Echte Gooische Moeder Leslie Keijzer (33) belandde – net als één op de tien vrouwen – in een postnatale depressie. “Het is zo eng dat ik nu begrijp waarom mensen aan zelfmoord denken.”
WANNEER DACHT JE: MIJN VERHAAL MOET NAAR BUITEN?
“Vier jaar lang zat ik in een hoekje gedoken. Kwam ik de deur niet uit en waren mijn gedachten donker. Mijn enige redenen om uit bed te komen waren mijn gezin en de serie Echte Gooische Moeders, waaraan ik bleef meedoen omdat ik anders helemaal nergens meer zou komen. Al had ik tijdens de opnames de ene paniekaanval na de andere.
Na de geboorte van mijn kinderen, Moises en Manuel, volgde beide keren een postnatale depressie. Eigenlijk regen de depressies zich aaneen, waardoor die periode voelt als vier donkere jaren. Toen ik er voor het eerst over sprak in Echte Gooische Moeders, kreeg ik veel reacties van vrouwen die hetzelfde voelden of hadden meegemaakt. Eén op de tien moeders krijgt een postpartum depressie, vaak zonder het zelf te weten. Dat zijn shocking cijfers, maar bijna niemand heeft het erover. En ik was dus een van die moeders. Nu het leven weer licht is, kan ik mijn verhaal vertellen. Dat doe ik voor andere moeders, zodat zij zich niet alleen voelen, én voor hun partners, vrienden en familie. Misschien kan het tot steun zijn. In ’t Gooi is het not done om over donkere zaken te praten, al geldt dat vast voor heel Nederland. We zijn geneigd het privé te houden als het niet goed met ons gaat.
Ik slik nu ruim een jaar Sertraline, een antidepressivum. Toen ik dat voorzichtig besprak met mensen in mijn omgeving, nog voordat het bekend werd in de media, kreeg ik de reactie: ‘Oh, dat slik ik ook al jaren.’ Waarom hébben we het daar nooit over? Waarom deel je dat dan niet? Ik wil niemand aan de medicatie helpen, maar ik geloof dat het heel veel vrouwen dat extra zetje kan geven om uit een postnatale depressie te komen.”
Ik ben nog steeds in shock over hoe het gaat, een kind op de wereld zetten. Je ligt als een aangereden dier te creperen en je kunt geen kant op. (uit: Mama huilt harder)
“Veel vrouwen zullen een fijne herinnering hebben aan hun bevalling. Ik vond het mensonterend. Iedereen zit maar aan je. Voor het ziekenhuis ben je een nummer. Er wordt productie gedraaid, terwijl het voor jou de eerste keer is. Mijn bevalling van Moises in 2019 was het tegenovergestelde van de badbevalling thuis die ik voor ogen had. Het werden 23 helse, stressvolle, pijnlijke uren in het ziekenhuis. Ik blijf het ongelooflijk vinden dat je tijdens je zwangerschap elke denkbare cursus kunt doen om je voor te bereiden op het ouderschap, maar dat je een paar uur nadat je kind ter wereld is gekomen doodleuk naar huis wordt gestuurd. ‘Nou, je mag gaan. Succes.’ Terwijl je amper weet hoe je een autostoeltje veilig dichtdoet met pasgeboren baby erin. Toen ik na het ziekenhuis thuiskwam, bleef de roze wolk uit. Ik had net een reis naar de hel achter de rug en toen kwam het kraambezoek. Wilde iedereen aan mijn baby zitten. Ik was moe, zo ontzettend moe. Ik kon de vreugde niet voelen, had een enorme controledwang, zag overal gevaar en dacht in doemscenario’s. Wat als ik Moises de vijver in duw? Wat moet ik doen om hem te redden? Hoe moet ik hem beschermen tegen alles wat er mis kan gaan? Wat heb ik Moises eigenlijk te bieden en wat stel ik nou helemaal voor? Ik voelde me extreem kwetsbaar. Dat werd gedurende de weken die volgden alleen maar erger. Alles voelde als een opgave. Ik kon bijvoorbeeld een hele dag bezig zijn met de vraag wanneer ik ging douchen. Dan zou ik mijn baby alleen moeten laten en was er kans op wiegendood. Mijn gedachten bleven maar razen. Met tussenposes waarin het even beter leek te gaan, dook ik opnieuw een diep dal in na de geboorte van onze tweede zoon, Manuel. Als ik die depressie maar niet nog een keer krijg, had ik tijdens de zwangerschap elke dag gedacht.

‘IK KAN DAT
BAD NIET
MEER ZÍEN,
ZO VAAK HEB
IK ER ZITTEN
JANKEN’
Want hoe fijn en vrolijk ik me ook voelde tijdens de zwangerschap, zowel de eerste als de tweede keer, ik was bang voor de mentale klap die zou komen na de bevalling. Dit keer kreeg ik wel de thuisbevalling die ik wilde. Alles ging goed. Ik had voorzorgsmaatregelen genomen om de kraamtijd anders in te richten: ik liet placentapillen maken omdat ik las dat het goed was voor een snel herstel en om de hormoonspiegel in balans te brengen. Ik huurde extra dagen kraamhulp in en liet de eerste twee weken niemand op bezoek komen, ook familie niet. Een poos leek het goed te gaan. Maar toen kwam het terug, als een sluipmoordenaar. Het viel niet te ontkennen: ik had paniekaanvallen. De gedachte dat mijn hart stopte met kloppen. Het gevoel dat ik gek werd. Moe. Alles, echt álles was me in die tijd te veel.”
