve glazen, want na drie wijntjes heb ik al een kater. Ik ben nog geen fijnproever, maar zou dat wel willen worden.”
Nog even terug naar het geloof, want in je video’s komt dat zelden aan bod – terwijl je er wel mee bent opgegroeid. Hoe zit dat?
“Ik deel er online weinig over, omdat ik geen voorbeeld wil zijn. Ik ben nog heel erg zoekende, soms sta ik er sterker in dan op andere momenten. Ik kan me extreem veel zorgen maken over de toekomst, zo erg dat ik er soms paniekerig van wakker lig. Maak ik de juiste keuzes? Moet ik niet toch een studie gaan doen? Op zo’n moment helpt het om te denken: ik hoef het niet allemaal zelf in de hand te houden.”

‘MENSEN AAN HET LACHEN MAKEN VOELT ALS MIJN BRANDSTOF’
Wat hoop je in de toekomst te bereiken?
“Privé hoop ik vooral dat ik op een punt kom waarop ik écht tevreden ben. Ik heb lang gedacht: als ik dít bereik, dan voel ik me gelukkig. Maar zodra het zover was, dacht ik: is dit het nou? Alleen wonen helpt daar soms ook niet bij – dan ga ik me vergelijken met anderen en beland ik in een spiraal van zelfsabotage. Die onrust durf ik niet altijd uit te spreken, omdat ik bang ben ondankbaar te klinken. Gelukkig heb ik mensen om me heen die me dan even wakker schudden. Verder zou ik graag een eigen programma willen maken. Iets wat bij me past, en niet te gelikt is. Het lijkt me ook geweldig om het theater in te gaan, een show neer te zetten die jongeren aanspreekt. Het allerleukst vind ik mensen aan het lachen maken. Dan voel ik echt: dit is waarvoor ik het doe. Het geeft me een kick, bijna alsof het mijn brandstof is.”•
RHODÉ KOK GEBOREN 31 oktober 2004 in Capelle aan den IJssel WOONT in haar eentje in Amsterdam STUDEERDE kortstondig aan Amsterdam Fashion Academy DEED mee aan de serie Het Jachtseizoen Most Wanted IS youtuber, tiktokker, podcastmaker en zangeres TIKTOK @rhodekok YOUTUBE @rhodeekok

















































