Ik krijg een foto van mijn geliefde samen met zijn dochtertje. Zij zit op hockey en na een gewonnen wedstrijd stuurt hij mij trots een foto. Ah, zo lief, denk ik: pebbles. Dat is namelijk wat mannen doen om te verbinden: zeker als ze dat niet zo makkelijk in woorden kunnen, doen ze dat met een pebble.
Mannen zijn in het algemeen verbaal wat minder kundig op het gebied van romantiek dan vrouwen.
Wanneer hij tegen ons zegt: “Ik houd van je”, geven we direct bakken met wisselgeld: “Ik ook van jou! Héél véél.” Dolgelukkig met zijn uiting van genegenheid. Maar je hebt ook mannen die het nooit zeggen of niet vaak genoeg, waardoor je gaat bedelen: “Houd je van me?”, en al snel de wedervraag krijgt: “Anders was ik hier toch niet?”
Zijn gebrekkige liefdestaal wil echter helemaal niet zeggen dat hij minder van jou houdt dan jij van hem. Soms moet je meer tussen de regels doorlezen en vind je ‘penguin pebbles’.
Deze uitdrukking is afkomstig uit de hofmakerij van pinguins. Pinguins leven op rotsige stranden en wanneer een mannetjespinguïn verliefd is, gaat hij op zoek naar de allermooiste glimmende kiezelsteen – pebble – die hij kan vinden. Die brengt hij vervolgens naar het vrouwtje van zijn keuze en legt hem voor haar voeten neer. Als ze tevreden is met zowel de pebble als meneer, legt ze hem in het nest en blijven ze hun leven lang bij elkaar.
En niet menselijks is hen vreemd, want zoals er in de mensenwereld altijd kapers op de kust zijn, is dat onder pinguïns niet anders. Er zijn mannetjes die zelf maar geen mooie steen kunnen vinden en in uiterste liefdesnood dan maar iets uit andermans nest stelen. Bij het vrouwtje van hun keuze maken ze dan goede sier met hun gestolen glimmer door net te doen alsof ze hem hoogstpersoonlijk hebben opgescharreld.
Menselijke mannen geven ook pebbles aan hun uitverkorene. In de meest letterlijke zin is het een ring met een (edel)steen. Maar voor het zover is, geven ze kleinere pebbles. Niet dat we per se zoals pinguïns een leven lang bij elkaar blijven, maar het is wel een uiting van liefde en een poging een diepere connectie te maken. Er zijn tal van voorbeelden waar je in eerste instantie niet bij stilstaat, maar het zijn wel degelijk pebbles. Bijvoorbeeld wanneer een man een foto met zijn kind naar je stuurt. Dat is iets heel persoonlijk. Hij laat zien wat belangrijk voor hem is en van wie hij houdt en betrekt zo bij iets heel intiems; pebbles.
Ik heb ook weleens een jeugdfoto gekregen van mijn geliefde. Een schattig jochie met zusje. Hiermee onthult hij meer van zichzelf, tegelijkertijd flirt hij en trekt hij je aandacht zonder dat hij zich daar echt bewust van is: pebbles. Een foto van hemzelf, van zijn biertje wanneer hij met vrienden op het terras zit, zegt dat hij iets met je wil delen: pebbles.
Het lijkt allemaal terloops, maar al deze moeite doet hij om een plekje in jouw hoofd, jouw gedachten te krijgen. Want ieder mens, ja ook een man, verlangt naar aandacht en verbinding en geeft daarvoor een signaal af. Of het nu met woorden is: “Wat heb je gegeten vandaag?”, gezichtsuitdrukking – een knipoog of een luchtkus – een grappig TikTok-filmpje of een meme, we laten die ander subtiel weten dat we verlangen naar hun liefde. De Health Library legt hierover uit dat zoals pixels een foto maken, dit soort signalen het fundamentele en centrale uitgangspunt in elke relatie zijn, de pixels.
Vaak is het maar een subtiel teken, want niet ieder mens durft zich kwetsbaar op te stellen. Wanneer je zonder omwegen om aandacht vraagt en dat wordt niet goed ontvangen, voelt de afwijzing veel erger dan wanneer je een simpel Insta-fotootje doorstuurt.
Ik heb geleerd de pebbles te zien en ik koester ze. Klein en groot. Want ze verschillen soms in formaat. Zoals laatst. We waren bij kennissen uitgenodigd om te eten. Voor mij was er aparte pastasaus; ik ben immers vegan. Toen iedereen de saus pakte, nam Mehmet uit mijn vegan schaal, waarop de gastvrouw nogal verbaasd reageerde. “Ik eet met Sophie mee”, zei hij vriendelijk en smikkelde zijn vegan pasta zonder verdere uitleg weg.
Eenmaal op de terugweg zei hij in de auto tegen me: “Ik laat mijn liefje toch niet apart eten.” Dat was geen pebble, dat was een prachtig glimmende Drentse kei.
