Er is één filmscène waarin ik mezelf ontzettend herken. In Sleeping with the Enemy wandelt Julia Roberts een badkamer in en terwijl ze in gesprek is met een man hangt ze drie handdoeken tot op de millimeter nauwkeurig zodat het patroon in de stof perfect doorloopt. Pure handdoekkunst.
Ik snap dat, Julia. Ook ik kan niet praten, laat staan slapen, als de handdoeken scheef hangen of een schilderij niet waterpas hangt. Al is het vier uur ’s nachts, ik spring m’n bed uit en ik hang het recht.
Ook de blikjes in de ijskast moeten eraan geloven. Cola bij cola, alle etiketjes netjes naar voren gericht. Hoofdpijn als de kinderen hun Redbull en Fanta erbij proppen. Kan ik weer opnieuw beginnen, want ik blijf het rechtzetten. Het geeft voldoening als ik naar zo’n perfect plaatje kijk. Rust in mijn hoofd. Mijn droom is zo’n dubbele ijskast. Wat zeg ik, een ijskast die een hele wand beslaat, dát is het ultieme. En dan alles gerangschikt op kleur en etiket. Ik bewaar mijn nachtmaskers en parfum ook in de ijskast. Kan me niks schelen wat gasten denken als ze de deur opentrekken en mijn crèmes tussen de komkommers en ijsthee zien. Ik smeer en spray mijn beautyproducten lekker koud op mijn huid.
CSI Miami kan forensisch onderzoek komen doen bij mij thuis, zo schoon is het. Ik houd van orde en regelmaat en oké, ik zal eerlijk zijn, daar kan ik in doorslaan. Ik heb geen obsessive compulsive dissorder. Of ik heb het wel, maar ik wil er gewoon niet aan toegeven. Houd het tussen ons, vriendin. In elk geval houd ik van rijtjes. Van symmetrie. Van planken – het zijn er minstens zes – vol schoonmaakmiddelen. Van groene zeep tot wasparfum, ik heb van alles drie op voorraad. Ik heb wel eens vanuit Spanje een pallet met twaalf literflessen Savon de Marseille naar Nederland laten verschepen. Hier verkochten ze het toen nog niet en ik was als de dood zonder te komen zitten. Nog een tik: toen ik een schoonmaakster in huis had, was ik, nadat zij weg, uren bezig om alles terug te zetten waar het stond. Mij niet bellen, ik doe het liever zelf.
Die ‘dwangneurose’ van mij, ik maak er grappen over. Maar tijdens mijn zwangerschappen ging het echt ver. Elke keer als ik naar de supermarkt ging, moest ik, uit bijgeloof, alles drie keer in mijn karretje leggen. Bij mij ebde de gewoonte gelukkig weg. Na de zwangerschappen kon ik weer gewoon door de supermarkt. Maar je zal het maar altíjd hebben, je moet het je nog kunnen permitteren ook, om elke hagelslag en pindakaas drie keer in je karretje te stoppen. Stel je zit krap bij kas, dan is het toch een rot tik om te hebben.
Vrienden komen bij me aan met vlekken in hun kleren omdat ze weten dat schoonmaakqueen Cruijff het weg kan poetsen met een van haar magische sopjes. Ik zweer het je, ze geven me nog net geen schoonmaakgerei voor mijn verjaardag. Het zou trouwens wel een droom zijn om de hele rambam, de complete set, in dezelfde kleur te hebben: van stofzuiger en dweilset tot blik en veger, poetsdoeken en emmers, alles in fashionable kleur matchend bij mijn interieur, lijkt me enig. Dat wil toch iedereen.
















































