Chloé (34) kreeg tijdens beide zwangerschappen last van extreme zwangerschapsmisselijkheid. “Ik dacht zelfs dingen als ‘dit kind moet weg, want ik trek dit niet’, zo erg was het.”
Hyperemesis Gravidarum
“Ik wist al vrij vroeg dat ik zwanger was, de eerste echo had ik al met zes weken. Vlak daarna startte de misselijkheid. Ik dacht eerst dat het er gewoon bij hoorde, want ik ben nooit een held geweest als het om kotsen ging. Verschrikkelijk vond ik het. Dus in eerste instantie dacht ik ‘niet aanstellen’, ook al liep ik dagelijks kotsmisselijk rond. Soms bleef ik er ’s nachts ook wakker door, als ik de avond van tevoren nog ’te laat’ iets gegeten had.
Het voelde als een voedselvergiftiging die maar niet stopte. Ik werkte eerst zestig uur per week, maar kon hierdoor gewoon niets meer. Alles deed pijn. Op een gegeven moment spuugde ik ook bloed omdat mijn slokdarm gewoon kapotging. Bij tien weken werd ik opgenomen in het ziekenhuis wegens uitdroging. Dan kun je niet meer ontkennen dat er meer meespeelt: het bleek hyperemesis gravidarum, een extreme vorm van misselijkheid die dus zo heftig is dat-ie een eigen diagnose verdient.
Het was fijn om te weten dat ik me niet aanstelde, maar met deze diagnose werd het er helaas niet makkelijker op. Je kunt er nog steeds niets tegen doen. Ik ontwikkelde door de HG ook depressieve en suïcidale gedachten, het opende een donkere kant in mezelf die ik eerder nog nooit had gezien. Ik dacht zelfs dingen als ‘dit kind moet weg, want ik trek dit niet’, zo erg was het. Door de fysieke effecten ben ik in totaal acht keer opgenomen geweest tijdens die zwangerschap. Maar zodra ik beviel, was alle misselijkheid in één klap weg. Zo bizar.”
“Helaas bleven de depressieve klachten langer hangen. Mijn man wilde eigenlijk geen tweede, die zag hoe ontzettend zwaar het voor me was geweest. Maar na een paar jaar begon het bij mij toch weer te kriebelen. Ik wilde graag een broertje of zusje voor onze oudste. Je gaat jezelf ook vertellen dat het vast mee zal vallen een tweede keer, dat werk. Nou, dat deed het dus niet.
De hyperemesis gravidarum begon weliswaar een paar weken later, maar ontwrichtte mijn leven net zo hard als de eerste keer. Gelukkig herkende ik de toename van mijn depressieve klachten meteen, dus zocht ik eerder hulp. En wat ook hielp de tweede keer, is dat ik wist dat het na de bevalling weer klaar zou zijn. Die wetenschap sleepte me erdoorheen.
En jawel: toen onze jongste ter wereld kwam, vlogen er nog net geen engeltjes langs mijn hoofd, die landden op een regenboog met glitters. De misselijkheid was weg, maar mijn mentale klachten verdwenen ook. Ik moest door de hel richting de hemel, maar ik voelde me eindelijk weer mezelf.”
Neem het serieus
“Mijn jongste is nu zeven maanden oud en ik ben nog steeds hartstikke gelukkig. Soms denk ik als ik ’s nachts wakker word ineens ‘Haha, ik ben niet meer misselijk. Ik zóu nu een Snickers kunnen eten’. En dan doe ik dat ook gewoon, om aan mezelf te bewijzen dat-ie er niet meer uit komt. Je voelt je onoverwinnelijk op zo’n moment: wat is de wereld toch mooi als je niet zo enorm misselijk bent.
En natuurlijk: ik besef dat dit relatief is. Hyperemesis gravidarum is geen kanker of een ziekte waarbij je permanent zo misselijk bent. Het gaat uiteindelijk weer voorbij en je krijgt er iets prachtigs voor terug. Maar wat ik wel belangrijk vind om te benadrukken is dat je HG niet moet onderschatten, ook niet als vrienden of familie.
Als iemand vanuit hun omgeving steeds maar hoort dat ‘misselijkheid er gewoon bij hoort’, blijven ze misschien te lang doorlopen met klachten. Ik houd zelf ook niet van pity parties, maar de basis is vrij simpel: bagatelliseer het niet als iemand je vertelt hoe heftig ze het hebben. En begeleiding is belangrijk: ga liever een keer te veel naar de huisarts dan te weinig.”