Lotte Bastiaansen is moeder van Floris (5) en Julie (3) en hoofdredacteur van LINDA.mini. Bloedeerlijk en met humor neemt ze je mee in haar leven met jonge kinderen.
Ik weet het nog goed: het was op 6 september 2025 dat mijn leven compleet veranderde. Nee, dit gaat niet over de geboorte van een van de kinderen; dit was de dag waarop wij voor het eerst luizen bleken te hebben.
We liepen nog maar net de Efteling in toen mijn zusje opmerkte: “Ik zie ze wel veel krabben.” “Ja”, zei ik nog luchtig, “het is 25 graden, iedereen zweet. Ontspan.” Maar toch zat het me niet helemaal lekker, dus checkte ik even, daar in de rij van Carnaval Festival. En ja hoor: neten. Luizen. De hele mikmak. Ik wilde acuut naar huis om alle luizenshampoos, lotions en kammen van Nederland op te kopen. Tegelijkertijd probeerde ik krampachtig te doen alsof er niets aan de hand was. En laten we eerlijk zijn: dat ging me vooral om mijn eigen hoofd. Dus toen we bij de Droomvlucht stonden en ze vroegen: “Mama, kom je naast me zitten?”, zei ik: “Nee schatjes, mama slaat even over, ga maar lekker naast papa.”
Alleenstaande vader Diego (34) is dolblij met zijn zoon, maar: 'Adoptie begint bij een rouwproces'
Ik probeerde het los te laten, echt. Maar het lukte niet. Dus namen we de kortste route in het Sprookjesbos en zijn we vervolgens linea recta naar het winkelcentrum gereden. Daar kocht ik voor tachtig euro aan luizenspul.
Thuis ging ik los. Iedereen in de shampoo. Alles in de was. Ook alle knuffels, kleding en kussens van de bank. Terwijl ik heus al had gelezen dat dat officieel niet meer hoefde, maar succes met rationeel blijven als je net een complete luizenbevolking op het hoofd van je kind hebt ontdekt.
Regels als ‘pas na een week opnieuw behandelen’ negeerde ik volledig. Ik zat op een soort agressief was- en kam-schema, waarvan zelfs die luizen dachten: doe even rustig. Mijn schoonzussen, collega’s bij het koffiezetapparaat; iedereen moest eraan geloven. “Hoe lang duurde het bij jullie?”, vroeg ik licht panisch, terwijl ik ze indringend aankeek alsof het een medische noodsituatie betrof. Ik klemde me vast aan hun antwoorden. Een keer behandelen? Klinkt goed. Een maand? Paniek. En toen iemand zei: “We hebben ze haast chronisch”, heb ik diegene mentaal meteen uit mijn leven geschrapt.
Drie weken later en ongeveer 150 euro verder waren we er vanaf. Mijn trauma is gebleven. Tot op de dag van vandaag moet ik mezelf als ik iemand zie krabben – al is het in de rij van de supermarkt – actief toespreken om niet ongepast diens hoofd te gaan inspecteren.
Niets missen van LINDA.mini? Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief en download de LINDA.mini-app.
‘Er wordt ongelooflijk veel van ons ouders verwacht, nog het meest door onszelf’

















