Afgelopen weekend ging ik met de meiden met het vliegtuig naar vrienden in Zuid-Frankrijk. Het was vanouds: gezellig, zonnig en ontspannen. Maar zodra ik een luchthaven betreed schiet m’n bloeddruk omhoog. En dat is niet vanwege angst en al helemaal niet uit vliegschaamte.
Het is alsof het slechtste bij iedereen naar bovenkomt. De stress is blijkbaar torenhoog bij het gros van de reizigers die in of uit een vliegtuig stapt. Misschien was in Nice de aanwezigheid van een dozijn mannen in kogelvest met mitrailleur daar aanleiding voor.
Het begint bij de chaos die inchecken heet. Kriskras door elkaar heen lopende mensen, ruziënde stellen of zuchtende tieners. Daarna met stip op nummer 1: de security. Laten we elkaar geen mietje noemen: we vinden het standaard onaardige mensen die achter de band en het computerscherm zitten. “Ze moeten je niet zo toeblaffen”, zei mijn oudste. Maar hoe zou jij reageren als je elke drie à vier passagiers moet uitleggen dat je toch écht je laptop uit de tas moet halen, je jas moet uitdoen en niet een waterfles mee kunt nemen? Al vlieg je één keer in de zeven jaar, dat weet je toch wel inmiddels?
Waar is etiquette-goeroe Reinildis van Ditzhuyzen als je haar echt nodig hebt, dacht ik toen ik een vlucht aan Duitsers meer dan een half uur voor boardingtijd al in een rij bij de smalle gate zag staan, waardoor andere gates voor vertrekkende passagiers niet te bereiken waren. Dat resulteerde in ruzie en opstootjes omdat mensen dachten dat anderen voordrongen, die juist alleen wilden passeren omdat zij wél netjes op tijd kunnen boarden.
“Ik bin Gruppe Ein”, schreeuwde een vrouw die door de meute verguisd werd omdat ze zich al duwend een weg naar voren baande. “Wir wirden allen rein kommen”, hoorde ik, terwijl ik het claustrofobische tafereel gadesloeg vanaf een stoel waar ik overigens ook onder de voet werd gelopen. Des te idioter ik het gedrag van een ander vind, des te groter mijn behoefte aan duidelijke vliegetiquette. Vooral voor de ander, uiteraard.

Een vliegreis zou veel netter en soepeler verlopen als iedere passagier weet hoe het hoort. Is je vliegtuig geland maar staat de kist nog niet aan de gate? Blijf dan zitten. Dat lichtje ‘riemen vast’ brandt niet voor niks. En die vijf minuten extra op twee uur vliegtijd maken toch weinig uit. Hele volksstammen staan al op als het ding net stilstaat. Men pakt de bagage en blokkeert de gang. Ik heb van een piloot wel eens gehoord dat sommige collega’s in de cockpit in zo’n situatie expres nog even op de rem staan.
Heb je vliegangst, of sta je op het punt een aansluiting te missen, dan snap ik de haast. Maar je kunt mij niet vertellen dat de helft van tweehonderd passagiers een connecting flight heeft. “Ja maar Maaike, jij bent klein”, zei een vriend bij wie ik bij thuiskomst mijn beklag deed. “Als je, zoals ik bijna twee meter bent, dan wil je snel opstaan. Niet dat ik dat doe, maar ik snap het wel. Voor mij zijn de mensen die op vluchten ineens hun stoelleuning vol naar achteren gooien, veel meer een last. Ik weet dat het mag, maar waarom kijk je niet eerst even naar achteren voordat je gaat slapen? Als je ziet dat er een lange kerel zit, die nauwelijks met z’n knie bewegen kan, beslis je misschien anders.”
En dan heb ik het nog niet gehad over het gevalletje laat maar: klappen na de landing. Op de heenreis werd de kist met een grote smak op het Franse asfalt gesmeten, het leek daarna alsof we de enigen waren die niet applaudisseerden. Op de terugweg zette de piloot het vliegtuig juist geruisloos aan grond. Zachter heb ik het nog nooit meegemaakt. “Nou ja”, zei een van de dochters. “Ik snap er niks van, want áls je dan klapt, doe het dan als het perfect gaat. Toch, mam? Hoe zit dat eigenlijk?”
Ik dacht aan een artikel over vliegangst waarin stond dat juist zij die bang zijn, of zeer weinig vliegen vaker klappen. Dat het een soort ontlading is. Maar vliegen is ook iemands werk, en ik klap ook niet voor de vuilnisman, de krant of de kapper. Ik besloot daarom maar mijn mond te houden en haalde de schouders op. Reinildis, die had vast het juiste antwoord geweten.
