Emma en haar vriend Lars krijgen een tweede meisje. “Zo’n klein piemeltje had ik ook wel leuk gevonden. Ik kom zelf uit een gezin van drie meiden en zei al tegen mijn zussen: ‘Onze familie is een heksenkring’. Ik gun Mia wat ik heb met mijn zussen. Het is fijn om mensen te hebben die je ouders kennen zoals jij ze kent. Misschien gaan mijn dochters elkaar wel haten, maar dan nóg hebben ze iemand met wie de band uniek is.”
‘Live and learn‘ is haar motto, ook in het moederschap. “Eigenlijk ben ik nooit onzeker of ik het wel goed doe – idem voor toen ik zwanger was. In de middeleeuwen baarden vrouwen ook, dus waarom zou ik het dan niet kunnen? Als ik zie hoe hoog sommige momfluencers de lat leggen, denk ik vooral: vermoeiend. Mijn algoritme zit nu vol met moeders die een tweede krijgen, maar ik trek me weinig aan van alle adviezen.”
“Mia was een sterrenkijker, dus ze kwam met iets meer risico, maar dat kreeg ik amper mee. Ik had een remifentanil-pompje, waardoor ik lekker lag te spacen. Alleen die laatste centimeter duurde verschrikkelijk lang, zes uur of zo. Wat boeit die laatste centimeter, ruk het gewoon open, dacht ik. Toen ik eenmaal mocht persen was ik zo blij dat ik eindelijk iets mocht doen! Lars stond met een washand en een appelsapje naast me en wist ook nog heel mooie foto’s te maken. Die verloskundige zei natuurlijk alleen maar dat ik er bijna was en alles goed ging, maar aan Lars merkte ik echt hoever ik was. Ik zat in zo’n hyperfocus, er was op dat moment niks anders op de wereld behalve hij en ik.”
Omdat die eerste bevalling zo’n goeie ervaring was, ziet ze niet op tegen deze keer. “Als ik eenmaal bezig ben, denk ik vast what the fuck – maar dat merk ik dan wel. Ik kan mezelf heel slecht bang maken. Zorgen hebben over dingen die nu niet aan de hand zijn: dat doet mijn brein niet. Wel wil ik deze keer een ruggenprik. Ik heb de vorige keer de ene variant gehad, nu ben ik wel benieuwd naar de volgende ervaring. En waarom zou ik eigenlijk die pijn moeten doorstaan?”