Hoe worstelde je je dan door de opnames van Echte Gooische Moeders heen? “Ik voerde een act op. Voor het schrijven van mijn boek moest ik terug naar die tijd. De herinneringen aan sommige opnames vind ik pijnlijk. Voor het eerste seizoen draaiden we in Maastricht: ik was net verloofd, ging er een bruidsjurk passen. Ik liet me meeslepen, terwijl alles in me schreeuwde dat het niet goed met me ging. We waren al tien uur aan het draaien en ik wilde het liefst alleen zijn, maar we moesten nog dineren. Toen kreeg ik een paniekaanval. Ik had het gevoel dat ik doodging, wilde dat er een ambulance kwam. ‘Ik krijg geen lucht, ik ga dood’, riep ik uit. Zo’n paniekaanval is allesoverheersend. Je kunt echt niet meer normaal denken.”
Waarom dan toch meedoen aan een realityserie? “Ik deed het puur om mezelf het huis uit te schoppen. Er waren maanden waarin ik alleen maar in bed lag terwijl mijn moeder voor de kinderen zorgde. Ik zat ook uren achtereen in bad te huilen. Ik kan dat bad niet meer zíén, zo vaak heb ik er zitten janken.”
Je trok aan de bel bij verschillende huisartsen. Vaak stond je binnen tien minuten buiten met de tip yoga of meditatie te gaan doen. “Terwijl het me niet eens lukte om zelf naar de huisartsenpraktijk te rijden, dat moest mijn man Goof doen. Ik probeerde alles om ervan af te komen. Ademhalingsoefeningen, ik bezocht een haptonoom, probeerde acupunctuur, yoga, vitamines – B12 zou me echt helpen. Reiki, schedeldrukmassages, feng shui. Ik liet een dure bodyscan maken van tweeduizend euro, die zou vast bewijzen dat er iets mis met me was. Maar ook daar kwam niks uit. Soms hielp een behandeling een dag of twee. Dan klampte ik me daaraan vast als een reddingsboei. Totdat de depressie weer mijn leven inkroop. Niets hielp.”
Komt het door de bevalling dat ik in de afgrond viel? Had ik toen al kunnen weten dat het mis zou gaan? Tot in den treure ben ik mijn eigen stappen nagelopen. Of ik signalen had gemist dat dit ging gebeuren. (uit: Mama huilt harder)
“In het boek praat ik over mijn jeugd, die makkelijk en leuk was, tot aan het punt waarop mijn ouders gingen scheiden. Met mijn moeder had ik daarna geen contact meer. Gelukkig is dat jaren later weer hersteld. Indertijd ging ik bij mijn vader wonen, die heel vrij was in de opvoeding en zelf een tweede jeugd leek te beleven. In de disco stond hij naast me. Hij betaalde mooi mijn drankjes, maar ik miste soms gevoeligheid, emotie. Een knuffel als het niet goed ging, af en toe een arm om me heen. Ik kan me niet herinneren in die jaren ooit geknuffeld te zijn. Mijn moeder vond het lastig om dit in mijn boek terug te lezen. Ze huilde bij de passages die over haar gaan. Alle weggedrukte spanning, het verdriet en de pijn uit mijn jeugd kregen de ruimte naar boven te komen toen ik zelf kinderen kreeg. De herinneringen kwamen keihard naar de oppervlakte om in mijn gezicht te exploderen.”
‘Hallo, diep donker ravijn’ schrijf je over die tijd. Je zegt ook het te snappen dat mensen in een depressie aan zelfmoord denken. “Ja. Omdat je wanhopig bent en niet meer weet wat je moet doen om daar uit te komen. Het is eng dat ik dat begrijp. In het nieuwe seizoen van Echte Gooische Moeders heb ik het daarover. Het is een pijnlijk fragment, ik kan er niet naar kijken, maar ik vertel voor de camera dat ik op een bepaald punt in de depressie liever dood was dan met mijn eigen kinderen. Ik heb niet serieus aan zelfmoord gedacht. Dat zat er voor mij niet in, ik heb kids. Wacht, dat zeg ik verkeerd. Er zijn mensen met kinderen die uit het leven stappen, die zich zo eenzaam voelen dat ze geen andere uitweg zien. Zij zaten er, denk ik, nog verder ‘in’ dan ik.
‘MAANDEN-
LANG LAG IK
IN BED EN
ZORGDE MIJN
MOEDER VOOR
DE KINDEREN’
Maar ik begrijp ze wel. Ook ik was de wanhoop nabij en dacht: als dit nog lang duurt, weet ik het niet meer. Geef mij dan maar een prik. Het is het antidepressivum geweest dat me uiteindelijk heeft geholpen erbovenop te komen. Ik heb de huisarts gebeld en medicatie geëist. Ik kon niet langer. Toen ik de pillen eenmaal slikte, voelde ik me in eerste instantie slechter, daar hadden ze me ook voor gewaarschuwd. Ik durfde er niet in te geloven dat het werkte. Totdat ik na een week of twaalf ineens keihard moest lachen om iets. Ik voelde me vrolijk, had de hele dag geen paniekaanval. Dat had ik wel vaker een paar dagen niet, maar altijd ging het weer mis. Nu niet, en tot op de dag van vandaag gaat het goed.”
Knap hoe je sommige situaties in je boek met humor kunt beschrijven. Je hebt het over ‘Roti Gate’, en over het moment tijdens de thuisbevalling waarop jouw partner de rode Le Creuset uit de keuken grijpt als hem wordt bevolen warmwater te halen. Lachend: “Wat erg. Staat-ie nu weer vrolijk mosselen in te koken. ‘Roti Gate’ gaat over hoe ik creperend in dat ziekenhuisbed lag, terwijl mijn man het nodig vond om fakking roti te bestellen omdat-ie honger had. Ik dacht echt: hóé dan?”
Heb je het hem vergeven? “Ja. Inmiddels eten we weer samen roti. Al kan ik het niet laten hem dan te dollen. Goof en ik houden van platte, grove humor. Ik heb het zo getroffen met die man. Voor Goof voelden de afgelopen jaren alsof hij samenwoonde met een schim. Hij gaf nooit op. Zei me naar de huisarts te gaan, zorgde elke keer weer voor de kinderen. Gaf met Valentijn een boeket rozen terwijl hij ze zelf in een vaas moest zetten omdat ik er niet toe in staat was. Ik herinner me een oud en nieuw, mijn depressie was al drie jaar aan het razen, waarin hij vol goede hoop een fles champagne had gekocht om samen te proosten. Ik kon het niet opbrengen. Lag, net als de kinderen, al uren in bed toen het vuurwerk begon. Ik werd wakker en zag Goof in de tuin staan, in z’n eentje naar het vuurwerk kijkend. Een glas champagne in zijn hand, mijn nog lege glas naast hem. Het leek een filmscène, maar het was onze verdrietige realiteit. Stand by your woman, Goof heeft dat uitgevonden. Hij is mijn redding geweest. Een kippenvelmoment: nadat ik de medicatie was gaan slikken en eindelijk weer ergens onbedaarlijk om moest lachen, zag ik opluchting in zijn ogen. Daar is de oude Leslie weer.”
Genees je ooit van een depressie? “Daar geloof ik niet in. Een depressie is nooit uit je systeem. Het blijft bij je. De weg is er nog, je neemt alleen de afslag niet. De pillen onderdrukken het en houden de paniekaanvallen weg. Tijdens mijn depressie ben ik gaan praten met mijn grote vriend Herman, zo noem ik mijn psycholoog. Een gouden man. Ik zie hem minder nu het goed gaat. Dat is misschien een valkuil, juist nu zou ik moeten blijven gaan. Mijn zoon Manuel is te jong om mijn depressie bewust te hebben meegekregen. Maar Moises, de oudste, wel. Hij is heel beschermend en knuffelig naar mij toe. Hij wil bij me slapen en maakt me soms midden in de nacht wakker om te zeggen dat hij van me houdt. Sinds het met mij beter gaat, zie ik hem iets losser worden. In principe mag ik het antidepressivum afbouwen, maar ik zit er zo lekker in dat ik het mezelf gun het nog even leuk te hebben. Of ik wíl afbouwen, weet ik überhaupt nog niet.
Als bijwerking van het medicijn ben ik twaalf kilo aangekomen. Ook op mijn libido heeft het effect, maar ik ben niet de juiste persoon om daar iets over te zeggen, want ik vind sex sowieso minder belangrijk sinds ik moeder ben. Eerlijk, maar waar. Bijna al mijn vriendinnen denken het hetzelfde over, ook de vriendinnen die geen depressie hebben gehad. Bovendien: alles is beter dan dat rotgevoel van toen. Zo slecht wil ik me nooit meer voelen.”•
Worstel je met suïcidale gedachten of maak je je zorgen om iemand anders? Praat er dan over. Bel 113 of ga naar www.113.nl. Stichting Zelfmoordpreventie is 24 uur per dag en zeven dagen per week bereikbaar.
CV
Leslie Gabriela Keijzer GEBOREN 7 augustus 1990 in Amsterdam IS contentcreator en realityster OPLEIDING Hbo Hotelmanagement SCHREEF het boek Mama huilt harder – twee kinderen, twee depressies, uitgeverij Luitingh-Sijthoff IS TE ZIEN bij Videoland in het derde seizoen van Echte Gooische Moeders HEEFT een relatie met Goof den Hartog. Samen hebben ze twee zonen, Moises (4) en Manuel (3).














































